+ Meer informatie

HET GEZIN IN HET PERSPECTIEF EN IN DE DIENST VAN HET KONINKRIJK

9 minuten leestijd

Het Koninkrijk

Dit artikel is het laatste in de reeks van acht. Het is bedoeld als een samenvatting van de hoofdlijnen en als een soort uitleiding. Dit vermeld ik, omdat bepaalde gegevens uit de Schrift in dit artikel ontbreken. Als het artikel op zichzelf stond, zouden die wel vermeid moeten worden. Ik ga er nu van uit, dat dit in voorgaande artikelen is gebeurd.

Het is mijn taak om de relatie van Koninkrijk Gods en gezin te bespreken. Mij staan vooral drie dingen voor ogen. Allereerst het Koninkrijk van God als het bijbelse kader voor het (christelijke) gezinsleven. Vervolgens de dienst die het gezin aan het Koninkrijk heeft te leveren. Tenslotte de toekomst van het gezin binnen het perspectief van het Koninkrijk.

Het gezin vormt, zo zegt men soms, de kleinste eel in de maatschappij. Deze eel bestaat niet op zichzelf. Zij maakt deel uit van een groter geheel. Dat geheel is de maatschappij, waartoe wij individueel als staatsburger, maar waartoe wij ook met het gezin behoren. Helaas wordt dit laatste steeds minder in rekening gebracht. Het individualisme maakt mensen (oud en Jong) los uit de gezinnen en stelt hen als individuën op zichzelf. Wij hebben zorg over deze toenemende individualisering.

Voor een christen is met het voorgaande nog niet alles gezegd. Wij zien het leven op aarde in relatie tot het Koninkrijk van God. Onze Heere Jezus heeft het evangelie van het Koninkrijk verkondigd (Mattheüs 4:23; 9:35). Dat wil zeggen dat Zijn boodschap niet alleen redding en behoud beoogt. Jezus brengt door het evangelie ook het Koninkrijk van God op aarde. Dat is de nieuwe orde van Gods heerschappij in Jezus Christus. Het evangelie van het Koninkrijk wil zeggen: God brengt Zijn heerschappij, die door Adam en Eva in het paradijs werd afgeworpen, weer terug. Daarom krijgt Jezus bij Zijn geboorte niet alleen de titel van Zaligmaker, maar ook die van Heere (Lucas 2:11). Uit heel Jezus’ optreden blijkt Zijn heerschappij. De wonderen zijn tekenen van herstel van het Koninkrijk van God op aarde. In die wonderen breekt de genadige heerschappij van God door. Zij breken de macht van de duivel af.

Het leven van een gelovige is het leven van een burger van het Koninkrijk. Men leze hoe Jezus in de Zaligsprekingen het Koninkrijk der hemelen toezegt (vooral vers 3 en 10 van Matt. 5). De taak, de levensstijl, het dienstbetoon, de spiritualiteit van deze burgers wordt door Jezus in de hoofdstukken 5-7 van Mattheüs beschreven. Zie voor de spiritualiteit vooral hoofdstuk 6.

Zo behoort ook het gezinsleven tot het Koninkrijk van God. Dat wil zeggen het staat onder zijn genadige heerschappij. Het moet ingericht worden naar de regels van het Koninkrijk. Het moet dienstbaar zijn aan dat Koninkrijk.

Wellicht vraagt iemand zich af, of deze beide laatste zinnen elkaar niet tegenspreken, namelijk het gericht zijn op en het dienstbaar zijn aan het Koninkrijk. Is die dienst niet een bijkomende taak, die de eigenheid van het gezinsleven aantast?

De vraag is begrijpelijk, maar moet met een overtuigd neen beantwoord worden. Alles wat tot het Koninkrijk behoort, deelt in de zegen van dat Koninkrijk. Het is er ook om uitdrukking te zijn van dat Koninkrijk. Het is er om aan dat Koninkrijk gestalte, vaart en voortgang te geven.

