+ Meer informatie

De geestelijke begeleiding aan verstandelijk gehandicapten

5 minuten leestijd

Iets nieuws?

De mensen die achterblijven lopen thans voor in de belangstelling. Eindelijk... want het heeft wel lang geduurd. Zij waren „achter”en bleven achter!

Vooral door het werk van Philadelphia, de Vereniging van ouders en vrienden van het afwijkende kind, is de belangstelling en zorg open gegaan voor de verstandelijk gehandicapten.

Tevens staan we momenteel in een overgangsgebied van „betere" behandeling wat de wetenschappelijke aanpak betreft.

Onze kerken stelde een deputaatschap in voor de „geestelijke verzorging van lichamelijk en geestelijk gehandicapten”

Tot de taak van deputaten behoort: „het informeren, stimuleren en begeleiden van de kerken aangaande de ambtelijke dienst met betrekking tot de lichamelijk en geestelijk gehandicapten”

Gloed nieuw is deze belangstelling niet. In de eerste eeuwen van onze chr. jaartelling vertoefden deze mensen in of bij de kerk. Er werd voor en met hen gebeden. Een lid der kerk werd aangewezen als „duivelbanner” Iedere dag moest hij de „bezetenen” vertroostend toespreken en hem de handen opleggen.

Wij schrikken van de titel: „duivelbanner” wij protesteren tegen de benaming „bezetenen” maar men deed wat. Men gaf geestelijke zorg: bidden voor en met; handen opleggen.

Later is men van deze goede gedragslijn afgeweken en ging men minder fraaie middelen bedenken om de „boze geest” te drijven. Geen begeleiden maar lijden bracht men door het toedienen van stokslagen.

Iets anders?

Wij zien het vandaag anders dan in de eerste eeuwen. Totaal anders! Niet maar iets.

Wij spreken niet over „bezetenen”als het gaat om dèze mensen. In de vaktaal heten ze „oligofrenen”of „debielen, inbecielen, idioten”

De laatste jaren wordt de benaming geestelijk gehandicapten veel meer gebruikt. Naar mijn smaak beantwoordt dat woord „geestelijk”niet aanwat we bedoelen.

Immers we bedoelen mensen met beperkingen in de verstandelijke vermogens. Daar zit het aanwijsbaar tekort. Verder uiteraard ook in alle aspecten van de persoonlijkheid. Maar niet slechts „geestelijk”

Er zijn mensen met een lichamelijke handicap, zo zijn eT ook mensen met een verstandelijke handicap.

Er zijn vele oorzaken van zwakzinnigheid ook bij de ouders van deze mensen.

Laten we niet menen dat de gedachte aan „bezetenheid”niet meer leeft in deze tijd. Vooral onder eenvoudige gelovige mensen komt de vrees, dat de duivel een groot aandeel heeft telkens weer naar voren. Aanvallen van woede, ongeremdheid, godslasterlijke uitingen, het vloeken en schelden brengen op die gedachten.

Heel gewoon!

Wij moeten de geestelijke begeleiding aan verstandelijk gehandicapten heel gewoon vinden. Zij horen bij de gemeente. Zij hebben recht op begeleiding.

Begeleiding veronderstelt een weg. Ze zijn op de weg der kerk gezet. Ja, „aan allerhande ellendigheid, ja, aan de verdoemenis zelve onderworpen” maar wij bekennen „dat zij in Christus geheiligd zijn, en daarom als lidmaten zijner gemeente behoren gedoopt te wezen” Dat is allemaal heel gewoon!

Daarom moeten we in onze begeleiding ook heel gewoon zijn en heel gewoon doen. Niet te bizonder doen in het gesprek met ouders op huisbezoek; niet te kinderachtig in het praatje met deze mensen. Juist dat heel gewone, kinderlijke in onze begeleiding doet ’t

Bij het huisbezoek aan ouders met zo’n kind niet te gewichtig.

Naar uw vermogen

Bij iedere geestelijke verzorging aan de leden der gemeente doe je en zeg je wat je kunt. Iedere ambtsdrager behoort zijn ambtswerk te doen „naar vermogen”.Goeselijke begeleiding is op weg gaan met de schapen en lammeren naar de Goede Herder. Stapje voor stapje, woord voor woord. En dan goed opletten of ze mee kunnen komen. Niet te snel, s.v.p. Niet te hoog, s.v.p. Kalm aan! In de buurt blijven met uw zorg en liefde.

Zo moet het nu ook met deze mensen.

Naar hun vermogen

Bij iedere geestelijke verzorging aan de leden der gemeente doe je en zeg je wat ze hebben kunnen.

De geestelijke begeleiding van een werkman, een huisvrouw, een meisje van achttien of een grootmoeder van tachtig verschilt onderling. De een kan meer hebben dan de ander. Het behoort genuanceerd te gebeuren. Iedereen naar zijne wijs.

Zo ook aan deze mensen.

Deze mensen zijn tot dit verstand gekomen en dienen ,,in de voorzeide leer”naar hun vermogen onderwezen te worden (of te doen en te helpen!).

Als de Bijbel het over „geloven”in de zin van „belijden”heeft (dus in de zin van „hardop geloven” publiek onder woorden brengen wat je gelooft), wordt een woord gebruikt, dat eigenlijk betekent „hetzelfde zeggen”of „nazeggen wat je eerst voorgezegd is". Zo zullen we mensen met een verstandelijke handicap de woorden Gods moeten voorzeggen die ze ook kunnen nazeggen

Zo leert een moeder haar kind — dat — anders — is een gebed dat ’t kan na zeggen.

Het mag niet ovetr de „hoofden”heengaan- Hang de ruif niet te hoog (dat moet trouwens nooit gebeuren!).

Ter informatie

In het besef eTg onvolledig te zijn geweest volgt hier nog enige informatie.

Laat iedere kerkeraad zich abonneren op het contactblad van de vereniging Philadelphia. Administratie: Dillenburgstraat 33 te Utrecht.

„De gemeente en de geestelijk gehandicapten”is een publikatie van het Algemeen Diaconaal Bureau van de Gereformeerde Kerken in Nederland, te Utrecht.

Attendeert u de ouders eens op de serie onder de titel „Wat id'e Bijbel ons vertelt” van het Nederlands Bijbelgenootschap. Daar zijn al deeltjes van uit, o.a. „Jezus is geboren” „Jezus en de storm” „Bartimeus” Bruiloft in Kana” „Jezus is opgestaan", „Zacheüs” „De Barmhartige Samaritaan”en „Genezing van een verlamde” Bij elk deeltje kan een grammofoonplaat worden geleverd, voor hen die de tekst niet kunnen lezen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.