+ Meer informatie

Wegenbelasting afschaffen?

Verhoging benzineprijs werkt energiebesparend

8 minuten leestijd

DEN HAAG — Nu de energiesituatie steeds meer de aandacht gaat vragen, worden er allerlei voorstellen gedaan om het energieverbruik zoveel mogelijk te beperken. Een van die voorstellen is de motorrijtuigenbelasting te vervangen door een extra accijns op de benzine. Dit voorstel werd onlangs naar voren gebracht door het CDA-kamerlid Van Rooijen.

De motorrijtuigenbelastlng moet gezien worden als een vergoeding die de weggebruiker moet betalen voor een overheidsprestatie. Die overheidsprestatie betreft het aanleggen, onderhouden en verbeteren van het wegennet. Wanneer men van die overheidsprestatie, dwz van de weg gebruik maakt, moet men daarvoor een vergoeding betalen. Naast budgettaire overwegingen, die bij vrijwel elke balasting die ingevoerd wordt, een rol spelen, zijn er geen andere gronden voor de heffing van de motorrijtuigenbelasting.

Twee vliegen

Zou men nu de motorrijtuigenbelasting vervangen door een verhoogde benzine-accijns, dan verandert de situatie. Het uitgangspunt is dan niet meer alleen dat de weggebruiker moet betalen voor een tegenprestatie van de overheid, maar daarnaast gaan bij zo'n heffing dan ook energiepolitieke overwegingen een rol spelen. Men vangt dan eigenlijk twee vliegen in een klap. want de verhoogde benzine-aocijns wordt dan ook een instrument van ouerglepoiitiek. Voor de overheid is er budgettair niets te veranderen. De opbrengst voor de schatkist kan hetzelfde blijven.

Voordelen

Hoe werkt nu die benzine-accijns als instrument van energiepolitiek? Eigenlijk heel eenvoudig. Door de verhoging van de accijns wordt de benzine duurder. Op grond daarvan mag men verwachten dat het verbruik van dit schaarse goed afneemt. Dat is een goede zaak, want daarmee dient men de doelstelling van de energiepolitiek van de overheid, die erop gericht zijn om tot een flinke energiebesparing te komen.

Gegeven het feit dat energiebesparing noodzakelijk is, biedt dit voorstel voordelen boven dwingende maatregelen, bijvoorbeeld in de vorm van 'n benzlnedlstributie. Er vindt in het eerste geval namelijk een regulering van het economische verkeer plaats via het marktmechanisme. In het geval van dwingende maatregelen zou dat mechanisme worden uitgeschakeld. Nu kan men uiteraard verschillend oordelen over de werking van het marktmechanisme, maar wanneer men positief staat tegenover de vrijheid die hiermee samenhangt, dan biedt een vervanging van de motorrijtuigenbelasting door een verhoogde benzine-accijns ongetwijfeld voordelen. De mensen worden namelijk vrij gelaten in het al of niet kopen van benzine. Die benzine wordt wel duurder en daarom zal het marktmechanisme of prijsmechanisme zorgen dat het schaarse goed (de benzine) daar terecht komt waar die het meest dringend gewenst is. Immers, degene die geen hoge prioriteit geeft aan het verbruik van benzine zal vanwege de prijsstijging minder benzine afnemen, terwijl mensen die benzine hoog genoteerd hebben staan op hun „verlanglijstje" zich door de prijsstijging niet laten weerhouden die benzine toch te kopen. Er komt dus een goede verdeling tot stand van het schaarse goed, of anders gezegd: de efficiency van dat goed verbetert. Daarmee heeft de heffing op het weggebruik er een dimensie bijgekregen. Twee doeleinden, die vaak worden gehanteerd voor de heffing van een indirecte belasting, te weten een vergoeding voor een overheidsprestatie en een goede verdeling van schaarse middelen, worden hier in een belasting verenigd.

Daarnaast is er nog een ander voordeel van een accijnsverhoging boven dwingende maatregelen. Dwingende maatregelen roepen, zeker als het gaat om een goed als benzine, weerstand op in de maatschappij en worden vaak op allerlei mogelijke manieren ontdoken. Nu roepen prijsstijgingen uiteraard ook wel weerstand op, maar waarschijnlijk toch in mindere mate dan bij een verbodsbepaling. Bovendien kan een benzlne-accijns veel minder gemakkelijk worden ontdoken dan de motorrijtuigenbelasting. Men zou een verhoging van de benzine-accljns met het oog op de energiesituatie ook kunnen rechtvaardigen door te stellen dat het „immoreel" is om veel benzine te verbruiken. Een dergelijk argument komt ook naar voren bij de heffing van accijns op alcohol en tabaksartikelen. Elke liter die mee nu verbruikt betekent namelijk dat de beschikbare hoeveelheid voor het nageslacht afneemt. De olievoorraden zijn immers niet onbeperkt. Een te groot gebruik nu betekent dus een onrechtvaardige verdeling in de tijd van de beschikbare voorraad. Het is daarom terecht dat men voor het gebruik van benzine een hoge prijs moet betalen. Nu zou men ook kunnen zeggen dat een energiebesparing op dezelfde manier kan worden bereikt door een verhoging van de motorrijtulgenbelasting. Immers, auto rijden zou dan duurder worden, dus zouden meer mensen de auto laten staan. Dat zou voor de overheid financieel wel aantrekkelijk zijn, maar het doel dat voor ogen staat, namelijk energiebesparing, wordt veel direkter bereikt door een verhoging van de energieprijs zelf.

