+ Meer informatie

's Heeren zielelijden in Gethsémané

4 minuten leestijd

„Toen ging Jezus met hen in een plaats, genaamd Gethsémané, en zeide tot de discipelenc 7Jt hier neder, totdat Ik heenga en aldaar zal gebeden hebben." (Matth. 26 : 36)

De geschiedenis der hoven staat in nauw verband met de schepping en de val des mensen, alsmede met de oprichting van de gevallen mens in en door Christus.

God, Die de mens schiep naar Zijn beeld en gelijkenis, plaatste hem in de hof van Eden. Daar sloot Hij met de mens het verbond, waarvan de belofte, alsmede de bedreiging door Adam, als hoofd van dat verbond, volkomen werd ingewilligd. Hoe heerlijk was zijn staat. Te leven met zijn Schepper in de nauwste, gelukzalige gemeenschap.

Helaas, door eigen schuld en moedwillige ongehoorzaamheid verbrak de mens dat verbond en stortte zichzelf, met zijn ganse nakomelingschap in de drievoudige dood.

Dit geschiedde in de hof, waarin God hem geplaatst had. Na zijn val werd hij uit die hof van Gods aangezicht verdreven. Aan de ingang van die hof plaatste God cherubs of engelen met een uitgetrokken zwaard, om de ingang van de hof te bewaken, zodat het van Adams zijde onmogelijk was daarin te kunnen wederkeren.

Ontzettend waren de gevolgen, die daaruit voortvloeiden, voor Adam en dl zijn nakomelingen.

Hoe groot is het wonder van Gods eeuwige zondaarsliefde, dat de gezegende Heere Jezus, als de tweede Adam, ingaat in de hof van Gethsémané.

In die hof zal Jezus, als Borg en Zaligmaker, dragen de straf der zonde en op Hem zullen de fiolen van Gods toorn uitgegoten worden. Daar zal op Zijn hand de beker van Gods grimmigheid geplaatst worden, welke door Hem, als Zions betalende Borg, tot de bodem toe geledigd zal worden, opdat Zijn volk, om Zijnentwil, de beker der verlossing zal gegeven worden. Er moest immers aan Gods gerechtigheid genoeg gedaan worden, daar Zijn rechtvaardigheid eiste, dat de zonde, welke tegen de Goddelijke majesteit bedreven was, met tijdelijke en eeuwige straffen zouden gestraft worden. De straf, die Zijn volk de vrede aanbrengt, was op Hem en door Zijne striemen is voor Zijn volk genezing geworden.

Met Zijn discipelen, behalve Judas, ging Hij die hof in en hen op een afstand latende, kwam die dierbare Borg alleen.

O, gij, die cle Heere, door genade mocht leren vrezen, ziet eens, wat uw zonden Hem gekost hebben. Ziet eens, hoe Hij alleen als Middelaar, ja, als de enige Middelaar en Hogepriester, zichzelven Gode onstraf fel ijk heeft opgeofferd.

Daar leed Hij het lijden, wat Gods kinderen eeuwig hadden moeten lijden. Hij leed in hun plaats; vernederde Zich, toen Hij viel op Zijn aangezicht, als een boeteling, want op Hem verhaalde de hemelse Rechter de schuld en straf der uitverkorenen.

Welk een ure van onuitsprekelijke smart, ja, de helse smarten werden daar door Hem gedragen. Niet na Zijn dood is Hij gekomen in de plaats der hel, maar vóór Zijn sterven doormaakte Hij de angsten der Lel, wclko-tcari liet Hem deden uitroepen: „Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten? " Dat deed Hij om Zijn volk cle waarborg te geven, dat zij nimmer van God zullen verlaten worden.

Is het ook niet daarom, opdat Zijn volk, clie zichzelf schuldig en verdoemelijk leren kennen, de grote waarde daarvan zullen zien en het door het zaligmakend geloof leren omhelzen.

Ziet eens, hoe het zwaard van Gods wraak de Herder slaat, opdat de schapen zouden verstrooid worden. De Heere zal Zijn hand tot de kleinen wenden. Ziet eens, hoe Jezus' zweet in bloed werd veranderd en hoe Hij geperst werd, maar dit alles deed Hij in volle onderwerping aan Zijn Vader.

Immers in de eeuwigheid had Hij zichzelf ten Borg gesteld en nu betaalt Hij, hetgeen Hij niet geroofd had.

In Zijn grote doodsangst was Hij alleen. En terwijl Judas met de overpriesters niet sliepen, sliepen Jezus' discipelen wel. Hoe werd daar vervuld, dat Hij de pers alleen getreden heeft, daar niemand der volken met Hem was.

Dat wij door genade leerden, hoe van des mensen kant het zalig worden on-

mogelijk is, maar dat de enige weg onder de hemel gegeven, alleen in die dierbare Borg ontsloten is. Vreseliik zal het zijn, als wij op die grote zaligheid geen acht geven. Eveneens vreselijk is het, indien wij trachten door zelfverlossing, buiten die dierbare Borg en Zaligmaker, verzoening met God te verkrijgen.

Denkt er toch aan, dat al die pogingen zullen falen, maar dat het de bevindelijke les blijft voor het door Gods Geest wedergeboren volk, om alles schade en drek te leren achten om de uitnemende kennis van Christus Jezus te bekomen. Straks, als Jezus de geest geeft, dan zal Zijn lichaam gelegd worden in een graf, hetwelk ook in een hof gelegen is; opdat in de morgen der opstanding, in een hof zal bevestigd worden, dat Hij gestorven is om onze zonden en opgewekt tot onze rechtvaardigmaking.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.