+ Meer informatie

In de babykamer die peuterkamer wordt...

3 minuten leestijd

— staat een ledikantje waarvan de spijlafstand niet meer dan 6 cm bedraagt; — is een ledikantje met verstelbare bodem ideaal. Als de kleine nog ligt, zit de bodem hoog. Gaat hij gezellig klauteren dan laten we de bodem zakken. Een bedje met wegschuifbare zijkant kan natuurlijk ook; — hangen lichtdichte gordijnen.

116. Nu is het paleis dicht en dood en het grote plein is leeg. Er staan alleen een paar mannen te schreeuwen bij het rad van avontuur van Wisterhulp, met een aantal leeglopers er omheen. En zij zijn op weg naar het Ctiitse werfkantoor. De muren en de ramen van Dam 4 blijken beplakt te zijn met overdadig propaganda-materiaal. Er zijn prenten van soldaten en matrozen op mars, in het bivak en aan boord. Het hakenki^s en de runentekens grijnzen je. aan alle kanten tegen. Het stuit Evert tegen de borst naar binnen te gaan. Jan aarzelt ook. Ze staan lang voor het gebouw. Enkele keren drentelen ze over de Dam heen en weer. Evert wU zien of er ook anderen naar binnen gaan. Maar niemand doet het. Hard loopt het met de aangifte voor de S.S. en de Kriegsmarine stellig niet. Jan hakt tenslotte de knoop door. „Nou doorzetten, jó. We krabbelen niet op het laatste ogenblik terug." Ze gaan de drempel over. Een man in de imiform van de S.S. spreekt hen in het Hollands aan, en hij wordt uitermate vriendelijk als ze zeggen dat ze bij de Duitse marine willen dienen. Het doet hem goed dat de ogen van de jonge Nederlanders meer en meer open gaan voor de nieuwe, grote tijd. Op dit relaas zeggen de jongens niets. De S.S.-man haalt formulieren voor de dag om hen in te schrijven. Zijn eerste vraag geldt hun persoonsbewijs. Dit doet Evert schrikken. Uit zijn persoonsbewijs zal blijken dat hij in Duitsland moest zijn. Ze zijn in een tijgerhol gekropen. Jan haalt echter onvervaard zijn identiteitskaart voor de dag en legt hem over. De S.S.-man ziet direct dat er wat aan hapert. ,^è," zegt hij, „hè, moest jij niet in Duitsland werken?" Evert verbleekt. Daar dansen de poppen al. Maar Jan zegt prompt: „Een dienstverband bij de Duitse weermacht stelt immers daarvan vrij." De man knikt. Hij denkt er niet aan dit aan te brengen, veel te blij dat hij een paar man kan inschrijven. En zijn gelaat wordt zonnig als hij Jans beroep leest op het persoonsbewijs. Monteur! Zo'n man kan men bij de marine best gebruiken. FROUCK VAN DER HOONING

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.