+ Meer informatie

Visserij zoekt nieuwe vangstgebieden

Produktschap voor Vis wil hulp van landbouwattachés inroepen

5 minuten leestijd

ROTTERDAM - De Nederlandse zeevisserij is naarstig op zoek naar nieuwe vangstgebieden en afzetmarkten. Dit is noodzakelijk geworden. De historische visgronden bieden, als gevolg van de op £G-niveau overeengekomen vangstverdeling, met name de Nederlandse kottervloot niet meer de mogelijkheid die voor een rendabele bedrijfsvoering wenselijk is.

De afbouw van de vloot, gecombineerd met een aantal andere maatregelen zoals de beperking van het aantal zeedagen, heeft al geleid tot een forse vermindering van de visserij-inspanning. Als gevolg daarvan is de besomming van de Nederlandse vloot vorig jaar met 25 procent gedaald ten opzichte van het topjaar 1985.

De besomming van met name de kottervloot daalde vorig jaar ten Opzichte van 1987 met niet minder dan 92 miljoen tot 613 miljoen gulden, aldus berekeningen van het Landbouw Economisch Instituut (LEI). Die daling was vorig jaar voor het eerst zo groot. De totale besomming van de grote zeevloot (de trawlers) daalde in 1988 met ongeveer 22 miljoen tot 139 miljoen gulden.

Internationale betekenis

Toch is de Nederlandse visserij er in geslaagd het handelsniveau redelijk te handhaven. Volgens de maandstatistiek van de buitenlandse handel (CBS) bedroeg de visexport in 1987 zo'n 1,9 miljard tegen ruim 1 miljard gulden in 1980. We voerden voor 0,9 miljard gulden in en hadden derhalve een uitvoersaldo van 1 miljard gulden. Daarmee neemt Nederland een zesde plaats in, in de export van agrarische produkten inclusief de visserij. 
Ook internationaal speelt Nederland een rol van betekenis. Wij zijn het tiende visexportland en het twaalfde exportland ter wereld. Het snelst heeft ons exportaandeel op de markt van diepgevroren haring zich ontwikkeld. Op die markt namen wij in 1980 3 procent van de export van de westerse landen voor onze rekening. In 1986 was dat al 80 procent', zo meldt Schip en Werf, het officiële orgaan van de Nederlandse Vereniging van Technici op Scheepvaartgebied. 

Investeringsniveau

Het investeringsniveau groeide vorig jaar met 227 miljoen gulden naar een topniveau. In 1988 Werd door de visserij 60 miljoen gulden meer geïnvesteerd dan in 1987. In de kottervloot werd 140 miljoen gulden geïnvesteerd. Maar ook in de grote zeevisserij (twee diepvriestrawlers), de mosselvisserij (vijf kotters) en de kokkelvisserij (acht nieuwe vaartuigen) werd veelvuldig geïnvesteerd. Opvallend is dat het motorvermogen van de kottervloot vorig jaar nog groeide. Het aantal pk's steeg tot 598.000. Volgens berekeningen van het LEI is dit ongeveer 17.000 meer dan in 1987.

Het aantal actieve kotters daalde met negen hoewel er 25 nieuwe schepen in de vaart kwamen. Als gevolg van het stijgende aantal pk's is ook de vangstcapaciteit toegenomen en daar wringt de schoen. De grote zeevisserij had al capaciteit ingekrompen naar dertien fabrieksvaartuigen met in totaal 68.000 pk. Ook de structuur van de vloot is zodanig ingericht dat men ook buiten de EG-wateren voldoende mogelijkheden zou kunnen benutten. Binnen de EG kunnen schepen als vriesbedrijf optreden.

Toenemende import

Als bedrijfsorganisatie heeft het Produktschap voor Vis en Visprodukten (PW) er steeds naar gestreefd zoveel mogelijk te voorkomen dat de afbouw van de zeevisserijvloot ook tot gevolg zou hebben dat de walactiviteiten zouden afbrokkelen. De visverwerkende industrie heeft hier goed op ingespeeld door inderdaad in toenemende mate vis te importeren.
Overigens is sprake van een toenemende importstroom van vis gevangen door schepen onder buitenlandse vlag die echter geheel of gedeeltelijk investeringen met Nederlands kapitaal betreffen. Het om vlaggen van schepen naar de nationaliteit van lidstaten die ruim in hun quotajasje zaten of zitten heeft met name voor de grote zeevisserij de nodige soelaas gebracht. De bedrijfstak is zich meer en meer aan het internationaliseren. Niet alleen wordt met Nederlands kapitaal gewerkt in met name Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Denemarken maar ook in de verder afgelegen wateren zoals Mauretanië, Marokko, de Verenigde Staten en de Falklands.

Joint-ventures

De ongeveer 600 schepen tellende kottervloot is nog niet zover maar wil men een evenwicht bereiken tussen vangstquota en capaciteit dan valt aan sanering en verkoop van schepen niet te ontkomen. Ondertussen groeit ook in deze sector de interesse voor activiteiten in het buitenland. De mogelijkheden daarvoor zijn volgens het Produktschap echter beperkter dan voor de trawlervloot. Het schap wil in de toekomst een groter beroep doen op de Nederlandse landbouwattachés, die naar het oordeel van het PW voor de vissector belangrijk werk kunnen verrichten. Daarbij wordt met name gedacht aan contacten over mogelijke joint-ventures en het omvlaggen van schepen, respectievelijk het verwerven van vangstrechten.

Een en ander betekent overigens niet dat de Nederlandse visserij in de EG- wateren onvoldoende toekomst zou hebben. De tongvangst bevindt zich weliswaar op een laag niveau, maar dé sterke jaarklas van 1987 kan daarin snel verandering brengen. De scholstand is uitgesproken goed en kan nog verder groeien. Beide platvissoorten vormen de basis voor de Nederlandse kottervisserij. De haringstand op de Noordzee is in de loop der jaren flink gegroeid. Een goed beheer geeft nog meer perspectief. Gelet op het feit dat in' het bijzonder in de Noordzee goed beheersbaar water is, mag ons veel doen verwachten, zo zegt het Produktschap.

Groei in de toekomst

„Die prognose, ook al kan de realisering enkele jaren op zich laten wachten, gecombineerd met de verdere internationalisering van onze sector, (bevissen van vroeger commercieel niet-interessante vissoorten en verdergaande expansie naar nietEG-wateren), kan er zorg voor dragen dat de visserijsectoren na een stapje terug en een pas op de plaats, in de toekomst nog wel eens in lichte mate zouden kunnen groeien", zo meent het PVV.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.