+ Meer informatie

TER OVERWEGING

8 minuten leestijd

Prof. W. Nieboer, Zorg voor leven. f. 14,75. Uitg. De Vuurbaak, Barneveld 1986.

Dit is een belangrijk boekje van de hand van een van de twee ondertekenaars van het minderheidsstandpunt ten aanzien van het rapport van de Staatscommissie Euthanasie. In de minderheidsnota zijn de argumenten verpakt in historische en vergelijkende overzichten. Hier treft men ze op een rijtje gezet aan. Het is duidelijk dat de auteur zeer bezorgd is over legalisering van euthanasie. Hij ziet in ons rechtsbestel gaten geslagen worden en rechtsonzekerheid toenemen! Een boekje dat zeer overwogen argumenten tegen een euthanasiewetgeving biedt. Voor de komende discussies belangrijk materiaal.

Calvijn, Harmonie van de laatste vier boeken van Mozes, deel 1 en 2. Uitg. De Groot, Goudriaan -Kampen 1985. f. 89,- en f. 77,50.

Met grote waardering kondig ik deze vertaling aan. Calvijns commentaar op de boeken Exodus-Deuteronomium is alleen al om de overzichtelijkheid van de saamvoeging der bij elkaar horende geboden een juweeltje. Daarnaast komt nog het diepe inzicht dat Calvijn heeft in de wet van God. Calvijn legt nadruk op de nuttigheid van de wet voor het leven van mensen. Men treft hier dezelfde klanken aan als in de Institutie. Tegelijk moet gezegd worden dat Calvijn heel praktisch te werk gaat. De wetten in verband met onreinheid worden vooral uitgelegd als bedoeld om de mensen hun innerlijke onreinheid te leren. De lezer begrijpt: ik acht dit een waardevol boek om Calvijns veelzijdige visie op de wet te leren kennen!

Ds. J. de Jong, De opening van uw woorden, f. 11,90. Uitg. Buijten & Schipperheijn, Amsterdam 1986.

Dit boekje bevat overdenkingen die ds. De Jong heeft geschreven voor patiënten en verplegenden in het ziekenhuis van Bennekom. Ze zijn in hedendaagse woorden afgestemd op de mensen, aan wie de schrijver zijn zorg besteedt. Hij schuwt het niet oude woorden of uitdrukkingen daartussen in te vlechten. De beknoptheid doet soms zeggen: nu het pas goed begint, breekt hij af. Verrassend vind ik vaak de tekstkeus. Velen zullen zich bemoedigd weten door dit boekje, dat ook buiten het ziekenhuis zijn lezers zoekt èn verdient. De moeiten worden niet weggenomen, de gordijnen naar leed en lijden niet dichtgeschoven, en toch is er de blijdschap en bemoediging. Dat zou de ondertitel kunnen zijn: maar toch.

Van de Uitgeverij J.N. Voorhoeve ontvingen we naast het reeds eerder besproken Handboek van de Bijbel, nu ook de volgende drie delen, die eveneens als Handboek kunnen worden aangegeven: Van het Christelijk Geloof (479 blz., f. 49,50), Van de Geschiedenis van het Christendom (656 blz., f. 59,90) en Van de wereldgodsdiensten (448 blz., f. 52,90).

Deze drie delen zijn als zusters te typeren - bijna zou ik van een drieling willen spreken. Ze hebben de opzet gemeen! Het thema wordt telkens in hoofddelen behandeld, naar onderwerp en tijdvak. Daarnaast vindt men illustraties, tijdtabellen en speciale bijdragen die op een onderwerp van het desbetreffende hoofdstuk dieper ingaan. Het geheel maakt eerst een wat brokkelige indruk, ook omdat men bij de inhoudsopgave niet direct kan zien wie wat heeft geschreven. Wie eenmaal het systeem, dat voor de drie delen gelijk is, te pakken heeft, zal zijn weg wel vinden. De doorlopende tekst is steeds op wit papier afgedrukt.

Er zit geweldig veel informatie in deze handboeken. De titel zegt niet te veel. Voor het handboek over het christelijk geloof heb ik de meeste waardering. De schrijvers komen uit orthodoxe, vooral evangelische kringen. Hun artikelen zijn weergave van de door hen beleden overtuigingen.

Het boek over de wereldgodsdiensten spreekt mijns inziens te relativerend over Jezus als de Zoon van God (blz. 361 en 352); zo ook over sporen van de Geest in andere godsdiensten (blz. 362). Een duidelijke aansluiting bij het klassieke belijden van de kerk zou mij welkom zijn geweest. In het boek van de geschiedenis valt op de waardering voor theologen als Bonhoeffer, Thielecke en Robinson. Ook hier zou ik graag een duidelijker beoordeling hebben gevonden.

Onlangs werd het Handboek van de Bijbel besproken. Deze vier delen samen zijn een waardevol bezit, een bibliotheek in een notedop, al moet men wel de gave des onder-scheids hebben om ze te gebruiken!

M.C. Postema, In het spoor van Menno Simonsz' gedachten. Een verkenning van Menno Simonsz' opvattingen aangaande het christelijk geloof. Uitg. Kok, Kampen 1986, f. 19,90.

