+ Meer informatie

Oog voor de boer

"De schapen zijn op zoek naar een verdwaalde herder"

8 minuten leestijd

De tijd dat Nederland nog maar een enkele boer zal tellen, nadert snel. Tien, misschien nog twintig jaar. Jaarlijks zien 5000 agrarische bedrijven zich genoodzaakt hun activiteiten te staken. Dat zijn er zo'n honderd per week. Tot het besluit te stoppen, komt een boer niet zomaar, is de ervaring van Jan van Huet Lindeman. Doorgaans gaat daar een lange, moeilijke weg aan vooraf. Een eenzame weg ook. "Had de kerk er maar meer oog voor. Ze zou zo veel kunnen betekenen."

Zijn wieg stond op een boerderij in de Achterhoek. Achttien jaar, van 1968 tot 1986, oefende hij het beroep zelf uit, aanvankelijk op een gemengd bedrijf. Later legde hij zich toe op de kippenhouderij.

De marges waren "heel klein", ook toen al. Ziekten teisterden zijn legkippen. "Alleen de topbedrijven in de agrarische sector verdienen nog wat", zegt Van Huet Lindeman (63). "De massa niet meer; althans, zeker niet genoeg om grote investeringen te doen. Alleen de grootschalige bedrijven, met een echte manager aan het hoofd, zullen blijven bestaan. Of je ziet als boer kans er een activiteit bij te doen - een camping bijvoorbeeld, of een vorm van natuurbeheer. Maar ook daarin is niet iedereen succesvol."

Pastoraat

In 1986 zag hij zich gedwongen zijn bedrijf te beëindigen. Met zijn gezin verhuisde hij naar een rijtjeswoning in Winterswijk. Werk vond hij bij de technische dienst van Albert Heijn in Groenlo.

Intussen raakte Van Huet Lindeman, lid van de hervormde kerk in Winterswijk, meer en meer actief op het kerkelijk erf. Hij volgde cursussen op het gebied van het pastoraat en rondde in 2001 de studie pastoraal werk af aan de hogeschool Windesheim.

Het boerenbedrijf en de daaraan verbonden problematiek hielden zijn warme belangstelling. Hoe kan de kerk inspringen op de ingrijpende problemen die zich aandienen? vroeg hij zich af. Een gesprek met drs. C. J. Visser, directeur van het Regionaal Dienstencentrum (RDC) van de Samen op Weg-kerken in Gelderland, leidde uiteindelijk tot de opzet van het project "Pastoraat aan bedrijfsbeëindigers in de landbouw". Organisatorisch kreeg een en ander onderdak binnen de sectie arbeidspastoraat.

Begeleid door een werkgroep schreef Van Huet Lindeman in het najaar van 2001 een brief aan alle hervormde en gereformeerde kerkenraden en predikanten in de classes Doetinchem en Zutphen. Daarin vroeg hij om namen van agrariërs die mogelijk behoefte hadden aan pastorale begeleiding. Het leverde "enige respons" op: vijf boeren. Via andere kanalen legde hij contact met nog eens vijftien agrariërs.

Verdwaalde herder

Met deze twintig voerde hij "lange en intensieve" gesprekken. Soms drie, in een enkel geval wel vijftien. De weerslag hiervan, aangevuld met een theoretische onderbouwing, is te vinden in het 72 bladzijden tellende boekje "Pastoraat aan bedrijfsbeëindigers in de landbouw - Kerk als schuilplaats", dat gistermiddag in het RDC-Gelderland in Arnhem werd gepresenteerd.

De publicatie verschijnt precies op het juiste moment, zo lijkt het. De nog altijd rondwarende vogelpest, de nasleep van mkz en bse, de opkoop- en sloopregeling die met extra vaart werd doorgezet: boeren hebben het, op z'n zachtst gezegd, niet gemakkelijk. Toch is de samenloop van omstandigheden louter toeval, zegt Van Huet Lindeman. "Al maakt alles bij elkaar het boekje wel erg actueel."

