+ Meer informatie

VOOR ONZE Militairen

DE VIJFDE COLONNE

7 minuten leestijd

Van bevriende zijde ontving ik een nummer van „Mededelingen orgaan" van de Afd. Zuid-Holland van de Bonden van Chr. Geref. J.V.'s en M.V.'s. Het is no. 3 van de 3e jaargang d.d. 12 Jan. 1953.

In dit nummer komt onderstaand artikeltje voor: Zó onderwijst men de jeugd

In het blad der J.V.'s van de Geref. Gemeenten „Daniël" 7e jaarg. no. 10 troffen we een artikel aan voor de militairen. De schrijver, die zich achter het pseudoniem „Krijgsman" verschuilt wijst de jongens op de mogelijkheid ook in de kazerne gezamelijk Gods Woord te lezen. Hij vervolgt dan:

„Soms wordt dit (het bijbellezen - red.) door één van de jongens gedaan en op een andere plaats geschiedt dit door een kaderlid. Wie het doet speelt geen rol. Wanneer er uit cle bijbel gelezen wordt, dan is het gelezene hoofdzaak. Een vloeker zal zich ti'ouwens niet opwerpen als voorlezer. Daar bestaat voor mij nog maar één bijbel. Het zou mij niet verwonderen, als op sommige plaatsen de nieuwe vertaling wordt gelezen. Jongens blijft daar maar gerust bij weg. Dat is Gods Woord niet. Die vertalers missen het crediet van Gods Volk. Men kent Gods Woord niet terug, als men het leest of hoort lezen. Ik hoorde laatst een predikant zeggen, dat communist en atheïst er aan meegewerkt heeft. Hoe is het mogelijk. Snelle afloop als der wateren. Heeft men nog een oude vertaling, houdt hem dan in ere, want we konden nog wel eens een tijd beleven, dat hij niet meer' te krijgen is. Het vertalen van Gods Woord is een werk des Geestes. Hoe zal men dit werk recht kunnen verrichten als men een vreemdeling is van God en Zijn Woord. Daar zou nog veel meer over te schrijven zijn, maar jongens, ik waarschuw jullie, schuw die nieuwe vertaling zonder meer. De Geest is er uit." (Tot zover mijn artikeltje. Kr.)

„Elders in het zelfde blad beantwoordt de heer T. Molenaar een vraag over een tekst in de nieuwe vertaling. Het. gaat over 2 Petr. 3 : 10 oude - nieuwe vertaling.

We laten het blad maar weer spreken.

„We zouden taalgeleerde moeten zijn, om het juist te kunnen beoordelen, maar omdat we toch van verschillende zijde een oordeel hebben gehoord over de nieuwe vertaling, die lang niet in alles voldoet, waag ik het ook mijn mening neer te schrijven. De nieuwe vertaling bevalt mij niet. Ik houd mij bij de oude."

Merkwaardig! „Krijgsman" acht het vertalen een werk des Geestes; de heer Molenaar meent dat hier vakmanschap aan te pas komt. Waaraan zijn de lezers van „Daniël" nu toe? Het ergste is echter, dat de jongens wordt aangeraden zich maar aan de lezing van

Gods Woord te onttrekken. Deze „Krijgsman" weerhoudt zijn medestrijders zich aan te gorden in het Arsenaal van Koning Jezus. Dat is werk van de vijfde colonne. De vijfde colonne van de vorst der duisternis en niet anders. en neemt den helm des heils aan en het zwaard des Geestes, dat is het Woord van God "

Ik heb dit artikeltje in z'n geheel overgenomen en gaarne wil ik hierover mijn mening kenbaar maken.

Toen ik mijn artikeltje in de Te jrg, no. 10 neerschreef heb ik niet kunnen denken dat men er zo'n belangstelling voor aan de dag zou leggen. Ik dank de lezers hiervoor. Wat ik daar geschreven heb, behoef ik niet te rectificeren nog' veel minder terug te nemen. Waarom niet? Omdat ik niet geschreven heb tegen de gangbare mening en opvatting van de Geref. Gemeenten die zij hebben over de nieuwe vertaling.

Ik heb nooit geweten dat ik het werk deed van een vijfde colonne, ja meer, van de vijfde colonne van de vorst der duisternis. Dhr Van Valen heeft mij dit geopenbaard. Ik kom hier straks op terug.

