+ Meer informatie

BOUW KRIJGT 400 MLN.

Nota bestrijding werkloosheid

4 minuten leestijd

De regering wil de koerswijziging, die het afgelopen jaar bij de bestrijding van de werMioosheid is ingezet, in versterkte mate doorvoeren. Zij zal trachten de maatregelen te doen aansluiten ' bij de meer struotureJe oorzaken. Dit blijkt uit de woensdag ingediende nota over de bestrijdinig van de werkloosheid. Het is een werksituk van de minsters van sociale zaken, van economische zaken, van financiën, van volkshuisvesting, van ruimtelijke ordening en van onderwijs en wetenschappen.

De nota geeft een aantal maatregelen gericht op een herstructurering en uitbreiding van de werkgelegenheid, een vergroting van de arbeidsmobilitelt, een verbetering van de arbeidsbemiddeling en een grotere benutting van het regionale instrumentarium. Ook worden plannen tot aanpassing van het onderwijs behandeld en speciale maatregelen voor de bouwsector. De nota heeft een interim-karakter, zo blijkt uit de begeleidingsbrief die minister Boersma, mede namens zijn ambtsgenoten aan de Tweede Kamer zond. Hij kondigde dan ook een vervolgnota aan, met op een aantal onderdelen voorstellen voor een meer fundamentele aanpak.

„SOCIALE PARTNERS"
De regering wil de sociale partners meer bij het voorbereiden van het beleid betrekken. Zij vindt wel dat de sociale partners zich bij het uitstippelen van hun beleid rekenschap moeten geven van de effecten hiervan op de werkgelegenheid. Na de opmerking dat van het begrotingsbeleid voor 1975 verwacht lean worden dat de werkgelegenheid in de particuliere en collectieve sector tezamen met 23.000 arbeidsplaatsen zag groeien, kondigt de regering een aan extra maatregelen aan: — 85 miljoen gulden zal worden besteed aan steun bij herstructurering van industriële en dienstverlenende bedrijven; — 30 miljoen is bestemd voor steun voor de confectie-industrie, terwijl 10 miljoen gulden voor het plaatsen van overheidsorders; — 25 miljoen is nodig voor herscho

ling en bijscholing; — 50 miljoen gulden zijn voor de bevordering van plaatsing of herplaatsing van mensen uit kwetsbare groepen. Aan de bevordering van de werkgelegenheid in de bouwsector denkt de regering 400 miljoen gulden te besteden, terwijl 150 miljoen gulden is bestemd voor de arbeidsintensieve en matig arbeidsintensieve objecten. Met deze laatste maatregelen hoopt men werk te scheppen voor 16.000 17.500 man. De bewindslieden kunnen nog geen oordeel uitspreken over de ontwikkeling van de werkloosheid in de bouw. Wel verwachten zij dat de bouwactiviteiten geringer zullen zijn dan in het verleden, maar wel meer arbeidsintensief. Voor een gefundeerde uitspraak over inkrimping van het arbeidsbestand in de bouwnijverheid in de toekomst ontbreken nog de nodige gegevens. Men wil de werkers in deze tak van arbeid echter wel voorbereiden op vervangende werkgelegenheid. Anderzijds vindt men het wel belangrijk dat voldoende vakbekwame en gemotiveerde krachten zich voor de bouw beschikbaar blijven stellen.

VRAAG EN AANBOD
In de metaal zijn vraag en aanbod geografisch niet op elkaar afgestemd. Dit Is een van de belangrijkste oorzaken voor de werkloosheid in deze sector. Een andere mogelijke oorzaak is de zorgvuldige keuze, zowel van de kant van de werkgever als van de werknemer. De indruk bestaat dat de vakbekwaamheid van de weridozen te wensen overlaat, terwijl ook dé zgn. wrijvingswerkloosheid een rol speelt. Tn de handelssector is opvallend dat verhoudingsgewijs veel oudere werknemers langer dan zes maanden zonder werk zijn. Opvallend in deze groep is ook het grote aantal jeugdige werklozen. Waar het de arbeid van vrouwen betreft wordt de verwachting uitgesproken dat deze steeds meer aan het artieidsproces zullen gaan deelnemen. Het zal hier met name gaan om handels- en kantoorpersoneel. De ontwikkeling van de jeugdwerkloosheid is niet hoopgevend. Vooral bij de meisjes Is de ontwikkeling ongunstig. Overigens is de duur van de werkloosheid onder jongeren relatief kort. Dfi nota behandelt ook de zich ongunstig ontwiickelende werkloosheid onder academici en zegt verder over de duur van de werkloosheid, dat bijna een vierde deel van de werklozen langer dan zes maanden zonder werk is. Vooral de mensen boven de 50 maken deel uit van deze groep. Over aard en omvang van de werkloosheid zeggen de bewindslieden dat naast de structurele werkloosheid (120.000 man) en de conjuncturele werkloosheid (20.000 man) de starheid van beloningen leidt tot enerzijds het niet kimnen voldoen aan de vraag naar arbeidskrachten in de onaantrekkelijke functies en anderzijds het niet aanpassen van de beloning voor academici aan de marktsituatie.

BELONINGEN
Vit de nota blijkt dat de regering, wanneer bij een bepaalde herstructurering de belangen van ontwikkelingslanden gebaat zijn, de gelden voor deze herstructurering uit de middelen van ontwikkelingssamenwerking wil laten komen. In verband Iiiermee zijn in de begroting van 1975 van economisclie zaken drie nieuwe posten uitgetrokken tot bestrijding van de structurele werkloosheid. De bewindslieden kondigen een onderzoek aan naar de beloningsstructuur in verhouding tot de werkomstandigheden. De regering wil de te verwachten werkloosheid in de bouw indammen door een vergroting van de arbeidsmobillteit. Hierbij wordt in de eerste plaats gedacht aan scholing. Voor het geheel aan scholings- en andere voorzieningsmaatregelen is een bedrag van 75 miljoen gulden uitgetrokken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.