Tot zover een aantal overwegingen die samenhangen met een verhoogde benzlne-accijns als instrument van energiepolitiek. Nu nog een aantal andere aspekten van een heffing op het weggebruik. Doel van de motorrijtuigenbelasting is, zoals reeds eerder vermeld, de weggebruiker te laten betalen voor het gebruik van de openbare weg. In dit opzicht is de motorrijtuigenbelasting een profijtbelasting. De gebruiker, degene die van de overheidsprestatie profiteert, betaalt namelijk. Nu kunnen we echter niet zeggen dat het profijtbeginsel hier voor honderd procent wordt toegepast. Het feit dat men wegenbelasting moet betalen is wel afhankelijk van het gebruik maken van de weg, maar of men nu veel of weinig rijdt, het bedrag blijft gelijk. Zou men het profijtbeginsel strikt willen doorvoeren dan zou men op elke weg tol moeten gaan heffen. Uiteraard een ondenkbare situatie. Bij een verhoogde benzine-accljns komt dit beginsel echter wel veel beter tot zijn recht. Dan is het immers zo dat naarmate men meer rijdt en men dus meer gebruik maakt van de wegen, men ook meer benzine nodig heeft en men dus ook meer belasting moet betalen, In dat geval is er dus nog meer dan bij de motorrijtuigenbelasting sprake van het beginsel „de gebruiker betaalt". Dit komt ook tot uitdrukking in het feit dat bij een verhoging van de benzine-accljns ook buitenlanders, die gebruik maken van de Nederlandse wegen, een vergoeding gaan betalen voor dat gebruik. Tot nu toe bleef het profijtbeginsel beperkt tot de Nederlanders. Veel mensen zullen dit alles ervaren als een meer rechtvaardige ver-deling van de lasten en alleen al daarom veel voelen voor een dergelijke belastingwijziging.

Draagkracht

Naast het profljtbegrinsel is er bij de motorrijtuigenbelasting ook sprake van een beperkte toepassing van het draagkrachtbeginsel. Dit beginsel komt men in ons belastingsysteem veelvuldig tegen, met name bij de directe belastingen. Zo is bijvoorbeeld de inkomstenbelasting zuiver gebaseerd op dit uitgangspunt. De draagkracht van het individu, die meestal gemeten wordt via de hoogte van het inkomen, is bepalend voor het bedrag dat betaald moet worden aan inkomstenbelasting. Dit draagkrachtbeginsel speelt bij de motorrijtuigenbelasting ook een rol.

De hoogte van de heffing hangt namelijk af van het gewicht van het motorvoertuig. Op deze manier tracht men degenen met een hoger inkomen meer te laten betalen. De achterliggende gedachte is dat mensen met een hoger inkomen vaak een grotere en zwaardere auto kopen. Dit element zou bij een verhoging van de benzine-accljns een ander accent krijgen. Niet meer het gewicht, maar het benzineverbruik van het voertuig wordt dan bepalend voor de hoogte van de heffing. Toch zal het draagkrachtprincipe dan niet helemaal verdwijnen. De draagkracht wordt alleen op een andere manier gemeten, namelijk via het benzineverbruik. Meestal is het echter wel zo dat kleine en goedkope auto's zuiniger in benzineverbruik zijn dan grotere en duurdere auto's. Op die manier komt toch nog iets van het draagkrachtbeginsel terug.

Inflatie

Nu zijn er echter ook nog wel een aantal bezwaren verbonden aan een verhoging van de benzine-accljns. Ook hier hebben we een keerzijde van de medaille. Zo kan een verhoging van de accijns de infiatie aanwakkeren. Immers, niet alleen de accijns op benzine voor het weggebruik neemt toe, maar ook de accijns op de benzine voor andere doeleinden, zoals het industrieel verbruik (denk aan allerlei machines). Men kan moeilijk verschillende benzineprijzen gaan invoeren. Het zijn nu juist de bedrijven die de grootverbruikers zijn. Dat betekent dat vooral zij geconfronteerd zullen worden met aanzienlijk hogere kosten. Zij zullen echter niet nalaten die hogere energieprijzen door te berekenen in de prijzen van hun eindprodukten. Dus het prijspeil stijgt, de infiatie neemt toe. Ook kunnen er problemen optreden in de gebieden bij de grens. Wanneer de benzineprijs in ons land aanzienlijk hoger komt te liggen dan in de ons omringende landen zal het voor mensen die dicht bij de Belgische of Duitse grens wonen financieel erg aantrekkelijk zijn om even in het buitenland te gaan tanken. Wat dat betreft is het dus zaak om in de pas te lopen met onze buurlanden. Een ander moeilijk punt treft de bijzondere omstandigheden van de weggebruiker. Bij de motorrijtuigenbelasting is er een vrijstelling voor invaliden. Blj de benzine-accljns kan hiermee geen rekening worden gehouden. Waarschijnlijk zijn er echter wel andere mogelijkheden in ons belastingstelsel om de invaliden financieel te ontzien.

Verschillen

Verder is er momenteel verschil in de omvang van de heffing van de motorrijtuigenbelasting al naar gelang het voertuig benzine, diesel of gas verbruikt. Zou' men de motorrijtuigenbelasting afschaffen, dan zal men goed de verhouding tussen deze drie soorten brandstof moeten bekijken, zodat er een samenhangend geheel ontstaat met evenwichtige prijzen. De prijzen van diesel en gas zullen natuurlijk mee omhoog moeten. Uit het voorafgaande zal duidelijk geworden zijn dat er vele aspecten zijn verbonden aan een vervanging van de motorrijtulgenbelasting door een verhoging van de benzine-accijns. Het is niet eenvoudig een afgerond oordeel te geven over een dergelijke belastingmaatregel. In ieder geval is het voorstel het grondig overwegen waard, vooral nu de regering in de nabije toekomst toch niet zal ktmnen ontkomen aan verder gaande energiemaatregelen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.