+ Meer informatie

Embryo's als orgaandonoren

Beoordeel nieuwe technieken zorgvuldig om verantwoorde mogelijkheden ten goede te benutten

9 minuten leestijd

Zodra ergens ter wereld gekloonde schapen of runderen geboren worden, laait onmiddellijk de discussie op over het klonen van mensen. In een bijdrage over dit onderwerp, anderhalve week gelden, maakte prof. dr. E. Schroten onderscheid tussen het klonen van mensen en het klonen van cellen. Dit laatste zou dan een techniek zijn waarbij weefsel of zelfs organen gekweekt kunnen worden ten behoeve van de behandeling van patiënten.

Terwijl hij het geboren laten worden van gekloonde mensen afwijst, lijkt Schroten het gebruik van menselijke embryo's met het oog op weefsel- of orgaankweek wel toelaatbaar te achten. Hoe zit dit nu? Wat wil de regering verbieden en wat niet? Om verwarring te voorkomen zal ik overigens alleen spreken van "klonen" als het gaat om het totstandbrengen van genetisch identieke menselijke individuen, ook al gaat het nog 'maar' om menselijke embryo's. Bij "celkloning" zal ik, om het niet te ingewikkeld te maken, gewoon van cel- of weefselkweek spreken.

De discussie over het gebruik van menselijke embryo's bij het gaan kweken van weefsel of organen is actueel geworden door een advies van de Gezondheidsraad dat op 26 november vorig jaar is uitgebracht. Dat advies heeft betrekking op een wetsvoorstel inzake handelingen met menselijke geslachtscellen en embryo's, dat momenteel in voorbereiding is. De bedoeling van de wet is het gebruik van menselijke embryo's voor onderzoek te beperken tot drie gebieden: 1. onderzoek gericht op verbetering van de kennis van (on)vruchtbaarheid, 2. kunstmatige voortplanting, 3. erfelijke of aangeboren afwijkingen.

Stamcellen

In het genoemde advies vraagt de Gezondheidsraad aandacht voor een nieuwe vorm van wetenschappelijk onderzoek met menselijke embryo's, die op grond van de aangekondigde wet niet zou zijn toegestaan. Dit is de poging om bepaalde cellen uit een embryo van enkele dagen oud te kweken, die de oorsprong zijn van alle weefsels en organen die in het menselijk lichaam worden gevormd. Deze cellen worden embryonale stamcellen (ES) genoemd.

Met embryonale stamcellen van de muis wordt veel onderzoek gedaan. De belangrijkste toepassing is dat ze kunnen worden gebruikt om nieuwe erfelijke eigenschappen te introduceren in muizen, die daarna ook op volgende generaties worden overgedragen. Onderzoek van zulke genetisch gemodificeerde muizen is van onschatbare betekenis voor medisch-biologisch onderzoek.

Embryonale stamcellen van muizen worden ook als zodanig in weefselkweek gebruikt voor onderzoek naar de manier waarop stamcellen zich ontwikkelen in de richting van de honderden verschillende gespecialiseerde celsoorten van een volwassen individu.

Het is de overtuiging van een aantal onderzoekers verbonden aan het Hubrechtlaboratorium in Utrecht dat het mogelijk moet zijn om ook uit menselijke embryo's zulke stamcellen te isoleren en in het laboratorium te kweken. Zij voeren verschillende redenen aan om dat te gaan doen.

Inzicht

In de eerste plaats kan men gekweekte menselijke embryonale stamcellen, net als bij de muis, gebruiken om onderzoek te doen naar normale en abnormale ontwikkeling van de stamcel in het vroege embryo tot de gespecialiseerde cel in het kind als het wordt geboren (bijvoorbeeld spiercel, levercel, hersencel). Zulk onderzoek zal het inzicht verdiepen in het ontstaan van kanker en in de wijze waarop allerlei aangeboren en erfelijke afwijkingen ontstaan en tot uiting komen.

Ten tweede kunnen de stamcellen ook worden gebruikt als startmateriaal voor het opkweken van verschillende soorten cellen voor transplantatie. Patiënten die een aandoening hebben die samenhangt met het niet goed meer functioneren van bepaalde typen cellen -bijvoorbeeld patiënten met de ziekte van Parkinson- kunnen hiermee mogelijk behandeld worden. De onderzoekers van het Hubrechtlaboratorium zien hierin een alternatief voor het gebruik van weefsel afkomstig van geaborteerde menselijke vruchten. In verschillende landen in de wereld wordt hiernaar onderzoek verricht.

