+ Meer informatie

Mr. J. Spee: „Velen nemen het autorijden niet meer serieus "

8 minuten leestijd

Als politieman kon Koos Spee wegpiraten alleen maar verbaliseren. In zijn huidige functie als officier van justitie heeft hij de mogelijkheid ze steviger aan te pakken. Van die mogelijkheid maakt hij gepast gebruik. De mentaliteit van de Nederlandse automobielbestuurder vereist naar zijn stellige overtuiging een harde aanpak. Als het aan mr. Spee ligt moeten alle automobilisten in de toekomst minstens één keer in de vijf jaar op herhaling. Een soort APK-keuring voor rijbewijshouders

.

Onder de smoezen die mr. J. Spee de achterliggende jaren heeft gehoord, zijn er van uitnemende l

Verkeersofficier
De carrière van Spee is niet alledaags. Via de tuinbouwschool en de warme bakkerij naar de Haagse politie, om daar via de recherche op te klimmen tot brigadier. De gedachte dat hij nog dertig jaar op die post zou zitten, inspireerde hem tot avondstudie. In drie jaar behaalde hij zowel het havo- als atheneumdiploma. Aansluitend soüiciteerde hij naar de functie van verkeersschout, waaraan een opleiding van drie jaar verbonden was. In het laatste jaar van deze opleiding begon Spee in Rotterdam aan de rechtenstudie, die hij binnen drie jaar afrondde. Hij promoveerde tot officier van justitie en raakte al snel bekend als de "verkeersofficier" van Utrecht. Over het gedrag van de Nederlandse automoblist is hij matig te spreken. „Elke dag zie ik situaties waarvan ik denk: hoe is het mogelijk! Je kunt grofweg drie categorieën onderscheiden. Er zijn mensen die zich keurig aan de regels houden, een wat slordiger groep en de echte wegpiraten. De middelste en de laatste groep zie ik steeds groter worden."

Geen geduld
Valt het rijgedrag van de Nederlander in negatieve zijn op? „Van de zomer ben ik in Frankrijk geweest. Dan denk je: liet valt in Nederland nog wel mee. In Duitsland net zo. Daar zit je met dat hinderlijke geblaas en geknipper van snelheidsmaniakken achter je. Maar in Engeland gedragen mensen zich nog als heren in het verkeer. Waar het in Nederland aan schort is geduld. Men gunt elkaar de lengte niet, geen meter. Neem die zenuwlijders die constant van rijstrook wisselen om een minuut te winnen. Afschuwelijk. Het tweede is dat velen in ons land het autorijden niet meer serieus nemen. Ze benutten de tijd in de auto voor telefoongesprekken, aantekeningen maken, bandjes inspreken en ga zo maar door. Terwijl ik denk dat het tegenwoordig zo druk is op de Nederlandse wegen, dat je al je aandacht bij het verkeer hoort te houden. Voor je het weet parkeer je je wagen tegen de vangrail." Hoe verklaart u de massale overtreding van verkeersregels? „Vooral door de algemene normvervaging in de maatschappij. Veel mensen zijn nog te beroerd om richting aan te geven. Het ik-gerichte neemt alleen maar toe. Ook dat komt tot uiting op de weg. In het sociale verkeer staat het niet zo netjes om steeds ik te zeggen. Maar in de auto ben je lekker anoniem. Vooral de bezitters van de duurdere klasse auto's hebben nogal eens het idee dat ze meer rechten hebben dan iemand met een klein autootje."

File
Leidt de daling van de verkeersmoraal tot een explosieve stijging van het aantal verkeersslachtoffers? „Gerekend naar het aantal automobilisten kun je denk ik niet zeggen dat er in ons land veel doden vallen in het verkeer. Maar elke dode is er een te veel. Door m'n werk heb ik maar al te vaak gezien wat een ellende het teweegbrengt als een kind van zestien of een kostwinner van 24 jaar verongelukt. Maar ook als een krasse tachtiger, die nog uit fietsen gaat, door de een of andere wegpiraat zeg maar rustig om zeep geholpen wordt." Zijn het rijgedrag en de agressie in het verkeer niet vooral een gevolg van de verkeersdichtheid? „Die indruk heb ik wel. Het staan in de file wordt als verloren tijd gezien. Ontstaat op enig moment wat ruimte, dan gaan mensen vaak jagen om iets van de verloren tijd in te halen. Dat red je niet. In m'n boekje heb ik gesuggereerd dat ziekteverzuim waarschijnlijk meer dan eens veroorzaakt wordt door stress in het verkeer. Rustige mensen zie je in de file veranderen in woestelingen. De laatste jaren krijg ik geregeld zaken van mishande- > ling in het verkeer op m'n bord. Portier opentrekken en een stoot uitdelen, elkaar van de fiets aftrekken en meer van dat soort zaken." Hoe verklaart u dat legio Nederlanders desondanks de file prefereren boven het openbaar vervoer? „Omdat het openbaar vervoer voor velen nog steeds geen alternatief is. Je zit bijna altijd met voor- en natransporten. Met de fiets naar de trein toe en van het station weer lopend, met bus of tram naar je werk. Ik rijd in twaalf minuten van Utrecht naar m'n huis in Soesterberg. Neem ik het openbaar vervoer, dan ben ik een uur onderweg. Dan kies ik er nog eerder voor om op een zomerse dag de fiets te pakken."

