+ Meer informatie

De Christinnereis is voor jong en oud

5 minuten leestijd

28.

De vorige keer werd het ons op het hart gebonden steeds te staan naar meer diepgang in ons geestelijk leven. Daartoe wordt de waarachtige bekering ons aangeprezen in de Schrift. Wordt dat verzuimd, dan is dat satan bekend, en hij weet van onze verachtering in de genade tot verzwakking in het geloof gebruik te maken. Tegenover onze geestelijke vijanden hebben wij ons te wapenen, behoren wij paraat te zijn.

In verband daarmede zei Barmhartigheid: „Ik meen te mogen zeggen, dat ik mij in deze vallei beter op mijn plaats gevoel dan ergens elders. Ik geniet op zulk een plek, zo ver verwijderd van al het rumoer der wereld. Mij dunkt, hier is zulk een heerlijke gelegenheid om ongestoord na te denken over hetgeen men is, vanwaar men komt, wat men gedaan heeft en waartoe de Koning ons heeft geroepen. Hier is het de rechte plaats om in te keren tot zichzelf en in verbrijzeling des harten tranen te storten. Want hun, die in rechte stemming door het Bacadal gaan, wordt het tot een fontein; regen, die God van de hemel nederzendt op hen, die hier zijn, en verkwikt hen overvloedig. Deze vallei is die, waarin de Koning de Zijnen hun wijngaarden zal geven. En zij, die er door gaan zullen zingen gelijk de Pelgrim deed, niettegenstaande hij Apollyon ontmoette”.

„Gij spreekt de waarheid”, sprak Stoutmoedig, „menigmaal ben ik deze vallei doorgegaan en immer was het mij goed. Ook heb ik vele pelgrims er door geleid en zij betuigden hetzelfde. Op deze zal Ik zien, zegt onze Koning, op de arme en verslagene van geest en die voor Mijn Woord beeft”.

Ja, dan is de hof des harten vol edele vruchten. Vanuit de wijngaarden des Heeren wordt de vrolijkheid van de gelovigen beluisterd en de weerklank der bergen vernomen. Deze innerlijke ootmoedige beleving behaagt de Heere en is anderen tot stichting. Al sprekende vanuit het leven der genade, waren zij nu op het punt gekomen, waar de Pelgrim te voren zulk een zware strijd had door te maken. „Hier is het”, zeide Stoutmoedig. „Hier stond de Pelgrim en daarginds kwam Apollyon op hem aan. En ziet, heb ik het u niet gezegd? Nog zijn de droppelen bloeds op deze stenen zichtbaar! En overal de splinters van Apollyons speren! Men kon zelfs nog zien hoe de grond is omgewoeld om vast te kunnen staan tegenover elkander en hoe hun zwaardslagen stenen hebben vergruisd. Waarlijk, de oude geschiedenis kan op geen held wijzen, die zich kloeker heeft gedragen dan de Pelgrim hier heeft gedaan. Toen Apollyon moest aftrekken, trok hij zich terug in de doodsvallei, waar wij ook eenmaal moeten doortrekken. Maar ginds staat het gedenkteken, waarop die strijd vermeld staat, en waarop de overwinning door de Pelgrim behaald, wordt verkondigd aan het nageslacht! „ Vanuit de strijd en de overwinning van de ander is bemoediging te bekomen. In de strijd tegen satan, zonde en ongeloof hebben wij, naar hun getuigenis te zien op de overwinning van Christus. Hij heeft satans kop vermorzeld, de zonde genageld aan het kruis en tot in de diepste diepte van de hel getriomfeerd over het ongeloof. Voor de zwakken in zichzelf is het sterk zijn in Hem, want door de sterkte van de mens, het steunen op die ijdelheid, kan het hart niet komen tot het vertrouwen op Christus, tot overwinning.

Daar de sprekende zuil, waarvan zoëven reeds gesproken werd, nu vlak voor hen stond aan de zijde van de weg, traden zij er naar toe en lazen het opschrift, dat aldus luidde:


Een zware strijd eens hier begon,
Vreemd klinkt het, toch is ’t waar —
Toen Pelgrim en Apollyon
Fel kampten met elkaar.

Zo manlijk biedt de man verweer,
Dat straks zijn vijand zwicht.
Zijn zegepraal ter eeuwige eer
Is deze zuil gesticht.


Van tijd tot tijd drong een gesis als van slangen tot hen door, maar er kwam geen enkel dier tevoorschijn. Toen vroegen de knapen: „Zijn wij nog niet aan het einde van deze droevige plaats?”

Maar de gids spoorde hen aan toch goedsmoeds te blijven en goed voor zich uit te zien, „anders”, zeide hij, „zoudt ge licht in een strik kunnen vallen!”

Maar in weerwil van zijn bemoedigingen werd Jacobus ziek, en ik geloof dat het louter vrees was, die hem vervulde. Zijn moeder gaf hem een weinig van de versterkende drank, die zij had meegekregen uit het huis van Uitlegger, en drie van de pillen van Dr. Kennis.

Nu werd hij spoedig wat beter en zij vervolgden hun weg.

Toen zij ongeveer halverwege de vallei gekomen waren, zeide Christiaan: „Mij dunkt, ik zie daarginds voor ons op de weg iets, als ik nog nooit heb gezien”.

Toen zeide Jozef: „Moeder, wat is het? ”

„Een lelijk ding”, zei ze.

„Maar moeder, waar lijkt het op?” zei hij.

„Het lijkt op, ja, ik kan niet zeggen wat”.

Nu was het slechts een eindje van hen af. Toen zeide zij: „Het is dichtbij”.

„Komt”, zeide Stoutmoedig, „laat allen, die beangst zijn, dicht achter mij blijven!”

Nu kwam de vijandige gedaante vlak bij hen, maar op hetzelfde ogenblik was zij ook verdwenen en nu kwam hun te binnen wat er geschreven staat: „Wederstaat de duivel en hij zal van u vlieden!”

Wat zou Jakobus bij het staan voor deze verschrikking vanuit de duisternis gevreesd en gebeefd hebben, zo de drank van Uitlegger hem niet versterkt had in zijn wilskracht, en de pillen van Dr. Kennis voor zijn denkkracht niet verhelderend geweest waren. Gelukkig hadden de pelgrims met de grote moeilijkheid van zijn ziekte hier niet te kampen. Deze blijken van Gods zorgende liefde waren aller hart tot verkwikking. Laat ons deze les ter harte nemen om de middelen die de Heere ons gaf, biddende te gebruiken tot versterking van het geloof, want daarin is onze geestelijke wilskracht en denkkracht voor het moedig volharden op de weg.

Nijkerk

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.