+ Meer informatie

voer voor archeologen en toeristen

CYPRUS:

5 minuten leestijd

Wie een schep in de grond zet langs de weg van Nicosia naar Pafos, moet niet vreemd opkijken als hij ter plekke een stukje Byzantijnse, islamitische of Romeinse cultuur blootlegt. Cyprus is voer voor archeologen; dat is zeker, maar er is nog veel meer. Het is een eiland van olijven, zon, unieke mozaïeken, wilde moeflons, verrukkelijk eten en mooie vergezichten.

De Cypriotische naast wie ik in het vliegtuig zit, blijkt een Hollandse. Of de Hollandse blijkt een Cypriotische, het is maar hoe je het bekijkt. Vorig jaar is ze met haar man en vier kinderen geëmigreerd naar Cyprus. Waarom? „Jarenlang heeft Cyprus als vakantiebestemming gediend, maar het eiland is zo mooi en heeft zoveel te bieden dat we besloten hebben er te gaan wonen. Het klimaat is ook zo heerlijk. Zelfs in deze maanden, november en december, kan de temperatuur nog zeer zomers zijn." Dat laatste mocht ik de volgende morgen aan den lijve ondervinden. Tijdens mijn ontbijt op het terras van het hotel werd ik verrast door een aangename temperatuur van rond de 22 graden.

Staaldraden
De Cyprische automobilist rijdt graag vol gas. Afremmen gebeurt slechts in noodgevallen, ook in dorpjes. Je went er snel aan. Al slingerend, tussen traag manoeuvrerende ezelskarren en op het laatst uitwijkende tegenliggers, rijd ik door de bergdorpjes. In deze lieflijke, vredige dorpjes heeft het misschien wel meest belangrijkste transportmiddel vier poten, een zachte vacht en is het over het algemeen erg vriendelijk: de ezel. Regelmatig versperren ze mijn weg, maar ik merk tegelijk dat ezels onmisbaar zijn voor het vervoer van olijven en sinaasappelen. In deze periode, begin december, is namelijk de olijvenoogst volop aan de gang. Af en toe steekt een verdwaalde monnik de weg over. Soms word ik nagekeken door druk pratende, nieuwsgierige mannen, die in de schaduw op het terras van het dorpscafé zitten. In welk dorpje ik ook kom, de huizen ogen onafgemaakt en het lijkt wel of er overal wordt gebouwd. De staaldraden steken op elke bovenste verdieping verwachtingsvol de lucht in.

Olympos
In de verte zie ik de Olympos in het Troodos gebergte. Het is nauwelijks te geloven dat deze hoogste berg van Cyprus bijna 2000 meter hoog is. Of je nu in Limassol of in Nicosia staat, je hebt altijd de indruk dat je het hele gebergte ziet. De schitterende dichtbegroeide bergkammen worden door de meeste toeristen alleen op afstand gadegeslagen. Het is bijzonder stil op de Olympus, slechts af en toe kom ik een wandelaar tegen, genietend van het natuurschoon en de schitterende vergezichten. Het Troodos gebergte is een waar wandeldorado. Dit is het leefgebied van de moeflon, een beschermd bergschaap, dat het tot symbool van Cyprus Airways schopte. De enige activiteit op de Olympus is het indrukwekkende radarstation dat de Britse luchtmacht er vestigde. Naast dit radarstation huist de boswachter. Vijf zomermaanden per jaar speurt hij vanaf zijn toren de omgeving af om beginnende bosbranden te lokaliseren. Het is niet echt een baan die veel afleiding biedt, maar het uitzicht vergoedt veel. De Olympos gaat 's winters schuil onder een dik pak sneeuw. Op de flanken van de Olympos kan dan zelfs geskied worden. De echte sportieveling reist na de afdaling door naar het laagland voor een heel speciaal après-ski: een duik in zee.

Beeldhouwwerken
Terwijl ik achter het stuur de indrukken van het veelzijdige Cyprus laat passeren, zie ik het groeien er ook landschap om mij heen vol met volop. olijfgaarden. Er wordt gezegd dat op Cyprus de oudste olijfbomen ter wereld voorkomen. Geloven doe ik dat graag, zeker als ik in het plaatsje Pissouri "beeldhouwwerken" zie van meer dan duizend jaar oud. Sommigen zijn hol en daarbinnen groeien uit het eeuwenoude grijze hout, dat volkomen dood  lijkt, jonge, frisgroene spruiten. Ik wandel door de olijfgaard en merk dat het oogsten van de olijven voornamelijk vrouwenwerk is. Op trapjes of kistjes, vaak half verborgen tussen het groen, plukken zij de olijven en laten zij ze op netten vallen die op de grond zijn uitgespreid. De olijven worden opgeraapt, in manden gedaan en door de mannen per trekker of met de ezelskar naar de olijvenpers gebracht. Daar worden de olijven in een grote trog door zowel zijwaartse, als om hun as draaiende molenstenen stukgewreven. De kapotte olijven worden samengeperst en de kostbare olijfolie wordt opgevangen. Ik rijd westwaarts en nader Pafos. Hier was de apostel Paulus, vergezeld door Barnabas, tijdens zijn eerste zendingsreis. Hij bezocht in Pafos stadhouder Sergius, die graag het Woord Gods wilde horen. Elymas, de tovenaar, probeerde de stadhouder van het geloof te weerhouden en werd hiervoor met blindheid gestraft.

Kogelgaten
Cyprioten zijn heel aardige mensen. Maar toch, als je hun geschiedenis nagaat hebben Cyprioten weinig reden om aardig te zijn. Eeuwenlang zijn ze achtereenvolgens overheerst door Assyriers, Perzen, Egyptenaren, Romeinen, Byzantijnen, Arabieren, Engelsen, Fransen, Turken, en nog een keer de Engelsen. Het grootste deel van de bevolking is van Griekse aflcomst, de rest is Turks. In 1960 werd Cyprus een zelfstandige republiek. Vanwege toenemende spanningen tussen de bevolkingsgroepen zetten de Turken in 1974 een invasie in. Als direct gevolg daarvan vluchtten 180.000 Grieks-Cyprioten naar het zuiden, terwijl 40.000 Turks-Cyprioten de omgekeerde weg volgden. Sindsdien leven beide bevolkingsgroepen gescheiden van elkaar aan weerszijden van de Green-line: een 217 kilometer lange bufferzone die onder controle staat van de Verenigde Naties en dwars door de oude binnenstad van Nicosia loopt. Hiermee is Cyprus het enige land met een gedeelde hoofdstad. Ingestorte huizen en muren vol kogelgaten wekken de indruk dat er onlangs een veldslag werd uitgevochten. De wegen lopen dood op militaire posten en versperringen van olievaten en prikkeldraad. De "muur" is voor de Cyprioten een onpasseerbare hindernis, voor toeristen niet. „Mijn paspoort is geldig over de gehele wereld, behalve voor mijn eigen huis", heet het onder Grieks-Cyprische vluchtelingen. De scheiding kreeg in 1984 haar "bekroning" met de eenzijdige instelling van de Turkse Republiek Noord-Cyprus, die overigens alleen door Turkije wordt erkend. De Turken gingen zover dat alle Grieks-Cyprioten uit het welvarende en vruchtbare gebied werden verjaagd.

Met dank aan Cyprus Airways en Cyprus Tourism Organisation.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.