In Nederland is in de Wet op de orgaandonatie de transplantatie van foetaa l weefsel verboden. Ook het Lindeboom Instituut heeft hiervoor gepleit. In december 1997 heeft de Gezondheidsraad de regering echter geadviseerd om dat toch weer te gaan toestaan.

Onbeperkt aanbod

Interessant is nu dat vanuit de wetenschappelijke wereld dat gebruik van foetaal weefsel om praktische en ethische redenen wordt afgewezen. De onderzoekers van het Hubrechtlab menen nu dat door het kweken van embryonale stamcellen een in principe onbeperkt aanbod gecreëerd kan worden van cellen waarmee patiënten behandeld zouden kunnen worden.

Het zou vooralsnog overigens alleen gaan om patiënten die met cellen geholpen zouden zijn. Het kweken van vaste organen, bijvoorbeeld een nier, is nu in elk geval nog niet mogelijk. Van een met deze methode werkelijk opheffen van het tekort aan organen voor transplantatie is voorlopig helemaal geen sprake. De onderzoekers zelf zijn tamelijk realistisch, maar in de media ontstaat gemakkelijk een veel te optimistisch beeld.

Ingevroren embryo's

Bij dit kweken van embryonale stamcellen is geen sprake van klonen van mensen. De onderzoekers die ES-cellen willen kweken, willen ook helemaal niet klonen. Voor het kweken van ES-cellen zijn wel menselijke embryo's nodig die in dat onderzoek teloorgaan. De onderzoekers willen hierbij uitgaan van embryo's die zijn overgebleven van behandelingen met reageerbuisbevruchting.

Bij de behandeling met reageerbuisbevruchting worden haast altijd meer embryo's tot stand gebracht dan in één behandelronde in de baarmoeder van de vrouw worden ingebracht. De overgebleven embryo's blijven bewaard in vloeibare stikstof, bij min 196 graden Celsius. Komt in de eerste behandelronde geen zwangerschap tot stand, dan kunnen enkele ingevroren embryo's worden ontdooid om opnieuw te pogen een zwangerschap tot stand te brengen.

Het komt echter regelmatig voor dat een echtpaar geen kinderen meer wil, maar er nog wel embryo's van hen liggen opgeslagen. Op een gegeven moment moet toch worden besloten wat er met die embryo's gebeurt. Ze kunnen beschikbaar gesteld worden aan een ander paar dat zelf niet vruchtbaar is maar waarvan de vrouw wel een zwangerschap kan doormaken (embryodonatie). Een andere mogelijkheid is het weggooien van de embryo's of het gebruiken voor onderzoek.

In principe beslissen de ouders wat ermee gebeurt. Het blijkt dat een aantal ouders bereid is hun embryo's beschikbaar te stellen voor onderzoek naar het kweken van ES-cellen. Het huidige wetsvoorstel staat dat onderzoek echter niet toe. Het Hubrechtlab wil dit onderzoek niet beginnen voordat het door de overheid is toegestaan. Vandaar dat nu de Gezondheidsraad, na overleg met het Hubrechtlab, de minister adviseert ook dit onderzoek in de wet toe te staan.

De inkt van het huidige wetsvoorstel dat sommige vormen van onderzoek met embryo's toestaat, is nog niet droog of er gaan al stemmen op de mogelijkheden te verruimen.

Weggooien

De situatie ligt ethisch niet zo eenvoudig als het misschien wel lijkt. Uitgaande van de opvatting dat vanaf de bevruchting sprake is van een menselijk wezen dat volledige bescherming toekomt, kan men dit onderzoek afwijzen. Er gaan daarbij immers embryo's teloor?

Maar in de huidige omstandigheden gaat het om embryo's die vroeg of laat toch weggegooid zullen worden. Het klinkt misschien niet aardig, maar laten we er geen doekjes om winden: daar komt het op neer. Is het dan niet beter van die embryo's een nuttig gebruik te maken door er onderzoek mee te doen dat misschien wel leidt tot een behandeling van bepaalde patiënten? Het is niet de bedoeling voor dit onderzoek embryo's tot stand te brengen; het genoemde wetsvoorstel verbiedt dat ook.

Als eenmaal ES-cellen in een permanente kweek tot stand zijn gebracht, zijn geen embryo's meer nodig. En ook het ethisch bezwaarlijke gebruik van foetaal weefsel verkregen via abortus zou dan niet meer 'nodig' zijn.