De kerk als schuilplaats, ook voor de boer: het is het ideaal dat de auteur voor ogen staat. "Als ik zie hoezeer agrariërs steun nodig hebben, en tegelijkertijd hoezeer de kerk in zichzelf gekeerd is, dan zeg ik: Er moet iets gebeuren. Ik zou het zo willen zeggen: De schapen zijn op zoek naar een verdwaalde herder. En die herder is de kerk."

Dat de kerk een schuilplaats dient te zijn, werd binnen de werkgroep niet door iedereen onderschreven. "Zo nu en dan liep ik aan tegen de gedachte dat het schuilplaatsidee te soft is. Mensen zouden zich erdoor vertroeteld gaan voelen, hun verantwoordelijkheid niet meer hoeven te nemen. Het is misschien wel goed, zeggen sommigen, dat boeren op de keien vallen. Bij het landbouwsysteem zijn immers grote vraagtekens te zetten.

Hoezeer dat laatste misschien ook waar is, ik ben het met deze gedachtegang niet eens. Individuele boeren hebben, bijbels gezien, wel terdege de bescherming van de kerk nodig. Omzien naar wezen en weduwen in hun druk; omzien naar elkaar dus. En dat mensen daarbij op hun verantwoordelijkheid wordt gewezen, is helder."

Nog zo'n discussiepunt. "Waarom nu speciale aandacht voor de boeren? Middenstanders die worden weggeconcurreerd, KPN'ers die na 39 jaar ontslagen worden - dat zijn toch net zo goed bittere zaken?" Hij bladert door zijn boekje. "Hier, op bladzijde 13, probeer ik een antwoord te formuleren. "In die zin is het niet uniek wat agrariërs meemaken. Die constatering helpt ook om hun problematiek te relativeren, maar niet te bagatelliseren.""

Vogelpest

Er wordt wat geleden binnen de muren van een boerenbedrijf, weet de ex-agrariër. "Elk jaar staken -op een totaal van zeg 100.000- zo'n 5000 bedrijven hun activiteiten. Dan gaan het, globaal gesproken, om 10.000 mensen. Tienduizend!

Neem ook de gebieden waar de vogelpest heerst: 30 procent van de bedrijven zal het niet meer redden. De naschok komt nog. En hoe langer het duurt voordat er toestemming komt om de kippen weer op te zetten, hoe meer bedrijven er zullen omvallen. Om financieel-economische, maar niet minder om mentaal-psychische redenen. Mensen kunnen het soms gewoon niet meer aan, raken in een enkel geval zelfs suïcidaal. En zoonlief zegt: Alles mooi en aardig, maar ik word geen boer meer."

Juist op dit terrein kan de kerk een belangrijke taak vervullen, stelt Van Huet Lindeman. "Die taak ligt dus niet eens zozeer op het financiële vlak, dat van de diaconie. Natuurlijk, wél als een gezin niet meer in staat is in het levensonderhoud te voorzien. Maar verder niet, dat wil zeggen: dat kán bijna niet, gezien de enorme bedragen waarom het vaak gaat. Boeren verlangen dat ook niet van de kerk." Tussen haakjes: uit onderzoek blijkt dat 40 procent van de boerengezinnen onder het bestaansminimum leeft.

"Waar ze wél naar verlangen -al zullen ze dat zelden of nooit uitspreken, zeker in de Achterhoek of op de Veluwe niet-, is morele en geestelijke steun. Een bezoek, een hand op de schouder. De eenvoudige vraag: Hoe gaat het nu? Je ziet ook dat boeren in kerken en groeperingen waar dat gebéúrt meer betrokken blijven. Maar wat hoor je vaak? "Toen ik in de problemen kwam, was de kerk er niet.""