In ruim 130 bladzijden, verdeeld over 17 paragrafen, wordt ingegaan op de gedachten-wereld van de bekende Menno Simonsz. Dit boekje biedt een kennismaking met de doperse auteur uit de 16e eeuw. Dikwijls worden zijn citaten uit zijn werk in de oorspronkelijke spelling weergegeven. Als een poging om de lezer met de gedachten van Menno Simonsz te doen kennismaken, acht ik het een interessant boekje. Toch heeft het mij niet geheel bevredigd. Dat hangt ermee samen dat op de achtergronden en de bijbelse legitimatie van diens gedachten niet uitvoerig wordt ingegaan, terwijl conclusies en consequenties voor onze tijd wel worden getrokken, met name in de laatste paragraaf: christen-zijn in meniste stijl. Het wil mij voorkomen dat een dergelijke conclusie alleen getrokken had mogen worden als er een bijbelse evaluatie van het gedachtegoed zou hebben plaatsgevonden. Het is mij niet duidelijk hoe de auteur op bladzijde 39 kan zeggen dat Menno ten dele met de calvinisten overeenstemt in de opvatting van de taak der overheid, terwijl op bladzijde 50 wordt gezegd dat de overheid in geestelijke aangelegenheden absoluut geen zeggenschap had. Beide uitspraken laten zich, zelfs als men het „ten dele” verdisconteert, niet met elkaar rijmen. Ik heb waardering voor dit boekje, maar vind het tegelijkertijd tweeslachtig. Het is historisch van aard, terwijl het tegelijk ook Menno voor vandaag actualiseert.

Bij Buijten & Schipperheijn, Amsterdam, verscheen deel 4 in de serie Rondom de Bijbel. Een catechisatieleergang onder redactie van verschillende medewerkers uit de Chr. Geref. Kerken en de Ned. Geref. Kerken. Deel 4: Leer ons bidden, 60 blz. (voor ringband), f. 7,40.

Reeds eerder bespraken we deel 1 van deze nieuwe serie voor de catechisaties. Zoals de titel aangeeft behandelt dit deel het gebed, met name het Onze Vader. De opzet is gelijk aan het eerste deel. Ik noem nog eens de onderdelen: A. Gespreksvragen. B. Bijbelstudie. C. Toelichting. D. Lesvragen. E. Bijbeltekst. F. Leskern. G. Catechismusstudie. H. Opdrachten.

Uit dit beknopte overzicht van de opzet blijkt dat er veel in één les ter sprake komt. Het deel bestaat nu uit 10 lessen die men, naar mijn gedachte, telkens over twee avonden moet uitspreiden. Ik heb de indruk dat er wel erg veel materiaal in één les verwerkt zit. Ik denk nu aan het feit dat begonnen wordt met een aantal gespreksvragen; daarna een bijbelstudie wordt gegeven naar aanleiding van een bepaald Schriftgedeelte; dan de toelichting wordt gegeven; daarop dus een flink aantal lesvragen; dan opnieuw een bijbeltekst met als samenvatting de leskern; daarna een catechismuszondag en dan nog weer opdrachten. Ik heb waardering voor wat hier geboden wordt. Soms krijg ik de indruk dat in elke les meer scribenten een bijdrage hebben geleverd. Wellicht dat de lessen daarom zo vol zijn. Zou het niet beter zijn iets minder stof aan te reiken om daardoor de verwerking van de les iets overzichtelijker te maken? Mijn moeite kan ik ook zo onder woorden brengen: er worden zowel aanwijzingen voor de catecheet als voor de catechisanten gegeven. Toch doen deze bezwaren niets af aan de waardering die ik voor deze nieuwe uitgave heb. De puzzel op blz. 39 lijkt mij vrij moeilijk.

In de serie Theologische verkenningen. Bijbel en praktijk, verscheen onder redactie van drs. A.G. Knevel: Geloofsopvoeding en catechese. Prijs f. 14,90. Uitg. Kok, Kampen.

In dit boekje zijn lezingen gebundeld die voor de microfoon van de EO zijn uitgesproken door predikanten en onderwijsdeskundigen. Zij betreffen zowel de catechisatie als het godsdienstonderwijs en de geloofsopvoeding in het gezin. In het algemeen heb ik waardering voor wat hier geboden wordt. Het is, mede door de grote verscheidenheid van scribenten, nogal beknopt. Met enkele uitspraken in het hoofdstuk Godsdienst op school heb ik wat moeite, zo bij voorbeeld dat het christelijk onderwijs per definitie oecumenisch onderwijs zou moeten zijn.

Als een eerste oriëntatie in de problemen en een voorzichtige handreiking voor een oplossing acht ik dit een goed boekje. Allen die bij de catechese en het godsdienstonderwijs betrokken zijn doen er goed aan hiervan kennis te nemen.

Ds. C.G. Geluk (red.), Jongeren in de gemeente. Kampen 1985.

Dit is nummer 15 uit de Reformatiereeks, die toerusting van gemeenteleden beoogt. Uit het woord vooraf blijkt dat het boek verschijnt in het kader van het 75-jarig bestaan van de Hervormd-Gereformeerde Jeugdbond.

In zes hoofdstukken wordt ingegaan op de situatie van jongeren in de gemeente en op de verantwoordelijkheid van de gemeente voor de jongeren. Daarbij wordt de stem van jongeren gehoord via de weergave van een groot aantal gesprekken met hen, daarbij wordt op pastorale verantwoordelijkheid en zorg ingegaan en ook op de taak van gemeenteleden. Het laatste hoofdstuk: Gelaatstrekken van de gemeente in de toekomst', lijkt mij niet specifiek voor dit thema. Het zou ook elders geplaatst kunnen zijn. Er worden waardevolle opmerkingen gemaakt. Met name dat aandacht voor de jonge mensen wordt gevraagd, tot luisteren wordt opgeroepen en tot leiding geven wordt aangespoord in de Geest van de Here Jezus Christus, acht ik een belangrijke lijn in dit boek.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.