Prioriteit
De overheid probeert de mentaliteit te verbeteren door langs de •weg slogans te plaatsen als "Te hard rij den kost te veel". Werkt dat? „Als je het verkeersgedrag wilt verbeteren, moet je op verschillende paarden wedden. Bestuurlijke maatregelen, voorlichting en preventie horen in mijn opinie bij elkaar. Mijn boekje past in de sfeer van voorlichting en preventie. Binnen de bebouwde kom kun je door het aanbrengen van wegmeubilair als bloembakken en drempels de snelheid drukken. Daarbuiten zul je door een goed functionerend opsporingssysteem de piraten eruit moeten halen. Liefst voor iedereen zichtbaar. Dat heeft zeker naar de slordige rijders toe een preventieve werking. Ze moeten zien dat het loont om je aan de regels te houden."

Snelheidslimieten
Yerdient verkeersveiligheid een hogere prioriteit bij politie en justitie? „Het is een politieke keuze. Je kunt verkeersveiligheid niet ten koste laten gaan van fraudebestrijding en milieu. Als de overheid vindt dat er meer gecontroleerd moet worden op straat, zal daar extra geld voor uitgetrokken moeten worden. Je kunt het aan de bevolking niet verkopen dat de politie nog minder aandacht kan besteden aan inbraken en hondepoep op straat." U was een van de adviseurs bij de vaststelling van de snelheidslimieten in dit land. Bent u content met de huidige limieten ? „Zeker. De enige die ik aan zou willen passen is de limiet voor vrachtauto's op de autosnelweg. Die mag van mij naar de negentig kilometer, in combinatie met een fors boetesysteem wanneer die snelheid wordt overschreden. Voor personenwegens zijn de limieten goed. Op de snelweg is 120 kilometer per uur niet te hard. Waar het aan schort is het afstand houden." Is het niet de hoogste tijd dat binnen Europa uniformiteit in de snelheidslimieten wordt aangebracht? „Zeker. Ik denk ook wel dat we daar naartoe gaan. Voor de snelwegen is 120 kilometer een goede uitgangspositie, niet alleen in Nederland maar ook in Duitsland. De tijd dat je daar onbeperkt 200 kilometer kon scheuren is toch ook voorbij. Hoe vaak sta je niet in de file als je naar zuid-Duitsland wilt. En gaat er met die hoge snelheden iets mis, dan is het ook goed raak. Dan raap je zomaar twintig, dertig doden op."

Strafmaat
Zou wegpiraterij volgens u harder aangepakt moeten worden? „Ik kan met ons straffenarsenaal best uit te voeten. Waar het aan mankeert is de pakkans. Die moet verhoogd worden." Welke criteria hanteert u om de strafmaat vast te stellen ? „In de eerste plaats moet je vaststellen of sprake is van een overtreding of een misdrijf Ga je met tachtig kilometer door het rode licht binnen de bebouwde kom, en valt daardoor een dode of zwaar gewonde, dan spreken wij over grove schuld en kom je in de misdrijfsfeer. Dat zijn ook zaken die naar de meervoudige kamer van de rechtbank gaan. Daar wordt fors uitgepakt en moet je al snel denken aan gevangenisstraf en ontzegging van de rijbevoegdheid." Wordt rekening gehouden met complicerende factoren ? „Jawel. Het is een kwestie van maatwerk. Alle omstandigheden weeg je mee in je oordeel. Het weer, het uitzicht, de verkeersdrukte, het verkeersverleden van de overtreder en ga zo maar door. In het verleden heb ik wel aanrijdingen geseponeerd, omdat de omstandigheden het begrijpelijk maakten dat iemand een inschattingsfout maakte."

Partijtje meeblazen
U staat als een felle bekend onder notoire wegpiraten ? „Mja, fel, ik denk wel dat ik m'n partijtje aardig meeblaas. Door de ervaring ben ik een lastige officier als om het verkeerszaken gaat. In de periode dat ik verkeersschout was, heb ik m'n vrachtwagenrijbewijs en het busrijbewijs gehaald. Zo nu en dan rijd ik eens een dagje met een bus van West-Nederland rond of met een vrachtwagen van een transportbedrijf, om ook vanuit die positie het verkeersbeeld te kunnen inschatten. Zit ik met ernstige aanrijdingen, dan ga ik de situatie ter plaatse bekijken. Door m'n achtergrond kan ik ook redelijk uit de voeten met technische rapporten, dus al met al laat ik me niet snel inpakken door een slimme advocaat. Dat weten ze ook." U bent zelf de ideale automobilist? „Laat ik het zo zeggen, ik probeer het te zijn. Een schoenmaker hoort met nette schoenen te lopen, een kapper met een knap koppie en zo hoor ik als officier van justitie ervoor te zorgen dat mijn rijgedrag goed is. Anders heb ik geen recht van spreken." N.a.v. "Ik rij als een scheermes - Gedrag en wangedrag in het verkeer" door mr. J. Spee; uitg. Balans, Amsterdam; 103 pag., prijs ƒ 17,50. <

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.