+ Meer informatie

Regionale reformatorische getuigenisdag in Putten

THEMA: „GEHEIMENIS DER WETTELOOSHEID"

7 minuten leestijd

PUTTEN — „In welke tijd leven wij? Die vraag is op verschillende manieren te beantwoorden. We leven in 1976, het jaar van de spanningen rond het Oranjehuis en in Libanon, politiek gezien het jaar van het kabinet-Den Uyl en de pretentieuze PvdA, cultuurhistorisch op een breukvlak der geschiedeiiis. Maar wij bezien onze tijd vanuit geestelijk oogpunt: de tijd waarin Jezus Christus zit ter rechterhand Gods, maar ook de tijd van het geheimenis der wetteloosheid".

Zo begon zaterdagochtend ds. J. H. Velema, Chr. Geref. predikant te Nunspeet, zijn toespraak tot de enkele honderden mensen, die de weg naar „De Aker" in Putten hadden weten te vinden. Ds. Velema, voorzitter van het bestuur der stichting ICCC-Nederland, sprak op de eerste regionale getuigenisdag van de Internationale Raad van christelijke kerken (ICCC), die — met twee andere, gepland in Hoogeveen en Middelburg — de landelijke reformatorische getuigenisdagen van de ICCC moet vervangen.

Op de laatste dag, vorig jaar in de Expohal te Hilversum, is het principebesluit genomen, dat men — mede gezien de relatief geringe opkomst op deze laatste der vier landelijke dagen — voortaan de zaken meer regionaal zou gaan opzetten. Het resultaat van deze eerste dag in Putten was niet zo bemoedigend; het is dan ook nog niet zeker, dat de bijeenkomsten in Hoogeveen en Middelburg zullen doorgaan, resp. op 6 en op 20 novembera.s.

Geheimenis

De dag stond in het teken van 2 Thessalon. 2: „Het geheimenis der wetteloosheid". Bestuurslid ds. Joh. Verwelius. Hervormd predikant te Veenendaal, opende de bijeenkomst met een kort welkomstwoord, waarna ds. Velema op de bijbelse en exegetische achtergronden van dit geheimenis der wetteloosheid inging.

De voorzitter van de stichting tekende eerst die duistere figuur uit 2 Thessal. 2, welk hoofdstuk door ds. Verwelius was voorgelezen. Die wetteloze wordt ook „zoon des verderfs" genoemd. Dat houdt niet alleen in, dat hij dood en verderf zaait, maar ook, dat hij zelf in dit verderf zal ondergaan. Hij heet ook de „tegenstander", Gods rivaal. Drie trekken vertoont die wetteloze: hij verheft zich tegen alles wat van God is, hij gaat op Gods plaats zitten en hij laat zichzelf als God vereren!

Verschijning

Dat is de toekomst, die ons te wachten staat. De verschijning van die wetteloze wordt op dezelfde manier aangeduid als de verschijning van de Zoon des Mensen: aan de horizon van het eind der tijden is er zijn „parousia". Is die wetteloze, die antichrist er al? Dat kunnen we nog niet zeggen; wèl weten we dat zijn „parousia" zich aankondigt ofschoon hij zich nog niet volledig openbaart.

Het geheimenis („mystèrion") van die wetteloze werkt echter al, is vol energie bezig. Het geheimenis is onbereikbaar voor de menselijke kennis en ook niet door mensen uitgedacht, aldus Velema. Het geheimenis is ook deel van het Goddelijk heilsplan. Het heilsmysterie en het mysterie van de ongerechtige behoren beide bij de opzet, die God heeft met Zijn schepping.

Die wetteloosheid is een reactie op Gods Wet, maar ze is niet overtreding van die wet, of verlkachting ervan of negéring; het is de tot een hoogtepunt gekomen zonde. Als we de wet overtreden en onze fout erkennen, weten we van een grens en een norm. De wetteloze wil dat niet weten; hij is de volstrekt autonome, die precies doet wat hijzelf wil, maling aan alles en ieder heeft. Het geheimenis der wetteloosheid is de satanische kracht, die al aan het werk is, hoewel nog niet ten volle zijn remmen zijn losgegooid.

Vroom wetteloos

Die demonische kracht werkte ook al in Paulus' dagen en kwam duidelijk tot uiting in de Franse Revolutie, toen de satanische geest van knecht tot heer werd, zo merkte de predikant op. Hij benadrukte echter, dat de wetteloze niet de kerk voorbijgaat: wie oren en ogen open heeft, ervaart die tekenen ook binnen de kerk.

Op het theologisch convent in Frankfort, ditmaal door de organiserende groepen gewijd aan het gevaar van sensitivity training voor de kerk, kwam dat ook naar voren. De groepsdynamiek, uitlopend op de totale ontpersoonlijking van de mens, heeft in de kerk in Duitsland al sterke invloed en beheerst theologiestudenten.

