+ Meer informatie

TER OVERWEGING

8 minuten leestijd

Albert Biesinger, Geloven met kinderen. Aanwijzingen voor moeders en vaders Uitg. Lannoo/ Kok, Tiel. 180 blz. f 27,50

De auteur is hoogleraar godsdienstpedagogiek en volwasseneducatie aan de universiteit van Tubingen m Duitsland. Het boek dat hij geschreven heeft gaat over de relatie tussen ouders en hun kinderen. Hij geeft een aantal aanwijzingen hoe je met kinderen om kunt gaan m.b.t. geloofsvragen en zingeving. Zijn kernthema is: ‘kinderen met van God afhouden’. Hoe hij dat daadwerkelijk gestalte wil geven, komt met echt uit de verf. Hij beschrijft meerdere malen zijn gezin als voorbeeld en hoe hij en zijn vrouw op goede en open wijze met de kinderen zijn omgegaan, hetgeen geleid heeft tot een bijna harmonieuze opvoeding van kinderen die geloven in God. Verder geeft hij een aantal adviezen die uit de koker komen van diverse deskundigen op pedagogisch terrein.

Judith Machree, Ik zal een vader voor je zijn. Uitg Buijten & Schipperheijn, Amsterdam 1998. 293 bIz. f 39,50

In de inleiding van dit boek geeft de schrijfster aan dat ze de afschuw en verwarnng, die ze heeft gevoeld als incestslachtoffer, zonder terughoudendheid zal vertellen. En dat heeft ze ook gedaan. Alles wat ze in haar leven is tegengekomen, de pijn, de mislukkingen, het grote verdriet, haar psychische desintegratie en haar uiteindelijke genezingsproces komen uitvoeng aan de orde. In het verhaal zitten haar gebeden en dagboekfragmenten, zodat de lezer over haar schouder mee kan kijken en meeleven en de pijn kan voelen die ze vroeger onderdrukte.

Tevens laat ze zien hoeveel kracht ze put uit de liefde van Christus voor haar en haar groeiende vertrouwen in God. Het lezen van haar boek vergt inspanning en geduld omdat de opzet nogal fragmentarisch is en diverse zaken door elkaar lopen. Desondanks heeft ze gepoogd om haar problemen aan de lezer bekend te maken en daar slaagt ze in.

Dr. J.E. Post, Gereformeerd zijn, een wankel evenwicht?! Uitg. Groen, Heerenveen 1998 423 bIz. f 49,50

Uit de ondertitel van deze promotie-studie blijkt dat het hier gaat om een histonsch-sociologisch onderzoek naar de ontwikkelingen van de Geref. Kerken in Nederland, de Geref. Bond in de NHK en de Chr. Geref. Kerken in de twintigste eeuw. Het op je laten inwerken van alle sociologische gegevens die de auteur op een rij heeft gezet (respect voor de geweldige hoeveelheid werk!) heeft een prikkelend effect, vooral wanneer het gaat om gegevens van je eigen kerk. Hier, in deze studie, wordt ons een spiegel voorgehouden: hoe zien anderen ons in de vele ontwikkelingen die onze kerken hebben doorgemaakt via allerlei generaal-synodale besluiten en andere ontwikkelingen in jeugdwerk, oecumenische verhoudingen e.d.?

De uitkomst van dat onderzoek is voor wie onze kerken van binnenuit kent, op zich niet verrassend: de CGK (laten we ons in deze recensie daar maartoe beperken) zijn, na ontstaan te zijn in de luwte van de grote, machtige GKN, en na een stuk zelfbewustzijn gekregen te hebben, vooral na de tweede wereldoorlog, waarbij ook een open houding ontstond t.a.v. allerlei verandenngen in de samenleving en kerkelijke vernieuwingen, nu weer in een ‘terugtrekkende beweging’ (bIz. 259) terechtgekomen. Zij hebben een ‘duidelijke keuze gemaakt voor bescherming en handhaving van de traditioneelgereformeerde identiteit’ (bIz. 386), waarbij de auteur wél aantekent, dat er altijd weer confrontatie zal zijn met nieuwe ontwikkelingen die om doordenking en beantwoording vragen.

