+ Meer informatie

SEKSUALITEIT EN PASTORAAT

8 minuten leestijd

Er is veel veranderd. Niet alleen de seksuele moraal, maar ook de beleving van de seksualiteit en de verwachting die mensen ervan hebben, zijn niet meer zoals vroeger. Het hebben van seks is een recht geworden. Er is ruimte gekomen voor alle mogelijke seksuele variaties. Seks wordt gebracht als ‘leuk, zolang je er maar van genieten kunt en er de ander geen kwaad mee doet’.

NIET VAN DE WERELD, WEL IN DE WERELD

Hoe gaan we om met de verandering in het seksuele denken, voelen, doen en laten? De christelijke gemeente is niet van de wereld. Ook in de beleving van de seksualiteit kiest ze voor de normen van Jezus Christus. Daarmee kiest ze beslist niet voor morele betutteling en preutsheid. Bij een christelijke levensstijl past een onbevangen, gepassioneerde beleving van de seksualiteit. De christelijke levensstijl biedt echter geen ruimte voor seks als ‘consumptieartikel’. Geen seks als spelletje dus, maar als liefdestaai. Niet voor eventjes, maar voor altijd. Niet ‘ik neem’, maar ‘ik geef’. Niet ‘ik’ en ‘jij’, maar een keuze voor het ‘wij’!

De christelijke gemeente leeft wel in de wereld. Onvermijdelijk ondergaat ze daardoor de invloed van de veranderingen in de beleving van de seksualiteit en in de seksuele moraal. In een ‘versekste’ samenleving stuit je overal op erotische beelden. Tijdschriften als Yes en Viua schrijven brutaal over allerlei seksuele ervaringen. Daarbij wordt steeds duidelijker dat vrijheid, blijheid en openheid niet alleen heilzame effecten sorteren. Zij ontremmen ook seksuele driften en duperen de kwetsbaren.1

REACTIE IN HET PASTORAAT

Hoe reageert het pastoraat op deze ontwikkelingen? Mijn indruk is dat we nogal geneigd zijn om ons in het pastoraat rond seksualiteit vooral te richten op de (traditionele) moraal en op de handhaving daarvan. Daarbij weten we ons vaak nauwelijks op een relevante en overtuigende manier te beroepen op de Schrift. Ook vinden we het moeilijk om een eerlijk gesprek aan te gaan met de moderne tijd en met de moderne mens (en misschien ook wel met ons eigen hart!). Zo kan het bijvoorbeeld gebeuren dat we zelfbevrediging afkeuren, maar geen kans zien om uit te leggen waarom we dat doen. We waarschuwen tegen seks vóór het huwelijk, maar durven het niet aan om met jongeren óók concreet te spreken over ruimte die er in de verkeringstijd wèl is voor lichamelijke intimiteit.

De onvermijdelijke invloed vanuit de moderne samenleving op de beleving van de seksualiteit en op de seksuele moraal kan niet zonder een schriftuurlijk onderbouwde en relevante reactie in het pastoraat. Zonder een pastorale reactie bieden we geen enkel tegenwicht en krijgen de media vrij spel in het bepalen van ons seksuele levensstijl.2

PRATEN OVER SEKSUALITEIT

Helaas komen we vaak woorden tekort als we willen praten over seksualiteit. We zijn het ook niet zo gewend. We hebben thuis geleerd om samen de afwas te doen en excuses te maken als je fout bent geweest. We hebben echter niet geleerd om te praten over seksualiteit. Daarom zoeken we naar woorden als we moeten uitleggen hoe we onze seksualiteit beleven of wat we in de beleving daarvan missen.

Gemeenteleden zullen vragen of problemen op dit terrein niet snel uit zichzelf naar voren brengen. Op seksualiteit rust nog altijd een taboe. Daarom is het goed om er in prediking, catechese en pastoraat zelf over te beginnen. Daarmee laat je de gemeente weten dat zij met vragen hierover bij de pastor terecht kan.

Vooral de prediking biedt volop mogelijkheden om op een concrete en toch tere wijze seksualiteit ter sprake te brengen. De Schrift zelf gaat ons daarin voor! Zo zou je ervoor kunnen kiezen om in een korte serie het boek Hooglied uit te leggen. Een collega, die dat had gedaan, werd er enkele jaren geleden bij zijn afscheid om geprezen. Kennelijk had de serie indruk gemaakt! Zelf heb ik wel gepreekt over teksten als Matt. 5:27 (‘Ieder, die een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk gepleegd’) en 1 Kor. 7:5 (‘Onthoudt dat elkander niet, tenzij met onderling goedvinden en voor een bepaalde tijd…’). Ook preekte ik ooit over homoseksualiteit.3

Ook de catechese biedt goede mogelijkheden voor het gesprek over seksualiteit. De aanleiding daarvoor kan de behandeling van het zevende gebod zijn. Je kunt ook een stelling op tafel leggen en daarover een discussie houden. Wat dacht u van de stelling: ‘Ik en mijn muis zullen de HERE dienen’, een geestige variant op Joz. 24: 5? Verschillende gemeenten doen goede ervaringen op met huwelijkscatechese. Jongeren met trouwplannen komen een aantal avonden bij elkaar om onder leiding van een echtpaar door te praten over allerlei vragen in verband met het huwelijk. Heel bruikbaar is bijvoorbeeld het boek van L.M. Vreugdenhil, Ik beloof je trouw! Bouwstenen voor een gelukkig huwelijk (2e druk, Zoetermeer, 1992).