Ik wil beginnen met het laatste gedeelte van zijn artikeltje n.1. wat hij schrijft over dhr Molenaar. Dhr M. schrijft: „We zouden taalgeleerde moeten zijn" en Krijgsman schrijft: ..het vertalen is een werk des Geestes" en dan trekt dhr v. Valen deze foutieve en valse conclusie: „Waaraan zijn de lezers van „Daniël" nu toe?

Denkt dhr v. V. nu werkelijk dat dhr M. de mening is toegedaan dat men enkel taalgeleerde moet zijn en dat „Krijgsman" de opvatting' heeft dat men enkel het Werk des Geestes deelachtig moet zijn ? Wat is dat kinderlijk gedacht. Vast staat — en dat is het voornaamste — dat èn dhr M. én „Krijgsman", niet van de nieuwe vertaling houden maar dat ze beiden vast houden aan de oude vertaling. Ge kunt dat lezen in de verklaring van dhr M.

De volgende onwaarheid die dhr V. schrijft is de volgende: „Het ergste is echter, dat de jongens wordt aangeraden zich maar aan de lezing van Gods Woord te onttrekken." Waar heb ik dat geschreven mijnh. V. ? Bedoelt U dat ik onze jongens heb geraden, weg te blijven als de nieuwe vertaling wordt gelezen ? Ja, clan heeft U gelijk, maar dan weet U ook waarom ik dit advies heb gegeven.

Vervolgens schrijft dhr v. V.: „Deze ..Krijgsman" weerhoudt zijn medestrijders zich aan te gorden in het Arsenaal van Koning Jezus." Dit zou dan werk van de vijfde colonne zijn. Nu heb ik dit werk altijd in 't openbaar gedaan en ik meen dat de vijfde colonne juist veel in 't duister werkt. Uw vergelijking gaat wel een beetje mank. Bovendien zou ik willen vragen: iemand die alleen nog maar de oude vertaling' leest, kan die zich niet meer aangorden, moeten we daar beslist de nieuwe vertaling voor lezen. Ik heb het lezen van de oude vertaling nooit afgeraden. Daar komt nog dit bij mijnh.: v. V.: Zou Krijgsman werkelijk de macht hebben om het Arsenaal van Koning Jezus te sluiten en gesloten te houden? Wat een gedachte heeft U toch over het zich aangorden en over het Arsenaal van Koning Jezus. Ik zou hier veel meer over willen en kunnen schrijven maar mijn artikel zou te lang worden.

Als ik dan bij de vijfde colonne ben dan ben ik gelukkig niet alleen. Dan heb ik vele Christelijk Gereformeerden met mij.

Elders in het zelfde blad waarin dhr v. V. schrijft komt een verslag voor van een Afd. vergadering in Delft gehouden 13 Dec. 1952.

Ds J. H. Velema van Zwolle heeft daar een referaat gehouden dat tot titel had: „Spanningen en variaties - achtergrond en houding." Volgens dit verslag is de nieuwe vertaling o.a. oorzaak van spanning in de Chr.

Geref. Kerk. Ds V. zegt zelfs: „Deze spanningen zijn dan ook de oorzaak tot de scheuring in onze kerk. Ik denk mijnh. v. V. dat U dit niet met Ds V. eens bent. Het zal het werk wel zijn van de vijfde colonne. Wilt ge nog een bewijs?

Op 10 Febr. 1953 heeft de Chr. Schoolvereniging Rehoboth te Urk een jaarverg-, gehouden. In het verslag van deze verg. lees ik het volgende:

„In de rondvraag kwam aan de orde de vraag of de nieuwe bijbelvertaling ook op school zou worden gebruikt. Het is bekend, dat zeer veel Chr. Geref. op Urk afwijzend (Kr.) staan tegenover deze nieuwe bijbelvertaling. Zij geven in het bijzonder de voorkeur aan de oude Statenvertaling."

Die Urkers toch hè? colonne. Allemaal leden van de vijfde

Nog een bewijs?

In ..De Wekker" hoofdorgaan van de Chr. Ger. Kerk van 18 Apr. 1952 schrijft één van de vertalers n.1. Prof. v. d. Meiden dat hij over de nieuwe vertaling' heel wat vragen ontvangt.

Zou dat een bewijs of uitvloeisel zijn van de „spanningen" mijnh. v. V.

Ik wil het hierbij laten. Ik zou zeggen mijnh. v. V. „Wie boter op z'n hoofd heeft, moet niet in de zon gaan staan."

Hartelijke groeten aan allen.

„KRIJGSMAN".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.