+ Meer informatie

Collegestof homiletiek van Wisse gepubliceerd

NEERSLAG VAN LANGDURIGE PREEKSTUDIE

7 minuten leestijd

KAMPEN — Onlangs verscheen bij Kok in Kampen het boekje „Homiletiek". De bundel werd nog niet eerder gepubliceerd. De inhoud ervan bestaat uit de letterlijke tekst van de colleges homiletiek, die prof. G. Wisse omstreeks 1938 aan de Theologische School van de Christelijke Gereformeerde Kerken te Apeldoorn heeft gegeven. De hoogleraar doceerde vanaf 1928 de vakken homiletiek en apologetiek.

De titel zou verwarrend kunnen werken en heeft toelichting nodig. Wanneer een boek aangekondigd wordt als „Homiletiek", verwachten wij een bredere opzet en uitwerking van de stof.

In zijn woord vooraf verklaart ds. G. Zijderveld echter dat het een dictaat is, waarin de hoofdlijnen van de predikkunde worden weergegeven. Men diene deze toelichting bij het lezen van het boekje welwillend vast te houden.

Collegestof
Het verheugt ds. G. Zijderveld, predikant van de Gereformeerde gemeente van Hoofddorp, de homiletische collegestof te kunnen aanbieden aan theologische studenten en dienaren van het Woord.

Het zij ds. Zijderveld vergeven dat hij wel erg veel lovende woorden gebruikt om de grootheid van Wisse te tekenen, hem zelfs vergelijkt met een Engelse opwekkingsprediker als George Whitefield. Goed dat Wisse zelf het niet meer kan horen!

De inhoud van de bundel wil ik in een aantal hoofdlijnen beknopt weergeven.

Wetenschap
Homiletiek is de wetenschap die zich bezig houdt met de verklaring en toepassing van de Schrift in de bediening van het Woord. Uit een aantal paragrafen blijkt dat Wisse niet vijandig staat tegenover de wetenschap.

Er mag gebruik gemaakt worden van wetenschappen als retorica, filosofie, psychologie en apologetiek. Tegelijkertijd moet ernstig bedacht worden dat de wetenschap nooit meer mag zijn dan ancilla, dienares van de homiletiek.

De psychologie kan waardevolle hulpdiensten verrichten met het oog op de applicatie (toepassing) in de prediking. "Wie de ziel niet kent en bestudeert, zal moeilijk als zielearts kunnen optreden" (p. 13). De vondsten van de nieuwere psychologie zijn niet te versmaden. Zij kunnen dienen om in de Evangelieprediking het hart van de mens bloot te leggen. Ontdekkende prediking kan hierdoor worden bevorderd volgens Wisse.

Gereserveerd
Persoonlijk vraag ik mij hier wel af of Wisse, gelet op de on- en anti-christelijke tendensen in de ontwikkeling van de wetenschappen, niet wat meer gereserveerd over de waarde van de wetenschappen zou moeten spreken. Niettemin geeft hij ruiterlijk toe dat God alleen het beslissende woord spreekt over de menselijke ziel. Een kind van God behoeft geen psychplogie gestudeerd te hebben om zijn ziel te kennen.

De apologetiek, de wetenschappelijke verdediging van het christelijke geloof, mits goed verwerkt in de prediking, geeft het gehoor wapenen mee naar de wereld om ons heen.

Neo-Gereformeerd
Wisse ziet de aard van de prediking niet los van het gehoor dat zich onder de prediking bevindt. Als hij enige omschrijvingen geeft van het woord homiletiek, vinden wij ook deze: Homiletiek is „de theorie betreffende de bediening des Woords in de gemeentelijke vergadering van hen, die leven onder de bedeling en bediening van het Verbond der genade".

In die gemeente is het echter niet alles Israël wat Israël genoemd wordt. De prediker dient nog oog te hebben voor de levenden, die tot God bekeerd zijn. Gods kinderen blijven in zeker opzicht hun gehele leven in het gemis, al was het maar in de heiligmaking. Hij heeft hypokrieten te ontdekken, onwedergeborenen te vermanen en de massa buiten de Kerk via de gemeenteleden te bereiken.

Hier stelt zich Wisse teweer tegen de Neo-Gereformeerden (pag. 17). Het collegedictaat van Wisse zou aan kracht en waarde gewonnen hebben wanneer vooral in het zgn. principiële deel, een sterkere exegetische onderbouw gegeven was.

Genadeverbond
In het zgn. materiële deel (p. 29 e.v.), waarin gesproken wordt over de inhoud van de prediking, laat Wisse zien wat hij bedoelt met verbondsmatige prediking. Dit tegenover de zgn. Neo-Gereformeerden.

De principiële inzet van de prediking zei niet: ik bezit - maar ik mis (p. 30). Vrucht van het genade verbond is ook de persoonlijke ontdekking aan ons gemis van God en Christus. Roemen in bezit zonder ontdekking van ons gemis is riskant (p. 31).

Daarnaast moet krachtens dat genadeverbond gepredikt worden dat God belooft wat Hij eist, namelijk geloof en bekering. Tenslotte is het noodzakelijk en onontkoombaar dat in de prediking de genade van de schenking van het geloof geschetst wordt.

We komen hier bij de Schriftuurlijkbevindelijke prediking die niet mag zwijgen over de kenmerken van het geestelijke leven.

