+ Meer informatie

UIT DE KERKELIJKE PERS

5 minuten leestijd

In het Kerkblad voor het Noorden" schrijft ds. A. v.d. Veer, christelijk gereformeerd predikant te Zwolle, onder zijn wijkberichten:

Uit de Wipstrik: Wat een rijkdom zo'n doopdienst als die van jongstleden zondag. Zoals u weet, werden 5 kinderen ten doop gehouden. Bijna elke maand vindt zo'n plechtigheid plaats. We zijn er dankbaar voor en stil van. Uiterlijk groeit onze gemeente aan alle kanten. En weer schrijf ik u: vergeet dat andere niet. Die innerlijke opbouw, die geestelijk groei. Altijd volle kerkdiensten zijn plezierige zaken. Maar bijbelkringen, gespreksavonden, persoonlijke omgang met God en Zijn Woord zijn een eerste vereiste. We zijn als plaatselijke christelijke gereformeerde kerk niet meer zo'n klein kerkje waar zo nu en dan een vreemde binnenloopt. Allerlei mensen komen er binnen. We vinden het helemaal niet vreemd meer, als je de mensen die naast je zitten niet kent. Spreek elkaar aan, nodig elkaar uit om zo verder te komen dan een kerk waar veel mensen naar toe gaan, elke maand doopdiensten zijn, niet enkele maar altijd een aantal jongeren belijdenis doen. Het gaat allemaal in het groot. Dat is een gave, maar ook een opgave!!!"

In „Om Sions Will" (Ned. Herv. (Geref.) Gezinsblad) troffen we in de rubriek - Voor de Zaterdagavond - het volgende aan:

„Het komt helaas maar al te vaak voor dat buiten het huwelijk meisjes, maar ook jonge vrouwen in verwachting raken. In een tijd als deze met al z'n openheid zou men dit niet verwachten. De praktijk bewijst echter keer op keer het tegendeel. Goede voorlichting in deze zaak is daarom toch wel een eerste vereiste. Menig ouder heeft moeite met deze voorlichting, 't Is ook een tere zaak, die teer behandeld moet worden. Maar wij zullen ons niet moeten laten afschrikken vanwege de vele voetangels en klemmen die er juist op dit terrein liggen. Indien ons als ouders wijsheid ontbreekt moeten wij die wijsheid ook maar van de Heere begeren. Wij hebben onze kinderen en zeker onze opgroeiende kinderen er in liefde op te wijzen, dat zij zich voor het huwelijk rein en onbesmet zullen bewaren.

't Is mij niet onbekend uit de praktijk van het pastoraat, dat de nood ten aanzien hiervan wel eens erg groot kan zijn. Maar toch: wij hebben ons te houden aan het Woord. En wat zonde heet, ook zonde te noemen. En als onze jongen of ons meisje nu struikelt? Wat moeten wij dan doen? Dan moeten wij in liefde met ze praten en ze zeker door onze houding niet afstoten. Want als wij ooit eens werden bewaard voor de zonde dan is dat niet, omdat wij zo sterk waren of omdat onze natuur zo sterk was, maar dan was dit omdat wij werden vastgehouden.

Laten wij onze kinderen, wanneer zij op dit terrein uitglijden, ernstig uitglijden, toch vooral niet aan hun lot overlaten. Want juist daardoor zouden zij zich aan de zeer minderwaardige praktijk van het afbreken van een zwangerschap kunnen overgeven. Iets waartegen wij zulke grote bezwaren hebben, tenzij op medische indicatie d.w.z. wanneer het leven van het meisje of vrouw in gevaar is. Het gaat er maar om, hoe wij de meisjes en vrouwen opvangen, die in moeilijkheden verkeren. Of er iets in ons mag zijn van de barmhartige Hogepriester: Christus, die de zonde laakte, maar toch ook altijd de weg der genezing wees en de helpende hand bood. Laat dat gevoelen in ons zijn hetwelk ook in Christus Jezus was. En laat ons waar nood is deze nood ook proberen te lenigen."

Ds. C. B. Roos — praeses van de Hervormde Synode — schrijft in „Saamhorig" het tijdschrift van de Raad van Kerken in Nederland over zijn bezoek samen met de gereformeerde ds. Mak aan de synode van de Reformed Church of Africa.

De aanwezigheid van Mak en mij betekende een krachtig moreel support voor deze kleine synode, die op zijn program had staan om te breken met de G.O.S., toe te treden tot de Zuidafrikaanse Raad van Kerken en het lidmaatschap van de Wereldraad van Kerken te overwegen en bovendien, om nauwe betrekkingen aan te knopen met zowel de Gereformeerde Kerken als de Hervormde Kerk, die beide verklaard hebben tegenstander te zijn van de apartheid.

Toen later in de week deze besluiten inderdaad genomen werden, betekende dat grote koppen in de kranten en verlegenheid bij de blanke N.G.-kerk. Hoe groot de invloed van de blanke N.G.-kerk is, bleek onder meer uit het simpele feit, dat alle predikanten deze synodezitting in toga moesten bijwonen terwijl de overige leden van de synode in een donker pak, wit overhemd en witte stropdas gekleed behoorden te zijn. Toen één dominee, vooruitlopend op de mogelijke beslissing om het togadragen tijdens de synodezitting af te schaffen, op maandagmorgen in donker pak verscheen, stond onmiddellijk een andere predikant op om daartegen te protesteren: ,,I am a little bit confused this moring". Wij hadden het gevoel dat we op dat moment getuige waren van iets dat op een andere planeet gebeurde. Toen inderdaad besloten werd het togadragen af te schaffen, of liever nog om het over te laten aan het eigen inzicht van elke predikant, bleken zij allemaal hun toga te dragen, ook de weigerachtige dominee van die maandagmorgen.

Die toga's vormden ook een element in de discussie over het aanknopen van nauwere banden met de N.G. Sendingskerk, daar draagt men vanouds de toga. Wil de R.C.A. op weg naar eenheid met deze kerk en wordt die eenheid bereikt, dan moet het punt van al of niet een toga dragen niet in de weg staan.

In elk geval werd de beslissing genomen om in de komende jaren hard te gaan werken aan de vereniging van de kleurlingenkerk en de Indiërkerk. Gezien de geweldige invloed van de apartheid in Zuid-Afrika is dit een moedige beslissing, maar het zal nog wel even duren voordat dit volledig geëffectueerd zal zijn. Bij de blanken bestaat vrees, dat dit een eerste stap op de weg naar kerkeenheid van de niet blanken (dus zwarten, kleurlingen en Indiërs) is, waardoor één nieuwe nietblanke kerk tegenover de ene blanke kerk komt te staan."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.