+ Meer informatie

Gereformeerde oecumenische synode harare 1988

9 minuten leestijd

Inleiding

Van 31 mei tot 10 juni 1988 D.V. zal de Gereformeerde Oecumenische Synode vergaderen in Harare, de hoofdstad van Zimbabwe, het vroegere Rhodesië. Aan deze synode gaat zoals gebruikelijk een drietal conferenties vooraf: een theologische, een jeugd- en een zendingsconferentie, die voor een deel tegelijkertijd worden gehouden. Wanneer we de oprichtingsvergadering in 1946 niet meerekenen, is het dit jaar precies veertig jaar geleden dat de eerste G.O.S. bijeen kwam. In het licht van de Schrift zouden we kunnen zeggen: een bepaalde voorbereidingsperiode wordt afgesloten, nu gaat het er op aankomen. En wie enigszins volgt, wat de pers in deze maanden over de komende G.O.S. schrijft, voelt daarin inderdaad de spanning stijgen: welke kant gaat het op? Op de generale synode van de Gereformeerde Kerken in Nederland, die evenals onze kerken lid zijn van de G.O.S., is krachtige taal gesproken in de richting van Harare, gecombineerd met een aantal verwijten aan het adres van onze kerken. U hebt in de pers kunnen lezen, dat de Geref. Bond in de Ned. Herv. kerk, ooit door de G.O.S. zelf uitgenodigd om als waarnemer bij haar vergaderingen aanwezig te zijn, nu door het Interim Committee - dat tussen twee synoden in de zaken behartigt - van verdere waarneming is uitgesloten. De Nederlandse Gereformeerde Kerken, die wel waarnemers mogen sturen en dat in het verleden ook deden, besloten zeer onlangs op hun landelijke vergadering in Dronten ditmaal geen waarnemers te zenden, in afwachting van de besluiten die in Harare zullen worden genomen ten aanzien van het lidmaatschap van de Gereformeerde Kerken. Een viertal kerken, waaronder de onze, heeft gevraagd de Gereformeerde Kerken van verdere deelname aan de G.O.S. uit te sluiten. Maar blijkens de pers heeft de secretaris-generaal van de G.O.S., de afscheidnemende dr. P. Schrotenboer, in Lunteren aan de Gereformeerde Kerken gevraagd in de G.O.S. te blijven en heeft hij daar zijn spijt uitgesproken over besluiten, die de G.O.S. in 1984 ten aanzien van de Geref. Kerken heeft genomen. Voeg daarbij de apartheidskwestie in Zuid-Afrika, die ook weer op verschillende manieren op de agenda staat, en het is duidelijk, dat de synode van Harare meer nog dan die van Chicago 1984 in de publieke belangstelling zal staan.

Wat is de G.O.S.?

De Gereformeerde Oecumenische Synode is een organisatie, waartoe gereformeerde kerken uit alle werelddelen behoren. Daar zijn hele grote kerken bij als de Nederduits Gereformeerde Kerk in Zuid-Afrika, maar er zijn ook kerken bij die slechts enkele duizenden leden tellen. Bijna de helft van de kerken vinden we in Afrika, terwijl in ZuidAmerika slechts één lidkerk gevonden wordt. Naast gereformeerde zijn er ook presbyteriaanse kerken lid.

De aanduiding „synode” kan misverstand oproepen, omdat een vergadering van de G.O.S. niet hetzelfde gezag heeft als bijv. onze generale synode. Het gezag van de G.O.S. ligt eigenlijk hierin, dat ze een organisatie is, die haar grondslag vindt in Gods Woord en de daarop gefundeerde belijdenissen van de kerken van de Reformatie. Van de uitspraken van deze synode, die in overeenstemming zijn met deze grondslag, mag verwacht worden dat ze door de lidkerken worden overgenomen en voor die kerken gezag hebben. Die kerken hebben immers uitgesproken dat ze elkaar aan die belijdenis willen binden en daarop elkaar mogen aanspreken. Vanwege het misverstand, dat het woord „synode” in dit verband oproept, ligt er een voorstel op tafel de naam te veranderen in „Gereformeerde Oecumenische Raad” (Eng. Council). Dat betekent echter niet, dat de G.O.S. daardoor een vrijblijvend gespreksplatform zal worden.

