+ Meer informatie

De waarheid van schepping en val

5 minuten leestijd

6.

Ontwikkeling of verval?

We zijn dus aan het einde gekomen van onze bespreking van de invloed der natuurwetenschappen op de tegenwoordige meningen over de eerste Bijbelhoofdstukken. Deze bespreking kon uiteraard niet breed zijn, maar heeft willen aantonen, dat de veranderde houding ten aanzien van de „resultaten” op dit gebied een zeer belangrijke rol heeft gespeeld in het loslaten van de feiten of het twijfelachtig maken van bepaalde gegevens uit de geschiedenis van schepping en val. Nu is dit begunstigd door een andere zaak, die we ook reeds in één van de vorige artikelen genoemd hebben, nl. de verandering in de Schriftbeschouwing. In het Meerderheidsrapport op de synode van de Gereformeerde Kerken(1967) wordt op deze verandering gewezen: „Evenals op het terrein van het natuuronderzoek hebben zich op het terrein van het Schriftonderzoek belangrijke ontwikkelingen voorgedaan”.

Hier treft ons het woord: ontwikkeling. Dit woord wordt meer gebruikt in de kringen van de Gereformeerde Kerken — en waar niet! — om een bepaalde verandering in zienswijze aan te duiden. Op de laatst gehouden Theologische Hogeschooldag van dezelfde kerken kwam deze uitdrukking ook naar voren. De leidende figuren weten wel, dat er onder het kerkvolk velen verontrust zijn over de gang van zaken op dat kerkelijk erf. Deze verontrusten zien hoe geheel anders dan vroeger de benadering van Gods Woord is in prediking en geschrift. Daarom moet de verontrusting weggenomen worden. Zo sprak op deze schooldag Prof. Herman Ridderbos om het kerkvolk te overtuigen, dat de veranderingen op allerlei gebied ontwikkelingen zijn in de lijn van wat vroeger werd geleerd. Afzonderlijk sprak deze hoogleraar — die zeker niet alles voor zijn rekening neemt wat zoal in de Gereformeerde Kerken te berde wordt gebracht — over het gezag van de Heilige Schrift: „Een derde punt, waarbij men ook kan spreken van een ontwikkeling in het verlengde van de oude lijn, is de nieuwe bezinning op de leer aangaande de Heilige Schrift en het Schriftgezag”.

Uiteraard zal niemand bezwaar hebben tegen het gebruik van dit woord ontwikkeling op zichzelf. Alleen gaat het er maar om of de nieuwe bezinning op de Heilige Schrift werkelijk een ontwikkeling is „in het verlengde van de oude lijn”.

De oude lijn is de lijn van onze belijdenis. Daarin wordt onvoorwaardelijk gebogen voor het gezag van de Heilige Schrift. De Schriften worden heilige en Goddelijke Schriften genoemd, omdat ze door de Heilige Geest zijn ingegeven. Ook belijdt de belijdenis: „en wij geloven zonder enige twijfeling al wat daarin begrepen is”. Zeker, ook in het verleden is erkend, dat God de Bijbelschrijvers naar eigen karakter heeft geleid, maar nimmer heeft dit bij de oude „lijn” geleid tot een ontkenning van het gezag van de Heilige Schrift of — zoals men het nu graag zegt — tot een andere kijk op de aard van het gezag. Wij menen, dat deze „oude lijn” de goede is. Niet omdat die lijn oud is, maar omdat die lijn schriftuurlijk is. De Heilige Schrift getuigt zelf van haar betrouwbaarheid en van haar gezag.

Daarvan is in het verleden ook in de Gereformeerde Kerken getuigd. Helaas werd reeds tóen te weinig benadrukt, dat geen Schriftbeschouwing zonder levend geloof ons de zaligheid brengen kan. Echter met dankbaarheid mogen we spreken van een vasthouden in het verleden aan het gezag van de Heilige Schrift. Zo sprak Dr. G. C. Berkouwer in zijn boek „Het probleem der Schriftkritiek” heel duidelijk over het „isolement” der gereformeerde Schriftbeschouwing. Heel duidelijk liet dezelfde schrijver zien, dat de onderwerping aan de Heilige Schrift én de kritiek op de Heilige Schrift niet met elkaar in overeenstemming zijn te brengen.

Dat was inderdaad de oude lijn. En nu is het één van beide, óf deze lijn wordt verworpen, óf men erkent afbuiging van die lijn. Het is niet mogelijk de nieuwe „bezinning” met de vruchten daarvan te noemen een ontwikkeling in de oude lijn. Men kan dit wél menen en zich op die lijn beroepen — zelfs op Calvijn, zoals we wellicht wel nader zullen zien, maar de werkelijkheid is anders. En ik dacht toch, dat we afbuiging van die schriftuurlijke lijn verval moeten noemen. Een beter woord is hier nu eenmaal niet voor te gebruiken.

Is dit te veel gezegd? Wie onbevangen vergelijkt het bovengenoemde boek van Dr. G. C. Berkouwer en zijn latere boeken: „De Heilige Schrift” I en II, 1966 en 1967, kan zich alleen maar verwonderen over zo grote verandering in enkele tientallen jaren bij deze professor in zijn zienswijze op de Heilige Schrift. De sterke benadrukking van de zgn. menselijke faktor in de Heilige Schrift opent de poort naar allerlei gedachten over de betrouwbaarheid, enz. van de Schrift, die afwijken van wat vroeger geschreven is. In geen geval zal men hier kunnen spreken van een ontwikkeling in het verlengde van de oude lijn. Hier is duidelijke afbuiging.

De luide toejuichingen van de zijde van hen, die buiten de Gereformeerde Kerken het nooit nauw genomen hebben met het Schriftgezag, met deze ontwikkelingen, spreken trouwens wel bijzonder. Zij zien het niet verkeerd, dat de deur is opengezet voor de Schriftkritiek en het hek van de dam is. De deur opengezet? Het is te weinig gezegd als men hoort van predikanten, die zich beijveren de gemeente ’s zondags voor te houden dat de historische mededelingen van de Schrift niet echt gebeurd behoeven te zijn.

Ergens las ik van iemand, die zijn predikant had horen preken over het offer van Abraham. De dominee zei in de preek, dat het er niet op aankwam of dit echt gebeurd was. Het stond in de Bijbel om te laten zien wat het geloof vermag. De man, die het gehoord had, ging naar zijn predikant. Deze zei het zélf wel te geloven, maar de mensen, die gestudeerd hadden, geloofden dat niet…..

Ik ga maar niet verder….. Maar wat is dit, ontwikkeling in de oude lijn of verval? Ik dacht dat het antwoord niet moeilijk is.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.