Toch zou ik het gebruik van menselijke embryo's voor het kweken van ES-cellen willen afwijzen. Laat ik hiervoor kort enkele argumenten noemen.

Omdat een menselijk embryo pril menselijk leven is, uit Gods Schepperhand, is in elk geval het invriezen ervan ethisch niet verantwoord. Bij het ontdooien gaat 40 tot 50 procent dood. Dat nu 'overtollige' embryo's feitelijk beschikbaar zijn, is het gevolg van ethisch onverantwoorde handelingen. Het 'nuttige' gebruik betekent een medeplichtigheid daaraan.

Het argument van prof. Schroten dat een embryo pas een mens in wording is als het wordt overgebracht in de baarmoeder omdat het dan pas in relatie staat met de moeder, acht ik allerminst overtuigend. De positie in de baarmoeder máákt het embryo niet tot mens; alleen omdat het al mens ís, kan het zich in die positie als mens verder ontwikkelen.

Dat iemand ten dode is opgeschreven, wil nog niet zeggen dat van alles met hem gedaan mag worden, ook niet als die persoon zelf niet meer kan beslissen en niets zou voelen en de familie toestemming geeft.

Bepaalde redenen waarom het embryo niet als mens wordt gezien maar als biologisch materiaal wordt gebruikt -het heeft geen bewustzijn en kan nog niets denken of voelen- zouden ook van toepassing kunnen zijn op bijvoorbeeld comateuze patiënten.

Embryonale stamcellen zouden goed uitgangsmateriaal zijn voor het maken van een menselijke kloon. Omdat ES-cellen in het laboratorium gekweekt kunnen worden, zal het mogelijk zijn ze genetisch te manipuleren. Embryo's van een echtpaar kunnen dan eerst gebruikt worden om ES-cellen te kweken. In kweek zouden die cellen dan genetisch gemanipuleerd kunnen worden. Vervolgens kan een kern van een genetisch veranderde ES-cel in een ontkernde eicel van de moeder van dat embryo gebracht worden. Het aldus ontstane nieuwe embryo -in feite een kloon van het eerste embryo- kan daarna in de baarmoeder van diezelfde vrouw geplaatst worden.

Bij mijn weten bestaan er geen plannen voor zulk onderzoek; het Hubrechtlab wil dit zeker niet. Maar dat wil niet zeggen dat anderen het later niet gaan doen. Ten opzichte van pril menselijk leven is grotere voorzichtigheid en respect nodig dan nu soms getoond wordt.

Voor het onderzoek naar de embryonale ontwikkeling van de mens, waarvoor men ES-cellen wil gebruiken, kan gebruik worden gemaakt van allerlei modelsystemen tot en met embryo's van primaten (apen). Steeds meer blijkt dat de verschillen tussen de mens en de primaten op het punt van embryonale ontwikkeling zeer gering zijn. Wat betreft cellen en weefsels voor transplantatie naar patiënten zou men kunnen uitgaan van de gespecialiseerde stamcellen die in ieder weefsel voorkomen en die zorgen voor het normale proces van vernieuwing van het weefsel. Voor beenmerg wordt deze methode al jaren toegepast. Een volledig normaal beenmerg kan zich ontwikkelen uit een handjevol beenmergstamcellen.

Voor spier- en hersenweefsel gaat dit niet op. Daarin komen tijdens de volwassen levensfase geen stamcellen meer voor. Maar het is niet ondenkbaar dat deze weefsels zo kunnen worden gemanipuleerd dat de uitgerijpte cellen weer stamceleigenschappen krijgen. Op dit punt vallen wellicht lessen te leren uit het onderzoek dat heeft geleid tot het klonen van schapen en koeien.

Beheersing

We horen de laatste maanden van allerlei nieuwe ontwikkelingen op biomedisch terrein. De mens overschrijdt in zijn streven naar beheersing van leven en gezondheid wezenlijke normen. Dan lijken bepaalde problemen wel opgelost te worden, maar worden grotere problemen opgeroepen. Dit neemt niet weg dat we de verschillende nieuwe technieken wel zorgvuldig moeten beoordelen om verantwoorde mogelijkheden ten goede te benutten voor mensen die lijden aan ziekten en aandoeningen. Dit artikel is een poging daaraan een bijdrage te leveren.

De auteur is directeur van het Prof. dr. G. A. Lindeboom Instituut en bijzonder hoogleraar medische ethiek aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.