+ Meer informatie

RECENSIES

8 minuten leestijd

Piet Schelling & Aarnoud Jobsen, Altijd een preek op zak. Honderd jaar prekenserie Menigerlei Genade. Uitg. Kok, Utrecht 2014, 224 blz., € 29,50.

Honderd jaar lang functioneerde de prekenserie Menigerlei Genade in de Gereformeerde Kerken in Nederland (de laatste tien jaar binnen de PKN). Eind 2013 kwam er een einde aan het bestaan van de serie. Via internet kan iedereen aan gratis preken komen, dus een papieren versie is niet meer nodig. Voorland voor ‘Uit de Levensbron’?

In dit boek blikken de laatste eindredacteurs terug. Met ernst en met een knipoog. Over welke teksten werd het liefst gepreekt? Wat vonden de preeklezers ervan? Wat zijn de verschillen tussen preken over dezelfde tekst in andere tijdvakken?

Nu, dat levert inderdaad interessante dingen op. Uiteraard heeft elke predikant zijn eigen aanpak. Natuurlijk is er verschil in taalgebruik en lengte van de preken aan het begin van de vorige eeuw en nu. Maar er blijkt ook veel meer verschoven te zijn. Opmerkelijk is dat in modernere preken het verzoenend werk van Christus niet of nauwelijks meer te vinden is. Dat is een teken aan de wand, dunkt mij. De auteurs maken zelf helemaal aan het eind van het boek (blz. 246) een belangrijke opmerking die veel verklaart: ‘Om en nabij 1975 verdwijnt dat typisch herkenbare gereformeerde, zoals dat ook gebeurde in de Gereformeerde Kerken. De ramen van dit kerkgenootschap gingen open (…). Het godsdienstig leven zoals we dat kennen uit de eerste helft van het bestaan van MG veranderde in de decennia daarna aanzienlijk’. Als zodanig is dit boek een tijdsdocument.

Mient Jan Faber, Er op & er onder. Kroniek van een gereformeerde jongen. Uitg. Kok, Utrecht 2014, 320 blz., € 22,99.

Als je de naam Mient Jan Faber tegenkomt, denk je ogenblikkelijk aan het IKV. Toch gaat het daar in de boek nauwelijks over. Faber tekent uitgebreid zijn gereformeerde afkomst, geplaatst in de lijst van een (kerk)geschiedenis van eeuwen. Daarbij vinden soms aperte vertekeningen plaats, zoals bij de motivatie van de Vrijmaking in 1944 (blz. 31). Overigens is de weergave van de ondergang van de gereformeerde zuil, uiteraard vanuit het perspectief van de schrijver, bepaald aangrijpend. Het is typerend dat zowel aan het begin van het boek als aan het eind de naam van Kuitert prominent opduikt. Je krijgt de indruk dat hij voor Faber een baken is geweest, maar dan wel in de negatieve zin. Of Faber zelf helemaal afscheid van de kerk heeft genomen wordt overigens niet duidelijk. Een boek dat veel onthult, maar triest genoeg geen boodschap heeft. Het laat zien wat er overblijft als er geen persoonlijke band met een God boven ons is. Het is boek is een van de vele in de rij van geschriften waarin mensen hun gereformeerde verleden van zich afschrijven.

Willem van der Horst, Met beide benen op de grond. God ontdekken in je levensverhaal. Uitg. Buijten & Schipperheijn, Amsterdam 2014, 222 blz., € 17,50.

In de openingszinnen van de Institutie wijst Calvijn erop dat het kennen van God en het kennen van jezelf op een wonderlijke manier met elkaar verbonden is. Het boek van Willem van der Horst laat dat ook zien, maar dan met voorbeelden en inzichten uit de 21-ste eeuw. Mensen maken allemaal een bepaalde ontwikkelingsgang door op weg naar volwassenheid. En niemand staat los van zijn omgeving. Van der Horst laat zien hoe al deze dingen invloed (kunnen) hebben op iemands zelfbeeld en op iemands godsbeeld. Zo worden autobiografische gegevens op een pastoraal-psychologische manier verbonden met de boodschap van de Bijbel. Een boeiend boek dat voor iedereen die serieus aan pastoraat wil doen, veel te bieden heeft.

Hayo Wijma (red.), Handboek voor diakenen. Uitg. Buijten & Schipperheijn, Amsterdam 2014, 192 blz., € 17,90.

Eindelijk is het er: het handboek voor diakenen. Het boek is ontstaan uit een samenwerking van de VU, de CHE, de Gereformeerde Hogeschool en deputaten diaconaat van de CGK en de GKv. Door de vele auteurs met hele verschillende achtergronden, is er veel deskundigheid samengebracht. En dat is te merken aan de veelheid van onderwerpen die behandeld worden. Zo zijn er bijbelse onderwerpen, maatschappelijke achtergronden en ook heel veel praktische artikelen die meteen uitnodigen ermee aan de slag te gaan.