Heilshistorie
De prediking moet allereerst theologisch en Christocentrisch zijn (p.20). Het gaat erom God te kennen in al Zijn geopenbaarde volheid en zaligheid.

Prediking is niet in de allereerste plaats prediking van het geestelijke leven maar prediking van Gods volmaakte eigenschappen en het zaligmakende werk door Christus in de heilsgeschiedenis voor Zijn Kerk verricht. Een preek zonder Christus is geen preek.

Men leze zijn Kerst- en Pinkstergedachten op p. 49, 55, e.v.

Wisse waarschuwt tegen het vergeestelijken van wonderen.

Bevinding
De prediking behoort aan de bevinding van Gods Kerk niet voorbij te gaan. De bevinding komt er ook in dit dictaat beslist niet bekaaid af. Op pag. 22 van het dictaat rechtvaardigt hij het bevindelijke preken vanuit Christus: Het gaat in de bevinding om ,,het werk van de Heilige Geest in en door de gelovigen, waarbij we horen wat Christus niet alleen vóór ons is, maar ook in ons".

Gezonde Bijbelse bevinding, in de prediking voorgesteld is alleen tot meerdere glorie van Gods deugden. Zo dient het bevindelijke preken (het zgn. reproduktieve element in de prediking) niet als grond maar als vrucht van het geloof.

De bevinding kan dus nooit Christus vervangen. Deze wordt door de Heilige Geest toegepast als enige grond van de zaligheid.

Hij laat duidelijk zien dat we in de actie van het geloven zelf geen behoefte hebben aan kenmerken. Hoe deze enige grond echter de onze wordt moet niet met heilshistorisch praalvertoon worden weggewerkt.

Methode
Wisse onderscheidt tussen de homilie en de preek. Onder homilie verstaat hij de behandeling van een Schriftgedeelte waarin woord voor woord en zin voor zin wordt uitgelegd.

Wij vinden deze preekwijze bij voorname mannen als Chrysostomos en Calvijn. Hij acht de homilie geschikt voor Bijbellezingen.

Zelf geeft hij de voorkeur aan de preek. Hierin krijgt de hoorder door thema en verdeling één centrale gedachte mee. Diepere inleiding in het grote geheel van de Godsopenbaring ziet hij als de vrucht daarvan (p. 59).

Realisering
Waardevolle opmerkingen geeft de hoogleraar hierbij zijn studenten mee. Hij citeert bijv. een woord van Augustinus over de waarde van een goede inleiding: Bona domus ex ipso vestibulo agnoscitur (Een goed huis wordt juist aan zijn vestibule gekend).

Hij spreekt uit ondervinding: „omdat de hoorder een mens is die lang niet altijd met bijzondere interesse begint in Gods huis" (p. 63).

Wisse acht het onjuist te improviseren zonder schets (p. 66). Preken zonder voorbereiding is uit den boze.

Reserve
Inderdaad is het waar: de werken van Wisse behoeven geen krans. Nu schrijft ds. Zijderveld in zijn woord vooraf: ,,Het zijn gouden appelen op zilveren geheelde schalen".

Van de waarde van deze appelen ben ik al lezende en herlezende opnieuw overtuigd geworden, maar wat de zilveren gebeelde schalen betreft, moet ik gereserveerd zijn.

Vooral het laatste deel van het collegedictaat, het historische overzicht van de ontwikkelingen in de homiletiek, is zeer beknopt. Soms is het zelfs geschreven in telegramstijl.

Nu kunnen wij dat prof. G. Wisse niet kwalijk nemen. Hij heeft met deze stof geen uitputtend homiletisch werk willen leveren. Het was louter en alleen voor studenten bestemd, die het voorrecht genoten op de college-uren toelichting daarbij te krijgen.

Toch zou m.i. de reikwijdte van het boekje vergroot zijn, wanneer een zekere bewerking van de stof had plaatsgevonden. We geven dit ds. Zijderveld in overweging.

De verdeling is niet altijd even overzichtelijk. Zo wordt op p. 35 over de kenmerken van het geestelijke leven gesproken en op p. 53 opnieuw. Op p. 49 vinden we een weergave van enige kerstgedachten, gevolgd door enige overwegingen over de huwelijks- en catechismuspreek etc, waarna weer een gedeelte volgt met pinkstergedachten op p. 55.

Zeer ongebruikelijk is het ook om het materiële deel te laten beginnen met een paragraaf over de toepassing, p. 29.

Het boekje eindigt bijv. ook zeer abrupt met een mededeling over de homiletische opvattingen van Vinet. Even abrupt als het boek Jona.

Verdiepen
Tenslotte: het boekje is bijzonder lezenswaardig voor theologen en gemeenteleden die zich wensen te verdiepen in de plaats en de betekenis van de prediking in de eredienst. Het is geen dorre opsomming van homiletische gegevens maar de neerslag van zeer langdurige preekervaring en preekstudie van een zeer bedreven en gedreven predikant. Van een leermeester die wat mij betreft ook na zijn dood mag blijven leren aan studenten, predikanten en allen die Sion beminnen. De woorden der wijzen moeten in stilheid aangehoord worden. Wisse is het waard. De zaak des Heeren is het waard.

N.a.v. G. Wisse: „Homiletiek" uitgegeven bij Kok Kampen 1981, prijs ƒ 17,50.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.