In de jaren dat de G.O.S. bestaat, heeft ze verschillende waardevolle bijdragen geleverd aan de kerken, zoals een studie over huwelijk en echtscheiding, over de zondag, over de maatschappelijke roeping van de kerk, over de roeping van de kerk in de wereld van wetenschap en technologie, enz.

Tegenover de brede oecumenische stroom van de Wereldraad van Kerken bood de G.O.S. aan gereformeerde kerken gelegenheid om elkaar vast te houden, te dienen en te stimuleren om staande te blijven in een wereld vol goddeloosheid en dwaling. Dat is van belang voor kerken, die tegen de stroom in moeten in een geseculariseerde samenleving, maar evenzeer voor de jonge kerken in de derde wereld, die hun plaats moeten vinden en wegen zoeken om kerk te zijn in de wereld waaruit zij zijn voortgekomen en te midden waarvan zij een taak en een roeping hebben te vervullen.

Het lidmaatschap van onze kerken

In 1962 besloot de generale synode van Haarlem-Santpoort, dat onze kerken zouden toetreden tot de G.O.S. en in 1963, 25 jaar geleden dus, werden de Chr. Geref. Kerken in Nederland als lid aanvaard. Afgevaardigden naar die G.O.S., die toen in Grand Rapids werd gehouden, waren mr.dr. C.J. Verplanke en ds. J. de Waal. Toen al was er geen onverdeelde instemming met het besluit tot toetreding. Deputaten voor de eenheid van Geref. belijders en correspondentie met buitenlandse kerken konden de synode geen voorstel doen, omdat de stemmen staakten. De betreffende commissie ter synode kwam met een meerderheids- en een minderheidsadvies, maar de synode besloot toe te treden. Degenen, die bezwaar hadden, hadden geen moeite met de grondslag van de G.O.S., maar wel met de functionering ervan, zoals die naar hun gedachte bleek in een aarzelende houding tegenover het lidmaatschap van de Wereldraad van Kerken van enkele lidkerken. Deze zaak staat overigens nog steeds op de agenda van de G.O.S.

In de tijd na 1963 hebben afgevaardigden van onze kerken actief en - tot voor vrij kort met vreugde - meegewerkt aan de G.O.S., terwijl verschillende leden van onze kerken een waardevolle bijdrage leverden aan het werk van diverse studiecommissies.

Spanningen binnen de G.O.S.

De laatste jaren zijn er duidelijke spanningen binnen de G.O.S. gekomen. Reeds in Nimes 1980 was dat merkbaar en de vergaderingen in Chicago 1984 zijn er heel sterk door beheerst. Twee oorzaken zijn ervoor aan te wijzen, nl. de verhouding van de „blanke” Afrikaner kerken tot de apartheidsproblematiek in hun land, èn de ontwikkelingen binnen de Geref. Kerken in Nederland.

Om met dat eerste te beginnen: steeds scherper zijn in de loop van de jaren de uitspraken van de G.O.S. geworden ten aanzien van de apartheid in Zuid-Afrika en de rol, die de blanke lidkerken van de G.O.S., die Nederduits Gereformeerde Kerk en die Gereformeerde Kerke, daarin spelen. Aan beide kerken is gevraagd zich duidelijk uit te spreken over de apartheid en zich te bezinnen op de vraag, of zij door hun omgaan met de apartheidsproblematiek in leer en leven niet in strijd komen met de belijdenis van de kerk. De uitspraken van Chicago 1984 waren voor de „Breeë Moderatuur” van de N.G.K. aanleiding om te besluiten het lidmaatschap van de G.O.S. op te schorten. De synode van de N.G.K. nam dat voorstel echter niet in voldoende meerderheid over.

