+ Meer informatie

VOORBIJ BEZIELING EN BEGRENZING burnout onder predikanten

6 minuten leestijd

VOORAF

Het is beter te voorkomen dan te genezen. Zo’n uitspraak is zo verschrikkelijk waar, dat je gevaar loopt er pas aan te denken als het op genezen aankomt. Een burnout heeft een grote impact op het leven, zeker ook op dat van een predikant. Immers is de verwevenheid van leven en werk groot bij een dominee. En niet alleen hij krijgt er dan mee te maken, maar ook zijn gezin en zijn gemeente. Daarom heeft de SBSB (Stichting ter Behartiging van Sociale Belangen van Chr. Geref. Predikanten e.a. (zie jaarboek 2009 blz 44 en 215) op 17 september 2009 een studiedag Burnout-preventie georganiseerd voor predikanten en hun echtgenotes, in samenwerking met Eleos. Deze dag was, getuige de reacties van deelnemers, zeer de moeite waard. Het motto van deze dag was “Grenzen van het ambt? Herkennen en voorkomen van burnout bij predikanten”. Van de hand van Drs. P. Voorwinden, klinisch psycholoog bij Eleos, die de openingspresentatie verzorgde, volgt hier een overzicht van wat hij toen naar voren bracht.

G. van ‘t Spijker, voorzitter van de SBSB

WAT IS BURNOUT?

Met zijn (autobiografisch) boek Ziek van de kerk?! heeft ds. J. Beider recent aandacht gevraagd voor burnout-problematiek onder predikanten. Het is niet de eerste keer dat er over dit onderwerp geschreven is. In 2007 verscheen er bijvoorbeeld een boek met de titel Verterend vuur. Over burnout in het basispastoraat. Beide boeken onderstrepen de realiteit: ook predikanten kunnen opbranden in de dienst aan God. Voldoende reden om er hier kort op in te gaan.

Bij burnout gaat het om een aanhoudende fysieke, emotionele en mentale uitputting als gevolg van constante werkstress bij normale individuen. Deze uitputting gaat vergezeld van spanningsklachten, verminderde persoonlijke effectiviteit, verminderde motivatie, en de ontwikkeling van een niet-functionele werkhouding (‘er komt niets meer uit mijn vingers’).

SYMPTOMEN

Een burnout komt niet uit de lucht vallen, maar ontwikkelt zich altijd geleidelijk. Kennis van de eerste signalen maakt de kans op tijdige herkenning groter en daarmee ook de kans op voorkoming van een burnout. Symptomen die vaak genoemd worden in het kader van een zich ontwikkelende burnout zijn: vage onlustgevoelens, prikkelbaarheid, afname van vrolijkheid, negativisme en cynisme, afwezigheid en sociale isolatie, apathie of juist overactiviteit, lichamelijke en emotionele moeheid. Ook concentratiemoeilijkheden, verslechterd geheugen, slaapproblemen, overgevoeligheid voor zintuiglijke indrukken, verhoogde spierspanning en het ontstaan of terugkeren van diverse psychosomatische ziektes kunnen duiden op chronische overbelasting. Het brede scala aan klachten laat zien dat mensen verschillend reageren op te veel stress, maar maakt ook duidelijk waarom het begin van een burnout zo gemakkelijk over het hoofd kan worden gezien.

RISICOFACTOREN

Oorzaken voor burnout worden doorgaans in drie groepen verdeeld: werk, privé en persoonlijkheid.

Predikanten behoren met hun werk tot een bijzondere risicogroep. Zij werken gemiddeld 55 - 60 uur per week en moeten op een breed terrein deskundig zijn (prediking, pastoraat, catechese, leidinggeven). Het voortdurend beschikbaar moeten zijn voor mondige gemeenteleden maakt de werkdruk niet minder. Verwachtingen van gemeenteleden kunnen botsen met de taakopvatting van de predikant, waardoor rolconflicten kunnen ontstaan. Verder is er sprake van een grote verwevenheid tussen werk- en thuissituatie: de pastorie verenigt immers woon- en werkplek voor een dominee. Het beroep van predikant heeft daarnaast een betrekkelijk individualistisch karakter, waardoor collegiale steun en feedback vaak ontbreekt. Plotselinge ingrijpende gebeurtenissen in de gemeente, zoals overlijden of crises, doorkruisen iedere werkplanning en vormen daarmee ook een spanningsbron.