Juist op dit punt wordt het spannend; het kennis nemen van sociologische veranderingen is heilzaam voor kerken, ook voor de onze. Natuurlijk kan het met de laatste principiële vragen beantwoorden. We zullen ons altijd weer de vraag moeten stellen of de verandenngen die anderen bij ons waarnemen (en die velen in onze kerken zelf ook bespeuren) samenhangen met de traditie met een kleine letter t of met de Traditie met een grote letter T. En of de ruimte die in het eerste geval gegeven mag worden, ook in de kerken gegeven wordt. Daarbij mag ruimte die buiten de Traditie zou gaan, afgeschermd worden. De beantwoording van die vragen mag in onze kerken met meer te lang op zich laten wachten, zo is mijn overtuiging. Maar daarmee kom ik tegelijk buiten de bedding van dit boek.

Dr. F.L. Schalkwijk, The Reformed Church in Dutch Brazil (1630-1654) Uitg. Boekencentrum, Zoetermeer 1998 356 blz. f 69,-.

De voorliggende tekst is een Engelse vertaling van het oorspronkelijke proefschrift, dat in 1986 in het Portugees verscheen. Er is een samenvatting in het Nederlands aan het eind van het boek. In de studie wordt een beeld geschetst van de Kerk der Hervorming in NO-Brazilië in de ‘Hollandse’ tijd. Achtereenvolgens komen aan de orde: de ontwikkelingen van Brazilië en Nederland rond de 17e eeuw; de Gereformeerde Kerk binnen de Hollandse kolonie; het zendingswerk van de jonge Braziliaanse Geref Kerk; de godsdienstvrijheid in NO-Brazilië.

Men komt onder de indruk van de werkkracht en het vasthoudend geloof van een klem aantal mensen en kerken in deze periode. Men had de blik met alleen naar binnen, maar ook naar buiten: het zendingswerk onder de Indianen kwam van de grond; het evangelie in ‘zichtbare’ vorm kreeg gestalte in onderwijs en ziekentroost. De verschillende bevolkingsgroepen ter plaatse zorgden voor godsdienstige spanningen, vooral t.a.v. de Joden en de Rooms-Katholieken. De prediking van het volle Evangelie moest gewaarborgd blijven, maar de Portugese opstand luidde tenslotte de ontbinding in (1654).

G.W.V., Troostboek voor de tijd die komt. Bijbels dagboek over Openbaring. Uitg. Voorhoeve, Kampen 1998, 365 blz. f 39,90.

Een onbekende auteur (daar zie ik het nut met van in), die blijkens het voorwoord een goede band heeft met de familie Harkema, heeft de stukjes die evangelist S.J. Harkema te Heiligerlee-Westerlee schreef voor de gemeente samengebracht in een voornaam uitgebracht dagboek. Aldus kunnen we gedurende een heel jaar dat belangrijke bijbelboek doorkruipen. Dat laatste woord gebruik ik expres, want er wordt inderdaad van tekst tot tekst uitgelegd en toegepast. In het algemeen is de uitleg en dagelijkse toepassing van een goed gereformeerd gehalte. Hier en daar zou men de dingen wel dieper en scherper willen verwoord zien, bijv. bij de regenboog rond 4:3b, rond de getallen 1260, 42 maanden en 31/2 tijd/dag in Openb. 12, rond de overtuiging rond het duizendjang rijk in Openb. 20. Maar wie dit dagboek leest, wordt gesticht op een schriftuurlijke wijze.

