+ Meer informatie

Zelfrechtvaardiging

2 minuten leestijd

Er zijn mensen, die in het geheel geen droefheid over hun zonden hebben, die de zonden en hun vervloeking volstrekt niet bedenken, dan zo wat oppervlakkig, en die — hoewel ze vermaand worden, zich niet toe te eigenen wat Christus alleen voor Zijn gelovigen bestemd heeft, en ook vermaand worden, zich van des Heeren tafel te onthouden, zolang ze zó voortleven, er telkens wel op vinden, om hun zonden en hun verkeerde aard te vergoelijken, en zich met hun onboetvaardig hart achter de verslagen harten der gelovigen te verschuilen, en wien ik raden zou te bedenken, dat er geschreven staat: ,,Daarom zullen de goddelozen niet bestaan in het gericht, noch de zondaars in de vergadering rechtvaardigen, want de Heere kent de weg der rechtvaardigen, maar de weg der goddelozen zal vergaan". (Ps.1).

Het ergste van alles is, dat een ieder die zó is, zich dat alles, wat ik gezegd heb, niet bijzonder aantrekt, maar bij zichzelven zegt: „Daarvoor beware mij God, dat ik zo en zo zijn zou", en hij verbergt zich achter zijn goede mening.

Waar het een zaak van het geweten is, daar is zelfrechtvaardiging, daar kan men zichzelven spoedig weder ophelpen; waar het een zaak der harten is, daar is zelfveroordeling, en die dáár troosten kan, is God alleen.

H. F. Kohlbrugge

(„De ware Zelfbeproeving")

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.