+ Meer informatie

Werkloosheid in EG blijft in 1992 stijgen

Gemeenschap heeft tekort aan vakmensen

3 minuten leestijd

BRUSSEL/PARIJS (AP) - De Europese Commissie voorspelt dat de werldoosheid in de EG-lidsaten tot liet eind van 1992 zal blijven stijgen. Verder concludeert de Commissie in het gisteren verschenen jaarlijkse rapport over de EG-arbeidsmarkt dat er een tekort is aan vakmensen en dat er grote verschillen zijn tussen de armste en de rijkste regio's in de Gemeenschap.

In het rapport wordt voorspeld dat de gemiddelde werkloosheid volgend jaar zal stijgen met 0,5 procent tot 9.2 procent in vergelijking tot dit jaar. De werkloosheid is sinds halverwege vorig jaar gestaag gestegen als gevolg van de economische recessie, die aangezwengeld werd door de Golfcrisis en andere factoren. Het werkloosheidspercentage van afgelopen mei, 8,7 procent, was het hoogste in de laatste twee jaar.

Goede jaren

Dit jaar zal het aantal nieuwe banen in de EG met slechts een kwart procent groeien. De EG heeft wat het scheppen van werkgelegenheid betreft vijf goede jaren achter de rug. In elk van die vijf jaar groeide het aantal banen in de Gemeenschap met gemiddeld 1,5 procent. Maar nu is er dus een kentering ingetreden. Mevrouw Papandreou durft niet te voorspellen wat er volgend jaar precies gaat gebeuren, maar de vooruitzichten zijn in elk geval niet goed.

In de afgelopen jaren is de werkloosheid bij jongeren onder de 25 jaar flink teruggelopen. In 1983 had een kwart van de jongeren geen werk. Nu is dat 16 procent. De werkloosheid onder vrouwen liep veel minder terug (met 600.000) dan die onder de mannen (met drie miljoen). Het aantal langdurig werklozen vermindert slechts uiterst langzaam.

Terugkijkend op recente ontwikkelingen zei Papandreou dat de armste EG-lidstaten -Portugal, Ierland, Griekenland en Spanje— weinig vooruitgang hadden geboekt in hun pogingen de economieën dichter bij het niveau van die van de rijkere landen te brengen. Tussen 1985 en 1989 steeg de werkloosheid in de vier landen met 0,5 procent, terwijl in die periode dat getal in de overige EG-landen met 1 procent daalde.

Het inkomen per hoofd van de bevolking in de armste landen was in 1990 nog geen 70 procent van het gemiddelde inkomen in de andere landen, waardoor feitelijk geen verbetering is opgetreden sinds 1970. Functionarissen in Brussel menen dat de voortdurende verschillen tussen de armere en de rijkere lidstaten de plannen voor de economische en monetaire eenwording van de EG zullen bemoeilijken.

Het rapport waarschuwt dat de concurrentiepositie van de EG bedreigd wordt door een tekort aan vakmensen, en de opstellers dringen aan op strengere eisen tijdens de opleidingen.

OESO

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) bracht eveneens gisteren haar jaarlijkse rapport uit, met weinig rooskleurige vooruitzichten voor de situatie op de arbeidsmarkt. De organisatie, waarbij 24 geïndustrialeerde landen zijn aangesloten, voorspelt dat dit jaar het leger van werklozen in haar lidstaten met 3,5 miljoen zal groeien tot 28 miljoen, een stijging van bijna 1 procent. De lidstaten die het hardst getroffen worden, zijn volgens de OESO GrootBrittannië, Australië, Finland, Griekenland, Nieuw-Zeeland, Zweden en de Verenigde Staten.

Volgens de OESO staat de arbeidsmarkt in Oost-Europa onder grote spanning. Sinds de landen daar het communistische systeem hebben afgeschud, zijn veel mensen werkloos geworden als gevolg van het verdwijnen van de gegarandeerde banen. De OESO voorspelt dat de migratie uit Oost-Europa zal toenemen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.