Drs. Henk Hagoort (red.), De Bijbel betrouwbaar. Uitg. Voorhoeve, Kampen 1998. 141 bIz f 22,50. De titel van het boek geeft het belijden aan dat de auteurs van de verschillende hoofdstukken willen handhaven dwars tegen de stroom van de tijd in. Dat is een te waarderen uitgangspunt. In kort bestek kunt u de leer van het gezag van de Schnft samengevat krijgen, met allerlei doorkijkjes daarbij: ik noem de verhouding Woord en Geest (prof. Van Genderen), de discussie met ‘t Hart, Kuitert, Ter Linden (door resp dr. J. Hoek, ds R. van den Berg en prof. Peels), en daar zijn verschillende ‘hoogstandjes’ bij. U zult er in de doordenking van allerlei hedendaagse ketterijen een goede leidraad aan hebben.

Toch heeft het boekje een probleem; en dat is dat in het verweer tegen alles wat tegen de leer van de goddelijke inspiratie van de Schnft indruist de reële vragen die toch rijzen bij hen die aan deze belijdenis vast willen houden, wat ondersneeuwen. Ze zijn niet helemaal afwezig, maar ze komen ook niet goed uit de verf. Iets voor een vervolgboekje?

Leanne Payne, Luisterend bidden. Gods stem leren verstaan. Uitg. Voorhoeve, Kampen 1998. 294 bIz. f 39,90.

De auteur breekt een lans voor een gebed dat geordend is én dat luistert naar de stem van God. De ordening bepleit zij door het aanbevelen van een ‘gebedsmap’, dat is een soort dagboek waann men aantekeningen kan maken m.h.o.o. de gebeden. Die gebeden moeten vervolgens via een bepaalde ordening opgezonden worden: meditatie aan de hand van de Schnft, lofprijzing, voorbede, gebed van berouw en vergeving, toewijding. In zoverre onze gebeden het gevaar lopen inhoudsloos te worden of door de slechte onëntatie op Gods Woord aan kracht in te boeten kan men iets aan deze gedachten hebben. Tegelijk dient men er bedacht op te zijn dat er vele passages zijn die op gespannen voet staan met het luisteren naar de stem van God waar de auteur zo voor pleit. Ik noem slechts de veel te ongenuanceerde gedachten over gebedsgenezing (o.a. bIz. 209). En ook verder lijkt de Geest wel eens dingen in te fluisteren die boven het Woord uitgaan. Dan kan niet goed zijn.

Dr. A.N. Hendriks e.a., Vrouwen, ambt en dienst. Gesprek tussen verschillende visies op basis van de Schrift. Uitg. Barnabas, Heerenveen 1998. 127 blz. f 24,95.

De auteurs houden zich bezig met de vraag of de bijbelse gegevens de vrouw in het ambt toelaten. Mevrouw Velema-Drent antwoodt positief. Ze doet dat niet zozeer vanuit het onderzoek van de meuwtestamentatische teksten die over het spreken en leren van de vrouw handelen. Zij doet dat vanuit gelijkwaardigheid van het man en vrouw zijn.

Dr. Hendnks en mevrouw Van Veen-Vrolijk komen tot een negatieve conclusie. Prof. Ouweneel komt voorshands ook tot die conclusie. Hij ontleedt de argumentatie voor en tegen met behulp van de psychologie. Dat levert een interessante beschouwing op. De lezer doet er mijns inziens minder mee dan met een exegetisch onderzoek. Juist op dat punt weet Ouweneel het eigenlijk nog niet.

Elke schrijver wordt door de mede-schrijvers kntisch ondervraagd. Aan het slot geeft ieder aan de andere drie een antwoord, als een soort evaluatie. Ik zal uit deze bijdragen met citeren. Het resultaat biedt een kleurrijk discussiepanel. De lezer krijgt heel wat argumenten tegen en enkele vóóor voorgelegd. Mevrouw Velema-Drent komt uit evangelische hoek, evenals mevrouw Van Veen-Vrolijk. Dr. Hendnks is (vrijgemaakt) Gereformeerd predikant en prof. Ouweneel behoort tot de Vergadering der gelovigen. Het is interessant van deze discussie toehoorder en meelezer te kunnen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.