Zo vervaagt het onderscheid tussen christelijk en niet-christelijk, tussen waar en onwaar, aldus ds. Velema, die zich ook scherp keerde tegen prof. dr. G. Th. Rothuizen en zijn opmerkingen, dat het vloeken bij de EO (het gebruik van de Naam Jezus) minstens zo erg is als het Gods Naam misbruiken door de VPRO.

Ondertussen wilde Velema niet tegen anderen trappen: als we bij onszelf blijven, leven wij als Gereformeerden dan zo naar Gods Wet? Zijn wij in feite ook niet door — vrome — wetteloosheid besmet? zo vroeg hij, nog als concreet voorbeeld voor de wetteloosheid wijzend op de abortuswetgeving, die door het parlement is aanvaard.

Antithese

We leven, zo merkte hij op, in een tijd van voorbereiding: de wetteloze is op komst, al wordt de grote antithese uit het paradijs thans alom ontkend, mede dank zij Karl Barth. Wat moet nu onze houding zijn? De wetteloze wordt nog weerhouden. Wie hij is en wie dat doet? Er zijn veel verklaringen voor en we moeten niet één bepaalde naam of macht aanwijzen.

Maar de christen moet verstaan en onderscheiden, afstand nemen van het historisch procesmatig denken, de echte antithese weer beleven en wie Gods Wet bemint krijgt haar thuis. Dan is er ook uitzicht: alles is naar Gods plan, ook die komende afval, maar de wetteloze wordt overwonnen. Satan is heftig omdat hij weinig tijd heeft, maar Jezus Christus regeert en buiten de relatie met Hem is er geen zaligheid.

Het slotwoord van de ochtend werd gesproken door dr. J. C. Maris, secretaris-generaal van de ICCC. Hij weet de niet zo grote opkomst o.m. aan de concurrentie van andere vergaderingen (de EO hield bijv. een regionale dag in Zwolle, waar ds. Velema 's middags nog een toespraak moest houden), aan de aanbrekende herfstvakantie en vooral aan het feit, dat deze boodschap over het geheimenis der ongerechtigheid ook aan de grote massa van ons kerkvolk niet welgevallig is.

We zullen niet moeten rekenen op grote aantallen. Laten de aanwezigen echter in hun kerk of groep een lichtend voorbeeld zijn. Deze dag is geen mislukking, meende ds. Maris, al is dit alles wel een beeld van de tijd waarin we leven. Hij riep echter op, medestanders en vooral medebidders te zijn.

Anti-christ

Ook 's middags kwam ds. Maris hierop terug. Nadat ds. Verwelius de bijeenkomst had heropend, ging de secretaris-generaal in op de praktische kant van dit geheimenis der wetteloosheid. Hij wees erop, dat Paulus geen speculaties wilde over de zich openbarende anti-christ, zoals sommigen, die nu maar ophielden met werken. De anti-christ komt aan het eind van een zondenproces; in de hele geschiedenis gaat het om de antithese. De idealen van de Franse Revolutie zijn verkeerd in onvrijheid, ongelijkheid en vijandschap; zie maar de communistische landen.

In dit post-christelijke tijdvak moeten we op het leger der verschijnselen letten, die de tekenen der tijden vormen en de christen moet realist zijn, want Christus heeft dit alles voorzegd, aldus ds. Maris. Hij wees o.m. op het verdwijnen van de bede uit de Troonrede, op de scheiding van kerk en staat in Zweden omdat de massa niet meer wil, dat christenen in de staat de dienst uitmaken.

De wetteloosheid wordt steeds groter, aldus Maris, die erop wees dat het verleden altijd beter was dan het heden. De oude schrijvers vonden het in hun dagen al erg, maar nu is het nog veel erger. Op elk terrein is de geest van de antichrist werkzaam; dat is niet de schuld van een groep of de overheid, maar het is eigen aan de mens als zodanig. Maar naar Ezechiël 9 en Psalm 119 moeten we er wel bedroefd over zjjn.

Valse godsdienst

Dat de wetteloze zal komen liet ds. Maris vervolgens zien aan de hand van tal van kranteknipsels van o.a. RD, Telegraaf enz.: abortus, alcohol, sex, drugs, toegenomen zelfmoord. Internationaal speelt hetzelfde een rol als in ons land. De wetteloosheid zal uitlopen op de valse godsdienst. Zo kan het gebeuren dat een Russische geheime agent van de KGB, metropoliet Nikodim, in het presidium zit van de Wereldraad van kerken, aldus Maris die zich afvroeg, hoe het mogelijk is dat de Hervormde Kerk nog lid van die raad kan blijven.

Zijn toespraak werd voorafgegaan en gevolgd door een mooie koorzang van het Hervormde Psalmzangkoor uit Elspeet. In zijn slotwoord stond ds. R. E. Kuus, Hervormd predikant te Putten, stil bij het ABC der wetteloosheid, zoals Maris dat had getekend. Er is echter ook, zo stelde hij, een ABC des geloofs, naar het woord van Comrie. In Christus zal er herstel zijn, hoe ook de wetteloze lijkt te heersen.

Met het zingen van twee coupletten van het Wilhelmus werd deze regionale getuigenisdag besloten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.