+ Meer informatie

Driehonderd vijftig jaar Westerkerk

Burg. Polak opende expositie

4 minuten leestijd

AMSTERDAM — Donderdagmiddag opende burgemeester W. Polak van Amsterdam de tentoonstelling „De oude Wester 350 jaar". Hij gaf daarmee het startsein voor een reeks activiteiten die in verband met het 350-jarig bestaan van de Westerkerk in Amsterdam gehouden worden.

Op 7 juni is het precies driehonderdvijftig jaar geleden dat de Westerkerk officieel in gebruik genomen werd. Het is. nu de oudste nog in gebruik zijnde protestantse kerk van Amsterdam.

De Westerkerk, die werd ontworpen door de stadsbouwmeester Hendrick de Keyser, is vooral beroemd om de keizerskroon bovenop de veel bezongen 85 meter hoge toren.

Deze kroon werd geschonken door keizer Maximiliaan van Oostenrijk, als dank voor de steun, die Amsterdam tijdens de Hoekse en Kabeljauwse twisten aan de Oostenrijks-Bourgondische vorsten verleende. Sinds 1489 voert de stad Amsterdam de kroon in het wapen.

Ds. N. M. A. ter Linden, de predikant van de Westerkerk, sprak over de Westertoren in de tijd. De Wester moet een kerk blijven, zo zei hij. Een kerk voor alle mensen. Dat heeft ons altijd voor ogen gestaan en wij proberen daar op deze manier gestalte aan te geven. Bijvoorbeeld door in deze feesttijd een som geld bijeen te brengen voor de aanleg van een kerktelefoon. Die maakt het aan huis „gebondenen" mogelijk op zondagmorgen met ons verbonden te blijven, aldus ds. Ter Linden.

Kerk en Staat
Burgemeester W. Polak zei dat de grens tussen verleden en heden en tussen hedendaagse mensen vervaagt bij het zien en ondergaan van dit bijzondere monument. Polak ging in op de steun die de stad van Keizer Maximiliaan ontving. Daaruit vloeiden culturele en financiële voordelen voor Amsterdam voort om tot een wereldrijk te gaan behoren.

Rond 1600 was de band tussen de kerk en het stadsbestuur zeer hecht. Ambten liepen in elkaar over, de kerk werd in opdracht van het stadsbestuur gebouwd en er bestonden hartelijke betrekkingen tussen kerkeraden, predikanten en magistraten.

Sinds 1810 is, aldus Polak, de formele verbondenheid van kerk en staat verbroken. De Westerkerk geeft daarvan een symbolisch voorbeeld: De toren is bij de gemeente Amsterdam gebleven en de kerk werd overgedragen aan de Hervormde gemeente.

We leven, aldus Polak, in een tijd, waarin ondanks het feit, dat vele kerken leegstaan of leeg komen te staan, de Wester gelukkig nog steeds in vol bedrijf is.

Wij dienen echter niet alleen bij het verleden stil te staan. Hoe moet het nu verder met de Wester, zo vroeg hij zich af. De Wester is niet zomaar een monumentaal kerkgebouw, het is een monument van grote betekenis.

Restauratie
En dan is het van het grootste belang, dat op de kortst mogelijke termijn de plannen voor restauratie daadwerkelijk worden uitgevoerd.

Na de voltooiing van de restauratie van de Oude, de Zuider en de Nieuwe kerk een van de aan de gang zijnde restauratie van de Oosterkerk is het absoluut noodzakelijk, dat de met deze restauraties opgedane ervaringen, vakmanschap en organisatie niet verloren mogen gaan.

Burgemeester Polak zei verder dat hij een snelle start verwachtte van de restauratie. De middelen ontbraken echter nog.

Met het geven van de opdracht tot het luiden van de klokken verklaarde de Amsterdamse burgervader het jubileum van de Westerkerk voor geopend.

Tentoonstelling
De tentoonstelling, die tot 20 juni duurt, belicht de rijke geschiedenis van de Westerkerk. Er wordt ook uitgebreid aandacht besteed aan de Westertoren, die in de loop des tijds is uitgegroeid tot symbool van Amsterdam.

Er zijn schilderijen, prenten, avondmaals- en doopzilver, gildestukken, wapenborden van kerkmeesters, een houten model van de Westertoren en een Westerkerk van suikertaart te zien.

Veel plaats is ingeruimd voor Hendrick de Keijser, de beeldhouwer en architect, die de Westerkerk ontwierp.

Het dopen, trouwen en begraven, zoals dat door de eeuwen heen in de Wester heeft plaatsgevonden, wordt uitvoerig belicht.

Op de tentoonstelling hangen de orgelluiken die, in de 17e eeuw, door Lairesse werden beschilderd met voorstellingen van thans zeldzaam geworden muziekinstrumenten.

Een belangrijk schilderij op de tentoonstelling is dat van Breitner. Daarop is de doorbraak in de vorige eeuw van de Raadhuisstraat te zien.

Aandacht verdient de koperen lezenaar de zogenaamde dooptuin en het Koperen poortje, dat toegang geeft tot deze dooptuin.

De tentoonstelling „De Oude Wester 350 jaar" is dagelijks van maandag tot en met zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur geopend. De toegangsprijs bedraagt ƒ2,-.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.