Ook op de synode van die Geref. Kerke haalde een voorstel om te breken met de G.O.S. het niet. Van beide kerken liggen uitgebreide reacties en rapporten op tafel van „Harare”. De bespreking over deze zaak - uitgerekend in de hoofdstad van één van de frontlijnstaten - wordt met spanning tegemoet gezien. Uiteraard zijn ook de andere kerken in Zuid-Afrika, waarvan de Ned. Geref. Sendingkerk de bekende dr. Allan Boesak heeft afgevaardigd, nauw bij dit agendapunt betrokken.

Dan is er de zaak van de Geref. Kerken in Nederland.

Reeds lang staan deze kerken onder kritiek van de G.O.S. en de lidkerken. Zaken die in het verleden meermalen aan de orde kwamen, waren: het lidmaatschap van de Wereldraad van Kerken, de openstelling van de ambten voor de vrouw, de leer van Kuitert en van Wiersinga. Nu draait het echter vooral om twee zaken: de Schriftbeschouwing van de Geref. Kerken, zoals die is neergelegd in het rapport „God met ons”, en het zgn. „homofilie-besluit” van de Geref. Kerken. Een aantal kerken, zoals de Free Church of Scotland, waarmee wij in correspondentie staan, heeft daarom reeds het lidmaatschap van de G.O.S. opgezegd. Andere kerken, zoals de Free Reformed Church - onze zusterkerk in Noord-Amerika - en de Nederlandse Gereformeerde Kerken, willen niet lid worden, zolang de Geref. Kerken lid zijn. En de generale synode van onze kerken besloot in 1986 uit te spreken:

,,a. dat het lidmaatschap van de Geref. Kerken in Nederland onverenigbaar is geworden met de grondslag van de G.O.S. en daarom beëindigd dient te worden, tenzij zij van de ingeslagen weg terugkeren;

b. deputaten op te dragen deze uitspraak met redenen omkleed ter kennis te brengen van de Geref. Kerken in Nederland en de andere lidkerken van de G.O.S. en tevens als voorstel in te dienen op de G.O.S. 1988;

c. deputaten te machtigen om na de vergadering van de G.O.S. 1988, wanneer de Geref. Kerken lid zouden blijven van de G.O.S., samen met andere kerken te zoeken naar wegen om aan de oecumenische roeping van onze kerken gestalte te geven en daarover te rapporteren aan de volgende synode.”

Onze afvaardiging gaat dus met een duidelijke opdracht van de kerken naar Harare.

Onze kerken staan met dit voorstel overigens niet alleen. Voorstellen van gelijke strekking zijn er van de Orthodox Presbyterian Church in Amerika, van de Reformed Churches of New Zealand en van die Geref. Kerke in Zuid-Afrika. Dit is geen kwestie van ,,zij eruit of wij eruit”, zoals de pers het heeft geformuleerd.

Bewogenheid met de Gereformeerde Kerken, trouw aan de Geref. belijdenis, en de overtuiging dat de G.O.S. met onvruchtbaarheid is geslagen wanneer deze situatie nog langer voortduurt en de vergaderingen beheerst, heeft ons tot deze uitspraken gebracht. Tegenover de Heere en tegenover de zusterkerken in de wereld is het niet langer verantwoord om op deze wijze voort te gaan. De Heere geve, dat er een krachtig appel tot terugkeer naar het Woord moge uitgaan van de G.O.S. Harare naar de Geref. Kerken en dat er duidelijkheid moge komen, waar de G.O.S. aan het einde van de twintigste eeuw wil staan. We kunnen elkaar als kerken in deze wereld alleen maar dienen, wanneer we onze weg richten naar het onfeilbare Woord van God.

Uiteraard staan er veel meer zaken op de agenda, die uitvoeriger is dan ooit tevoren. Er wordt daarom van de afvaardiging van onze kerken, bestaande uit de brs. prof.dr. W.H. Velema en ds. J. Westerink als stemhebbende, en ds. K. Boersma en drs. J.C.L. Starreveld als niet-stemhebbende afgevaardigden, zowel bij de voorbereiding als ter synode veel gevraagd. Voorbede van de kerken voor de G.O.S. en voor die afgevaardigden is daarom dringend noodzakelijk. Opdat het gereformeerd karakter van de G.O.S. bewaard blijve en de afgevaardigden wijsheid van de Geest ontvangen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.