+ Meer informatie

Met de stoomtram door Zuid-Beveland

5 minuten leestijd

GOES — De zomer staat weer voor de deur en daarmee et seizoen dat de stoomtram rijdt door de zak van Zuid-Beeland. Dat betekent voor de stichting Stoomtram Goeslorsele een hele drukte. Elke zaterdag wordt er flink wat erk verzet op het. terrein dat de SGB (Stichting Stoomtram loes-Borsele) van de NS in gebruik heeft. Deze zomer rijen er op het traject een drietal stoomtrams; twee stoomlojmotieven zijn reeds rijklaar, aan de derde wordt hard geerkt.

Het traject waarover de stoomtram jdt is achttien kilometer lang. De loorlijn slingert zich door een afwislend landschap. De eerste kilometers léren door laag weideland. Bij 's-Grajnpolder tuft de stoomtram één der ooiste gedeelten van Zeeland binnen, enmerkend zijn de heggen van mei)oms (die nw bloeien), de grillige •onkelende dijken en de talrijke meer-, ;s. De eeuwen durende strijd met het ater hteft er wel duidelijk zijn sporen igelaten. In Hoedekenskerke stopt de oomtram dertig minuten om de reiziirs in de gelegenheid te stellen de dijk beklimmen. Hier ziet men de schepen ) steenworp afstand door de Westerhelde varen. ,'

Ringlijn
De lijn Goes-Borsele dateert uit het ar 1927 en is een stuk van de vroegere nglijn door de zak van Zuid-Bevend. De ringlijn liep langs de volgende aatsen: Goes - Hoedekenskerke - Elwoutsdijk - Borsele - Nieuwdorp - 'seerenhoek - Heinkenszand en 's-Heer rendskerke. Bij 's-Heer Arendskerke vam het lijntje uit op de hoofdlijn die lar Goes loopt en completeerde de cirTot 1933 werd de ringlijn gebruikt \0T reizigersvervoer. Een uitzondering vormt het stuk Goes-Hoedekenskerke: pas in 1947 werd het personenvervoer voor wat betreft dat stuk opgeheven. De ringlijn werd oök intens gebruikt voor het vervoer van landbouwprodukten. Vooral bieten werden veel vervoerd. Vandaar dat de Zeeuwen ook nu nog vaak spreken over „het bietenlijntje".

De ringlijn bestaat nu niet meer. Met de komst van een nieuw wegenplan in, 1966 werd het stuk Borsele-Nieuwdorp er van tussenuit gehaald. Tegelijkertijd ook verviel de functie van het goederenvervoer en had het spoorlijntje geen nut meer. Het zijn nu alleen de toeristen die nog gebruik maken van de stoomlocomotief door de zak van Zuid-Beveland.

Oogmerk

Exploitatie van de lijn Goes-Borsele vindt plaats door de stichting Stoomtram Goes-Borsele (de SGB). De SGB heeft geen winstoogmerk en heeft geen gesalarieerde krachten in dienst. Alle leden zijn vrijwilligers zonder loon. Van het aantal werkende leden, 34 personen in totaal, is de helft jonger dan 25 jaar. Een viertal meisjes doen dienst als conductrice. Op enkele "uitzonderingen na zijn alle mannelijke leden technische hobbyisten. Deze technische leden houden zich bezig met het onderhoud.

Elke zaterdag, het gehele jaar door, werken vrijwilligers aan het oude materieel. Het komt zelden voor dat er zaterdags minder dan tien man aanwezig zijn. Door een kleine groep, wonend in de directe omgeving, wordt voorts nog gewerkt op de woensdag- en vrijdagavond. „Restauratie is vaak niet gemajckelijk", aldus de voorzitter van de SGB, de heer Boogert. „Reserve-onderdelen zijn vaak niet meer voorhanden en het enige, geldverslindende, alternatief is de onderdelen te laten smeden of gieten".