De zegen

Laat ik iets mogen zeggen van de zegen dat het gezin deel uitmaakt van het Koninkrijk. Het betekent dat het fundament en de opbouw van het gezin door God als Koning wordt bepaald. Het gezin is een liefdesgemeenschap waarin ouders hun kinderen moeten leiden (voeden en opvoeden) tot de volwassenheid. In het gezin mag de vreugde van het onderlinge contact beleefd worden. Daar is betoning van dienstbaarheid aan elkaar, onder leiding van de ouders, die daartoe door God met gezag zijn bekleed. Het is de gemeenschap waarin zelfverloochening wordt geleerd, en waarin de een de ander aanvaardt in zijn of haar gebreken, waarin vergeving wordt geschonken, waarin de oefening in de vreze des HEEREN plaatsvindt, waarin de Bijbel gelezen en waarin gebeden wordt, waarin gelachen en gehuild wordt. Het gezin heeft een relatie met de landelijke kerk en de plaatselijke gemeente. Het gezin heeft open deuren naar de maatschappij. De kinderen worden gevormd en geoefend om straks dat leven in te kunnen gaan en daarin te kunnen staan.

En dat alles onder de genadige heerschappij van Gods vergevende liefde, zodat Jezus Christus en de Heilige Geest het gezin beheersen. Zowel de basis als de structuur van het gezin, het onderlinge contact tussen beide ouders en tussen de kinderen onderling, als het contact van ouders en kinderen (in wederkerigheid) wordt bepaald door het Woord en de wet van God, door het evangelie van genade en door de regels die God aan mensen voor hun onderlinge verkeer stelt. Er is eigenlijk maar één woord, dat voor het functioneren van een christelijk gezinsleven toereikend is. Dat is de liefde - van God naar ons toe (pure genade) en van ons naar God en naar elkaar. In die liefde ligt van onze kant gehoorzaamheid en zelfverloochening opgesloten, van Gods kant omvat de liefde al het heil dat tot het Koninkrijk van God behoort.

Een gezin dat werkelijk een gestalte van het Koninkrijk is, wordt bewaard voor desintegratie, het wordt verlost van haat en nijd. Het wordt beleefd als een oefenplaats in liefde, dienstbetoon, in vreugdebeleving en steunverlening. Het is een gezin dat aan zijn bestemming beantwoordt.

Er is geen gezin zonder zonde. Er is ook geen gezin zonder moeite en verdriet. Het heil van het Koninkrijk tilt het gezin op tot zijn oorspronkelijke bestemming. Door de liefde en de genade krijgt het gezin iets terug van zijn oorspronkelijke plan. Laten we hopen dat we het woordje iets mogen vervangen door veel.

In het kader van het Koninkrijk kan het gezin weer floreren. Het deelt in Gods goede gaven voor het dagelijkse leven en voor het bestaan op aarde.

Alles wat in de voorgaande artikelen aan de orde kwam, krijgt zijn samenhang door het gezin te mogen zien als deel van het Koninkrijk.

Dat het gezin tot het Koninkrijk behoort, is niet vanzelfsprekend het geval. Het is geschenk van genade, die wij alleen in de weg van bekering en geloof ontvangen. Als een huwelijk kerkelijk wordt bevestigd, wordt er ook gewezen op de samenhang van het christelijke gezin en het Koninkrijk van God. Het evangelie wijst ons de vorm en de norm, biedt ons de kleur en de fleur van het christelijke gezinsleven. Een plaats van geborgenheid en onderlinge verbondenheid; een gemeenschap waarin lief en leed wordt gedeeld, om zo samen verder te komen tot en in volwassenheid.

Dienst

We letten nu op het tweede aspect. Het gezin is ook dienst aan het Koninkrijk. Hiermee bedoelen we dat het gezin niet alleen leeft van de Koning, maar ook voor de Koning. Het gezinsleven ontvangt niet alleen de gaven van de Koning, maar stelt zich onder de heerschappij van de Koning. Het mag een getuigenis en gestalte zijn van het Rijk op aarde.