Een grote variatie aan auteurs betekent ook verschil in theologische standpunten. Zo valt in hoofdstuk 2 te lezen dat een vrouw als diaken geen onbijbels gegeven zou zijn. Maar daar zijn nog wel heel wat vragen bij te stellen, vooral bij het aangehaalde Bijbelgedeelte van Romeinen 16 vers 1. Dat Febe de gemeente diende met een bepaalde opdracht is wel duidelijk, maar dat maakt haar nog geen ambtsdrager en het maakt haar evenmin gelijk aan de huidige diakenen zoals wij die kennen. Ook onze ‘eigen’ diaconale consulente Trudy Luth-Eikelenboom heeft aan dit boek meegewerkt.

Dr. H.A. Speelman. Hoe overleeft de kerk? Melanchtons onderricht aan predikanten. Uitg. Groen, Heerenveen 2013, 447 blz., € 19,95.

Deze kloeke studie is in een mooie stevige band uitgegeven en bevat verhelderende illustraties. Inhoudelijk richt deze studie zich op de eerste officiëte protestantse kerkorde annex geloofsbelijdenis. Het is voor ons tegenwoordig moeilijk voor te stellen wat het voor de beweging van de Reformatie betekende om van de grond af aan opnieuw te beginnen. Na de centrale betekenis van Gods Woord, kwamen al snel de vragen in beeld over de kerk en de praktijk van het kerkelijke leven. Luthers vriend Melanchton heeft zich uitvoerige bezig gehouden met de vragen rond kerk- en schoolvisitaties. Zijn werk blijkt achteraf een grote betekenis te hebben gehad voor de hervorming van school en kerk en grote delen van Europa.

Werner Pieterse, Watblijft. God na de kaalslag. Uitg. Kok, Utrecht 2014, 188 blz., € 17,50.

Pieterse is predikant in de PKN-gemeente te Amstelveen-Zuid en is daarvoor o.m. werkzaam geweest in Kameroen als docent theologie. De titel van dit boek is uiterst kort, maar duidelijk. Ergens schrijft de auteur: ‘God is voor alle karren gespannen. En nu? God ligt aan het infuus. Hij is niet vermoord, eerder terminaal. Theologie kan met recht palliatieve zorg worden genoemd. De vraag is: wie voltrekt de euthanasie?’ Zulke uitspraken komen hard aan, maar wie met open ogen in onze wereld staat, zal begrijpen wat hier bedoeld wordt. Dit boek is vanuit een existentiële bewogenheid geschreven : wat is er (nog) over van het belijdend spreken over God en zijn rijk? De schrijver kiest voor zijn betoog het aloude Credo (de 12 Artikelen) In 4 hoofdstukken met de kortst denkbare titels, resp. 1. IK, 2. God, 3. Jezus, 4. Geest, confronteert hij zin voor zin van het Credo met zeer diverse werkelijkheden van christelijk leven, wereldwijd en door de tijden heen. Hij schroomt niet om daarin ook heel persoonlijke ervaringen te betrekken. Ik moet zeggen dat dit boek me zeer geboeid heeft, vanwege de scherpe waarnemingen, de rijke taal en rake beelden en vooral door de creatieve manier waarop Pieterse tal van Bijbelse passages en verhalen langs de weg van intuïtie en associaties op elkaar betrekt. Er spreekt een dichterlijke geest uit. Dat blijkt ook uit het feit dat hij de artikelen van de geloofsbelijdenis als de regels van een gedicht leest. Niet alles in dit boek is voor mij onaanvechtbaar, maar de schrijver heeft ons beslist een indringende boodschap te vertellen.

Justin Lee, Verscheurd. Uitg. Ark Media, Amsterdam 2014, 334 blz., € 19,95.

‘Verscheurd’ is een heel persoonlijk boek en dat maakt dat het je van meet af ‘grijpt’. Het is een boek waarin de auteur zijn lezers deel maakt van de gigantische worsteling die iemand doormaakt die én homo is én christen wil zijn en dat maakt het een aangrijpend boek. Het is een boek waarin al worstelend geprobeerd wordt de Schrift na te spreken en dat maakt het een sympathiek boek. Het is een boek waarin allerlei misvattingen en vooroordelen over (christelijke) homoseksuelen worden benoemd en bestreden, en dat maakt het een nuttig boek. Echter, mét al het goede wat je dus over ‘Verscheurd’ kunt zeggen, zou ik het toch niet zomaar aan iedereen aanbevelen. ‘Het bestuderen van de Bijbel had me overtuigd van iets wat ik slechts enkele maanden eerder als onmogelijk beschouwd had: dat God zijn zegen kon verlenen aan homoseksuele relaties’ (blz. 268). De auteur zelf noemt dit een ‘angstaanjagend inzicht’, dat hij met name fundeert op het liefdesgebod waaraan alle andere geboden ondergeschikt zijn. Weliswaar wordt aan het eind van het boek ‘het celibaat een reële mogelijkheid’ genoemd. Dat neemt niet weg dat ik dit boek, juist door de persoonlijke en sympathieke presentatie die ik hierboven omschreef, gevaarlijk vindt. Wat niet wegneemt dat het meegenomen worden in de persoonlijke worsteling van de christen-homo ervoor zorgt dat je je des te meer gedrongen voelt tot gebed voor en meeleven met wie hier persoonlijk door ‘verscheurd’ worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.