Afkomst

Onder de leden bevinden zich geen. houtbewerkers. Dat geeft problemen omdat de SGB vijf rijtuigen met houten bovenbouw heeft. Deze rijtuigen zijn afkomstig van de Belgische spoorwegen, gebouwd in de periode 1904-1908, en vormen een zeer nostalgisch bestanddeel van het materieel met hoge museumwaarde.

Onlangs is aan het materieelpark een verblijfswagen toegevoegd. De verblijfswagen heeft een aantal slaapcabines en een woonruimte. Ze wordt gebruikt voor het overnachten en verblijven van leden die niet in de directe omgeving wonen. De twee stoomlocomotieven de „Wittouck" en de „Bison" zijn rijklaar. De „Wittouck" is in 1921 gebouwd, de „Bison" in 1928. Eèn derde stoomlocomotief zal in juli gereedkomen.

Drietal
Behalve de ringlijn kende Zuid-Be

De heer C. Jansen uit Schiedam (73 jaar) heeft als hobby modellen maken van waardeloos materiaal. Tot zijn 62ste jaar is hij altijd goed gezond geweest, maar na die tijd, heeft hij flink last gekregen van reuma, zodat hij zijn vingers niet meer kan bewegen. Ondanks deze handicap is hij niet bij de pakken gaan neerzitten.

In zijn rolstoel, waarin hij zich nu vier jaar voortbeweegt,. maakt hij zijn kimstwerken. Aanvankelijk was de Hijsoordse kerk bestenid voor zijn kleinzoon,-maar,onidat dg hervormde gemeente van Rijèoórd vorig jaar 400 jaar bestond en D.V. volgend jaar het kerkgebouw 150 jaar hoopt te bestaan, heeft de heer Jansen zijn bouwsel ter beschikking gesteld van de hervormde gemeente van Rijsoord.

Foto's

Nadat één van zijn kinderen een plattegrond van de kerk had gemaakt, heeft de heer Jansen zelf enkele foto's gemaakt ter aanvulling van de foto's die reeds in zijn bezit waren. De diverse onderdelen van de kerk werden aan de hand van de detailfoto's gemaakt, terwijl de maten op gezichtswerk berusten.

Samen met zijn vrouw heeft hij vele uren aan de keukentafel in hun flat zitten werken om de steentjes te maken. Zijn vrouw deed het gips in de vormpjes en zelf metselde hij de steentjes. De ramen werden gemaakt met behulp van halfronde steentjes, en verder werden ze met een mesje geverfd.

Van de acht maanden die de heer Jansen aan zijn „bouw" besteedde, had hij vier weken nodig voor het orgel en zes weken voor de preekstoel. De preekstoel kostte 282 stukjes hout. Zelfs dë liturgieborden naast de preekstoel werden niet vergeten. De stoelen werden vervaardigd uit luciferhoutjes, de spanten van het dak en de afvoerpijp zijn gemaakt van baleinen van een kapotte paraplu. Verder gebruikte hij voor de kroonluchters (die in werkelijkheid ook kimnen branden) kaarslampjes en voor kollektezakken de elektriciteitsdraad. De kroon op het dak met de haan werd vervaardigd van blik met goudverguldsel.

Dakpannen

Het pannendak was het grootste probleem voor de heer Jansen. Maar aangezien hij.niet zo gauw uit het veld geslagen schijnt te zijn, liet hij , zijn keus vallen op golfkarton, hetgeen hij zo bewerkte alsof het leek, dat het echte dakpannen waren. Ook de spreuk op de voorkant van de kerk werd niet vergeten. Daarvoor moest een boekje, dat vorig jaar werd uitgegeven vanwege het 400jarig bestaan, het ontgelden en de tekst werd opgeplakt.

Het geheel heeft de heer Jansen wat gips, lijm, lampjes en een transformator gekost. Met dit bouwwerk heeft de heer Jansen op 4 april jl. op de RAI bij de internationale wedstrijd „Vrijetijdsbesteding" een diploma ontvangen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.