Hoe gebeurt dat? Ik wijs op twee manieren. De eerste is, dat het gezin belijdt dat het zich stelt onder de heerschappij van Christus. Een belijdend gezinsleven, waarin de eer van God wordt gezocht. Het gezin schaamt zich er niet voor de naam van Jezus te gebruiken, om Hem als Gever van alle heil te belijden, om Hem ook als Heere van zijn gezin tegenover anderen te erkennen.

Natuurlijk niet om zichzelf te prijzen en evenmin om zichzelf een stempel van vroomheid en christelijkheid op te drukken. Wel om God te eren en Zijn heerschappij belijdend ook aan anderen aan te prijzen. Dat gebeure in ootmoed en bescheidenheid, maar tegelijk beide met duidelijkheid en beslistheid.

Vervolgens zal het gezin betonen, dat het zich stelt onder de heerschappij van Christus. Het beleven is een indirecte vorm van getuigen. De daad is een uitroepteken achter het woord. We kunnen haar ook een onderstreping van het woord noemen. In het functioneren als christelijk gezin wordt God geëerd. Zo komt de heerschappij van Jezus Christus openbaar. Zo wordt Hij metterdaad in en door het gezin gediend. Hier is een stukje van het Rijk op aarde. Al is het ook gebrekkig en onvolkomen, het is er toch. Welk een voorrecht dat er zulke gezinnen zijn. Zij voldoen aan hun opdracht en zij laten iets zien van de gave van het Koninkrijk. We kunnen ook zeggen: van de heelmakende kracht van het Koninkrijk. Een plek van rust en geborgenheid, van toerusting en openheid naar de taak in de wereld. Een gezin dat aantrekkingskracht heeft. Het vervult een magneetfunctie in het krachtenveld van het Koninkrijk.

Alles wat voorgaande schrijvers aan de lezers hebben voorgelegd, pak ik in dit slotartikel op. Ik breng het samen en zeg: de innerlijke samenhang van al die aspecten is de notie van het Koninkrijk. Alles rust onder de koningsheerschappij van Jezus Christus als onder een koepel. Hij gaat over alles en alles wijst naar Hem.

Het perspectief

En dan tenslotte het perspectief. Dat is de komst van Jezus Christus tot volkomen verlossing. De bevrijding van ons leven en van de hele schepping uit de macht van zonde en kwaad. De vernieuwing tot de volkomen en ononderbroken dienst van God.

Ik weet niet of er in de gezinnen veel over dit perspectief wordt gesproken. Het zou wel moeten gebeuren. Elk gezinsleven loopt ten einde. De kinderen gaan de deur uit en vormen zelf een gezin of gaan zelfstandig wonen. Een huwelijk wordt door de dood van een van beiden (soms helaas ook door andere oorzaken) ontbonden. Straks sterft ook de alleen overgebleven vader of moeder. Soms moeten oudere ouders een volwassen kind, zelf vader of moeder, naar het graf begeleiden. Het gezinsleven gaat voorbij. Vroeg of laat komt er een einde aan. Er zijn ouderen, ouders die het daar moeilijk mee hebben.

Wat een voorrecht als het gezin geleefd heeft in het perspectief van het Koninkrijk. Dat we dat perspectief niet verliezen. Het behoudt zijn waarde. Het betoont in de voleinding zijn betekenis. Het krijgt zijn vervulling.

Menig christen heeft tegen het einde van zijn leven teruggedacht aan zijn ouderlijk huis, aan de opvoeding die hij in dat gezin heeft genoten, aan zijn ouders die door genade van God hem of haar iets hebben overgedragen van de liefde en van de geboden van Christus, doordat het gezinsleven een gestalte van het Koninkrijk was.

We mogen dan zeggen, het gezin als de kleinste cel (kleiner dan de kerk) is een voorbereiding geweest op het Koninkrijk van God in alle heerlijkheid en tot in eeuwigheid.

Wie het gezin ziet in het perspectief van het Koninkrijk, zal met mij aan het eind van dit thema kunnen zeggen: Maranatha - Heere Jezus, kom - om Uw werk ook in en door het christelijke gezin te voltooien.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.