Mentoraat

Hoe kan een gemeente de boeren in haar midden meer tot steun zijn? In zijn boekje doet Van Huet Lindeman verschillende suggesties. "Door het aanbieden van een mentoraat, bijvoorbeeld. Laat een oudere boer die geen enkel financieel belang heeft bij het bedrijf van de ander, als mentor fungeren. Zo iemand heeft levenservaring, weet ook om te gaan met bepaalde netelige situaties."

Ook het aanstellen van een vertrouwenspersoon vormt een mogelijkheid. "Dat kan een ouderling zijn, de predikant zelf; maar ook een betrokken gemeentelid."

Probleem is dat veel boeren sterk geïsoleerd leven. Van Huet Lindeman spreekt zelfs van "eilandjes." De "taal" vormt eveneens een moeilijkheid. "Boeren en milieubeschermers spreken vaak een totaal verschillende taal. Zo is het in het pastoraat ook. Dat betekent dat we elkaar moeten leren verstaan, hoe moeilijk dat ook is."

Daarbij is een vertrouwensband onontbeerlijk. "En dat vertrouwen moet samen bevochten worden. Soms kost het wel drie gesprekken of nog meer. En soms ontstaat er helemaal geen band. Enige affiniteit met het beroep is ook wel voorwaarde."

Nog iets: "Blijf als pastor niet in de woonkamer zitten, maar loop het erf op. Vraag naar de machines, naar de koeien. Op die manier ontstaan vaak de beste gesprekken."

Boerin

In zijn boekje legt Van Huet Lindeman ook de vinger bij het onderscheid tussen boer en boerin. "Beiden gaan op heel verschillende wijze met de problemen om. Zozeer dat het verstandig is dat ze een eigen hulpverlener krijgen. De boer klaagt over zijn zorgen bij zijn vrouw. Zij moet de last van haar man dragen, merkt ook dat het niet goed gaat. Verder: de geldstromen verlopen meestal via de boerin. Zij ziet dat er geen geld meer binnenkomt, maar ze zwijgt erover om haar man niet nog meer te belasten. De boer reageert op de situatie door nog harder te gaan werken en te zwijgen. De boerin daarentegen heeft behoefte aan een gesprek. Hun relatie komt onder druk te staan."

Wat kan een pastor uiteindelijk betekenen? Wat helpt praten?

"Veel, heel veel. Er wordt te weinig gepraat. Het is ook de taak van de pastor met een boer mee te denken, de problemen in een groter perspectief te zetten. Het verlies van een bedrijf kan ook winst betekenen."

Veel boeren zijn boer in hart en nieren, willen ook koste wat het kost hun boerderij -vaak een erfgoed- behouden. Kan een pastor zo ver gaan dat hij adviseert de boerderij te verkopen?

"Alles afwegend kan het inderdaad zo ver komen. Dat hij erop wijst: "Joh, wat betekent dit alles nu voor je vrouw, voor je huwelijk? Bovendien, vanuit christelijk perspectief: is het wel goed dat je zo in beslag wordt genomen door de aardse dingen?" Tegelijk zeg ik: een pastor moet niet gaan adviseren. Hij moet proberen de boer zelf te laten verwoorden waarom hij tot een bepaalde keuze komt."

Hoever strekt de verantwoordelijkheid van de kerk zich uit?

"Wat mij betreft: verder dan alleen haar eigen leden. Ook rand- en buitenkerkelijke boeren hebben aandacht nodig."

Welke plaats ziet u weggelegd voor het gebed?

"Er zijn situaties geweest waarin ik een gesprek heb beëindigd met gebed. Maar juist dat vraagt om een vertrouwensband. Als die er is, probeer ik samen te bidden; zie ik het ook als mijn taak op het belang van het gebed te wijzen.

Wat dat uitwerkt, weet ik niet. Dat het wat uitwerkt, wel."

Het boekje "Pastoraat aan bedrijfsbeëindigers in de landbouw" is voor 5 euro (incl. verzendkosten) te bestellen bij het RDC-Gelderland: tel. 026-3551755; e-mail info@rdc-gelderland.nl.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.