In het pastorale gesprek tijdens een huisbezoek zal een spontaan gesprek over seksualiteit niet zo gauw plaatsvinden. Meestal is daarvoor geen aanleiding. Er is wel reden om tijdens een gesprek alert te zijn op signalen, die iets kunnen zichtbaar maken van seksuele vragen of moeiten. Ook is het soms goed om bij gehuwden te vragen naar hun relatie (‘Hebt u het goed samen?’) en bij ongehuwden naar de wijze waarop ze omgaan met het alleen zijn.

PRATEN OVER SEKSUELE PROBLEMEN

Soms mag in een gesprek voorzichtig worden aangeduid, dat de bezoeker weet van seksuele problemen die gepaard kunnen gaan met ziekte. Te denken is aan een vrouw die een borstamputatie heeft ondergaan of een man met een hersen- aandoening, waardoor hij halfzijdig verlamd is. Hetzelfde geldt voor mensen die lijden aan depressiviteit. Lichamelijke en psychische aandoeningen kunnen een enorm effect hebben of het seksueel functioneren. Het is goed om op een subtiele wijze te laten merken, dat u daar als bezoeker weet van hebt. Soms zal een gesprek daarover dan zomaar op gang komen.

Ik wil voorbijgaan aan stoornissen als exhibitionisme, pedofilie, travestie en voyeurisme. In het pastoraat zullen we ze niet zo dikwijls tegenkomen, al komen ze waarschijnlijk vaker voor dan we denken. Gemeenteleden die hieraan lijden, hebben recht op begrip, mededogen en steun. We moeten hen vooral ook aanmoedigen om zich hiervoor onder deskundige behandeling te laten stellen.

HOMOSEKSUALITEIT

Een gevoelig onderwerp in het pastoraat is homoseksualiteit. De verdeeldheid daarover in de kerken is groot en zal waarschijnlijk nog lang blijven bestaan. Het is echter een onderwerp dat je niet kunt ontlopen.4

De manier waarop we in het pastoraat omgaan met homoseksuele mensen is niet los te denken van de visies van zowel de bezoeker als de bezochte op homoseksualiteit. Belangrijk is dat er een mate van overeenstemming is in de benaderingswijze tussen beiden. Wanneer je als pastorale bezoeker merkt dat je eigen visie zodanig verschilt van die van de ander dat een vruchtbare pastorale vertrouwensrelatie erdoor wordt gefrustreerd, doe je er goed aan het gemeentelid aan te raden om te spreken met iemand die dichter bij hem staat. In het besef dat de kennis van de wil van de Here bij elke gelovige slechts ‘ten dele’ is. Hoeveel christenen hebben hun inzichten in de loop van de tijd niet moeten bijstellen, ook met betrekking tot andere onderwerpen? Laat dat ons bescheiden en voorzichtig maken.

De meeste jongeren, die ontdekken dat ze homoseksueel gericht zijn, hebben het daar aanvankelijk heel moeilijk mee. Zij kampen met hevige gevoelens van verwarring en minderwaardigheid. Als pastorale bezoekers mogen we voor hen een voorbeeld zijn van de aanvaardende liefde van Christus. Het is belangrijk om met betrokkenheid te luisteren naar hun verhaal en hen telkens weer te bevestigen dat ze even waardevol en kostbaar zijn voor God als ieder ander mens.

Bijzonder schrijnend is de nood van echtparen waarvan een van beide partners homoseksueel is. Velen hebben gehoopt om door een huwelijk hun homoseksuele gevoelens kwijt te raken, maar moeten vroeg of laat constateren dat die gevoelens zich toch niet laten verdringen. Als pastorale bezoekers moeten we in zo’n situatie oog hebben voor de pijn en het verdriet van beide partners. En van de kinderen, als die er zijn! Eenvoudige oplossingen zijn er niet. Wat mogelijk is zal van geval tot geval verschillen. Meestal zal het er toch op neer komen dat het huwelijk ontbonden wordt. Begrip en medeleven met alle betrokkenen van de kant van de pastorale bezoeker en de gemeente zijn hier geboden!

GENADE GENEEST

Pastoraat bedrijven rond seksualiteit is geen eenvoudige taak. Soms kan het pastoraat iets bijdragen aan het geluk van mensen of aan het herstel ervan. Soms kan het niet meer doen dan de schade helpen beperken, steun bieden en troost. Maar altijd mag ook deze vorm van pastoraat beoefend worden binnen de ruimte van Gods genade. Onze mislukkingen en zonden zijn daar niet meer alles bepalend. Gods liefde draagt ons leven. Dat geeft de doorslag. Pastoraat in verband met seksualiteit, midden in de gebrokenheid van het leven, mag getuigen van genade die geneest, van liefde die troost en van hoop die blijft.

Ds. A.P. van Langevelde (1952) is predikant van de gemeente van Zoetermeer.

1 José van der Sman Elsevier 30 november 1996

2 Al in 1990 liet onderzoek zien dat er nauwelijks verschil is tussen het seksuele gedrag van kerkelijke en niet-kerkehjk jongeren (Ton Vogels en Ron van der Vliet Jeugd en seks SDU uitgeverij 1990

3 Wie op zoek is naar woorden om in de prediking concreet en toch kies te spreken, kan goed terecht in de boeken van Gerry Velema-Drenth. Ik denk met name aan haar boeken Save seks. Boekje open over seks (Kampen 1997) en Echtgenoten. Praten over seksualiteit (Kampen 2005)

4 Uit mijn eigen praktijk herinner ik me 15 relaties waarin homoseksualiteit een rol speelde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.