+ Meer informatie

STICHTING TOT BEHARTIGING VAN DE SOCIALE BELANGEN VAN CHR. GEREFORMEERDE PREDIKANTEN

5 minuten leestijd

Veel ambtsdragers zullen niet weten dat deze stichting bestaat noch wat het belang ervan is. Dat is niet zo verwonderlijk, omdat in de regel alleen predikanten en met name kandidaten informatie van deze stichting ontvangen. Toch is enige informatie niet overbodig. Het ontstaan van de stichting heeft nl. te maken met de verplichtingen, die iedere kerkeraad ten opzichte van zijn predikant op zieh neemt. Met name die, welke als volgt onder woorden is gebracht in de concept beroepsbrief, te vinden in de kerkorde: „Voorts zegt de kerkeraad u in geval van ziekte van u of van uw gezin zo-danige hulp toe, dat u zonder financiele zorg kunt leven”.

Dat een dergelijke belofte, in alle liefde gegeven, tot nagenoeg onoverkomelijke conse-quenties kan leiden, is in de loop der tijd al gebleken.

Directe aanleiding tot het oprichten van bovengenoemde stichting was een gebeurtenis, waardoor een kerkelijke gemeente financieel zwaar belast werd door de ziekte van haar predikant. Dit werd onderwerp van gesprek op een classicale vergadering. Daar werd de noodzaak gevoeld om dergelijke Problemen te ondervangen, door gezamenlijk iets te ondernemen, zodat noden die zieh plaatselijk voordoen, ook gezamenlijk kunnen worden opgevangen.

De mogelijkheid van een gezamenlijk fonds is destijds wel onder ogen gezien, maar ver-worpen, omdat dit toch een zeer grote belasting zou gaan vormen. Uiteindelijk is geko-zen voor een collectieve verzekering, waarbij een stichting zou optreden als verzeke-ringsnemer, aangezien deze daarvoor beter in aanmerking zou komen dan een kerkelijke vergadering als een classis.

Twee pun ten mogen onderstreept worden:

a. Hoewel de belangenbehartiging geschiedt door een stichting en formeel dus een par-ticulier initiatief is, is dit initiatief het gevolg van het overwegen van een kerkelijke vergadering.

b. Het is de gezamenlijkheid, die wezenlijk werd geacht; en ze is dit nog steeds.

Het contract, zoals dat destijds (1958) door de stichting werd afgesloten, had zoveel voordelen boven andere wijzen van verzekeren, dat rüstig van iets uitzonderlijks ge-sproken kon worden.

Dat dit vandaag de dag niet meer geldt van elk onderdeel zal niemand verbazen, die op de hoogte is van de letterlijk moordende coneurrentie die er plaats vindt in het verze-keringswezen, dat zieh sindsdien gretig op deze markt heeft gestort.

Zonder in bijzonderheden af te dalen is het toch goed een aantal punten uit het contract van de stichting te noemen. Dit is ook nodig omdat helaas onjuiste voorlichting ook tot verkeerde beeldvorming heeft geleid. Te denken is met name aan punt 7.

1. Predikanten, die zieh aan hun eerste gemeente verbinden en zieh binnen één maand aanmelden voor deze collectieve ziektekostenverzekering, kunnen zonder beoorde-Iing van hun gezondheid verzekerd worden volgens de voorwaarden van het contract.

2. Kinderen, waarvoor kinderbijslag wordt genoten, kunnen tot hun 27e verjaardag te-gen betaling van de kinderpremie, verzekerd blijven op de polis.

3. Maximaal is voor drie kinderen beneden de leeftijd van 18 jaar premie verschuldigd.

4. Per gezin kan een aanvullende verzekering worden gesloten, waardoor bij overlijden van het gezinshoofd vóór zijn 60e verjaardag, tien jaar lang voor het betreffende gezin (voor kinderen tot 21 jaar en ongehuwd) geen premie betaald hoeft te worden. Indien de weduwe hertrouwt, vervalt deze extra verzekering.

5. leder kind, tijdens de duur van de verzekering uit een op de polis verzekerde moe-der geboren, is, mits binnen een maand aangemeld, meeverzekerd zonder medische selectie, indien ook de andere tot het gezin behorende kinderen zijn meeverzekerd.

6. Een abnormaal schadeverloop zal nooit een aanleiding zijn voor het opzeggen van de verzekering, ongeacht of dit schadeverloop van individuele dan wel collectieve aard is.

7. Indien de verzekering door de stichting zou worden beëindigd, dan zullen de verze-kerden de verzekering kunnen voortzetten tegen betaling van de individuele premie.

8. Gekozen kan worden voor een eigen risico van f. 1.000,- per jaar (Top klasse polis) of van f. 350,- per jaar (Klasse polis). Voor jongere verzekerden is de premiestelling het gunstigst wanneer gekozen wordt voor het eigen risico van f. 1.000,-.

Het is niet uitgesloten dat kandidaten, wanneer zij jong zijn, zieh elders tegen een iets lagere premie voor ziektekosten kunnen verzekeren. Bedacht moet allereerst worden dat dit verschil in premie praktisch wegvalt, wanneer men bij toetreding omstreeks 30 jaar is.

Een andere vraag is, hoe de voorwaarden zijn.

Een veel belangrijker argument dat overwogen moet worden, is datgene wat de eigenlij-ke kern van dit artikel vormt. Het hangt samen met het zg. non-selectie principe, dat in het stichtingscontract verwerkt is. Met name zoals dat in bovengenoemd punt 1 is on-dergebracht.

Toetreding tot het door de Stichting aangegane contract houdt in, dat de gezamenlijke predikanten de weg open houden voor met name de bedreigde ambtsbroeder en zijn gezin.

Het komt voor, dat door de siechte gezondheidstoestand of een bijzondere risicofactor in die gezondheidstoestand iemand niet kan worden ondergebracht in een verzekering.

Zo iemand blijft onverzekerd met alle financiële risico’s voor hemzelf of zijn kerke-raad, meestal beide. Of men wordt ondergebracht in een pool, waarvoor de premie in astronomische bedragen gaat lopen met in de praktijk dezelfde gevolgen.

Het principe van gezamenlijkheid, waarbij de predikanten samen, en in wezen ook de kerkeraden samen elkaar beschermen, is van meet af de opzet geweest. En deze opzet is gekozen op basis niet van een denkbeeldig geval, maar van een gebeurtenis, die tot lering móest strekken.

Welbewust is dit element van gezamenlijkheid via het non-selectie principe ingevoerd in een nuchter contract. Niettemin is dit een vorm, waarin getracht is te ontkomen aan het denken in termen als: „ben ik mijns broeders hoeder?”.

Dit moge bedacht worden om te voorkomen, dat we ook in de kerk zouden leven naar de vrij algemene maatstaf: wat is in mijh geval of in ons strikt plaatselijke geval tot op de laatste cent het voordeligst?

In dit gegeven alsook in het feit dat de kerkeraden voor minstens de helft de premie-kosten betalen (vaak ook meer), is voldoende aanleiding gelegen om als kerkeraad met de beroepen predikant en vooral kandidaat te spreken.

Uiteraard kunnen inlichtingen verder worden verkregen bij de Stichting.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.