In het privéleven kan een predikant net als ieder ander te maken krijgen met zorgen over kinderen, een zieke echtgenote of hulpbehoevende ouders. Relationele problemen of verliezen kunnen zich voordoen en een wissel trekken op de emotionele belastbaarheid. Voldoende tijd nemen om tegenslagen in het privéleven te verwerken kan onder de druk van het werk er snel bij in schieten.

Persoonlijkheidstrekken die kunnen bijdragen aan het ontwikkelen van een burnout zijn met name perfectionisme, plichtsgetrouwheid en toewijding, zichzelf wegcijferen en onvoldoende begrenzen en delegeren. Ook een sterke behoefte aan waardering kan kwetsbaar maken voor burnout. Emotionele stabiliteit, extraversie en een bepaalde mate van autonomie kunnen juist een beschermende buffer vormen.

PREVENTIE

In het algemeen geldt dat een goede balans tussen inspanning en ontspanning het middel is om burnout te voorkomen. Bij het werk van predikanten zijn de volgende preventieve maatregelen aan te bevelen:

• voldoende tijd voor meditatie, Bijbelstudie en gebed: dit geldt voor iedere christen, maar zeker ook voor christenen die leiding geven aan een gemeente. De Geest verbindt zich immers aan het Woord en wil op die wijze mensen bemoedigen, inspireren en corrigeren;

• een heldere taakomschrijving die goed afgestemd is met de kerkenraad: duidelijkheid over wederzijdse verwachtingen voorkomt teleurstelling of kritiek;

• arbeidstijden begrenzen door bijvoorbeeld het instellen van een telefonisch spreekuur, zodat gemeenteleden niet onder de maaltijd bellen omdat de dominee dan altijd thuis is. Dit is voor veel predikanten een gevoelig punt, omdat ze menen dat een herder altijd beschikbaar moet zijn voor de schapen. De vraag is echter of een predikant voor alle vragen altijd beschikbaar moet zijn. Wat is echt dringend en wat kan wachten tot een telefonisch spreekuur? Via een mailadres kunnen tegenwoordig overigens ook veel praktische regelzaken afgestemd worden;

• structurering van taken en waar nodig taken delegeren aan ambtsdragers, pastorale medewerkers of vrijwilligers in de gemeente. Als bijvoorbeeld het voorzitten van een kerkenraadsvergadering een predikant moeilijk afgaat, is het goed om te overwegen of een ander het beter kan doen. Dit vraagt overigens voldoende wederzijds vertrouwen. Dit geldt ook voor andere taken zoals catechese of het leiden van (onverwachte) rouwdiensten: een predikant hoeft niet alles alleen te doen, maar kan anderen inschakelen;

• voldoende tijd reserveren voor studie en bijscholing;

• voldoende steun zoeken bij kerkenraadsleden en collega-predikanten: eventueel intervisie of supervisie organiseren. Bij steun zoeken wordt vaak onderscheid gemaakt in praktische en emotionele steun. Met name het zoeken van emotionele steun (bijvoorbeeld na crisispastoraat) wil er bij predikanten nog weieens inschieten;

• het is zinvol om als predikant tenminste één maal per jaar de werkdruk te bespreken met (een deel van) de kerkenraad.

In het privéleven is voldoende tijd voor ontspanning en onthaasten nodig. Tijd om met gezinsleden, familie en vrienden op te trekken, draagt bij aan het afstand nemen van het werk en het opnieuw geïnspireerd kunnen raken. Het hebben van een hobby kan de broodnodige afleiding bieden. Sporten verdient extra aandacht: fysieke inspanning helpt het lichaam namelijk om stresshormonen op te ruimen. Fietsen, wandelen en tuinieren zijn alternatieven als zwemmen of andere sporten moeilijk realiseerbaar zijn.

Als preventieve maatregelen voor predikanten moeilijk te realiseren zijn, kan training of coaching zinvol zijn. Als een burnout reeds heeft toegeslagen, is het belangrijk om de hoop op herstel niet te verliezen. Een burnout wordt weieens met een bosbrand vergeleken: na de brand is er ruimte voor nieuw leven. Specifieke behandelingen gericht op burnout dragen vaak bij aan het weer oog krijgen voor dat nieuwe leven.

Om verder te lezen:

Bisschops, A., Jos Pieper en Willem Putman (red., Verterend vuur. Oover burnout in het basispastoraat. Uitg. Meinema Meinema 2008.

Dingemanse, P. Wat burnout met je doet. Uitg. Boekencentrum Zoetermeer 2003.

Karsten, C., Omgaan met burnout. Uitg. Elmar Rijswijk 1999.

De heer Voorwinden is klinisch psycholoog bij de stichting Eleos

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.