+ Meer informatie

Charles: Onderzoek naar affaire ex-butler

2 minuten leestijd

LONDEN (AP) - De secretaris van de Britse kroonprins Charles, Sir Michael Peat, heeft gisteren aangekondigd dat hij een intern onderzoek zal doen naar de stopzetting van het proces tegen wijlen prinses Diana's ex-butler Paul Burrell. Peat zal ook de beschuldigingen onderzoeken dat een voormalig lid van Charles' staf slachtoffer is geworden van homoseksuele verkrachting.

Het proces tegen de van diefstal beschuldigde Burrell kwam op vrijdag 1 november plotseling ten einde door interventie van koningin Elizabeth II. Zij zei dat Burrell haar eerder had verteld dat hij om veiligheidsredenen enkele bezittingen van Diana had meegenomen. Haar verklaring was voor het OM voldoende om de zaak te seponeren. Critici voerden onmiddellijk aan dat de koninklijke familie wilde voorkomen dat zij door een getuigenis van Burrell voor de rechter in verlegenheid zou worden gebracht.

Peat zei dat hij ook de verkrachtingszaak en de kwestie van de veronderstelde verkoop van koninklijke geschenken zal onderzoeken. "Ik, en veel belangrijker de prins van Wales, zijn volledig bereid tot openheid en verantwoording. Er zijn bepaalde vragen gesteld en de prins van Wales heeft mij verzocht die te beantwoorden."

Peat zal assistentie krijgen van een bekende jurist, Edmund Lawson, en na de kerstdagen verslag doen. Mogelijk zal uiteindelijk een extern onderzoek volgen, maar dat zou moeten worden gelast door de regering, niet door de prins, aldus Peat. Een woordvoerster van Buckingham Palace zei dat de koningin niet door Peat wordt gehoord, omdat alle informatie over de betrokkenheid van Elizabeth uitvoerig in de media is afgedrukt.

De krant The Mail on Sunday bracht afgelopen zondag een interview met een voormalige bediende van Charles, de 42-jarige George Smith, waarin deze zegt dat hij in 1989 en later nog eens door een medewerker van Charles is aangerand. Het tweede incident zou hebben plaatsgevonden terwijl beiden Charles vergezelden op een bezoek aan Caïro.

Het bureau van Charles zei dat Smith de aanrandingen pas in 1996 had gemeld. Er was toen onmiddellijk een onderzoek ingesteld, maar de politie was niet ingeschakeld, omdat "er geen bewijzen waren en omdat de betrokken persoon de zaak niet wilde laten vervolgen." De beschuldiging was in 2001 opnieuw geuit en de politie stelde een onderzoek in, maar het OM zag af van vervolging, aldus het bureau.

Een woordvoerster van Charles herhaalde zondag dat de politie geen bewijzen had gevonden voor de beschuldigingen van Smith, en dat deze, als hij nieuwe bewijzen heeft, die onmiddellijk dient te overleggen.

De kwestie van de koninklijke geschenken heeft betrekking op beschuldigingen dat een persoonlijke assistent van de prins ongewenste geschenken van Charles verkocht en 20 procent van de winst had achtergehouden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.