+ Meer informatie

Stroom van kritiek op onredelijke malusregeling

4 minuten leestijd

Hopelijk zal de Eerste Kamer nog dit najaar het wetsvoorstel behandelen dat zorgt voor een versoepeling van de bonus/ malusregeling. Die regeling is een onderdeel van de Wet Terugdringing Arbeidsongeschiktheidsvolume (TAV) die op 1 maart 1992 werd ingevoerd. Vooral de malusregeling heeft een stroom van kritiek losgemaakt vanwege de soms bizarre situaties die daardoor ontstonden.

Voorstel tot versoepeling bij Eerste Kamer

door mr. J. C. Dorrepaal

Een RMU-lid/werkgever van een elektrotechnisch bedrijf kreeg te maken met een wel zeer onredelijk gevolg van de malusregeling. Hij had een buitendienstmedewerker in dienst die I door de politie werd opgepakt op verdenking van verkrachting. Ten gevolge van deze aanhouding en de politieverhoren raakte de man arbeidsongeschikt: hij was niet meer in staat zijn werk te doen en ging de Ziektewet in. Uiteindelijk volgde de veroordeling door de rechter. Na 1 jaar Ziektewet ging de man de WAO in.

Het gevolg voor de werkgever was dat hij door de Bedrijfsvereniging werd aangeslagen voor de zogenaamde malus. Hij moest een boete van een half jaar loon betalen omdat zijn werknemer in de WAO was terecht gekomen. Hoogst onredelijk uiteraard: de werkgever had immers geen enkele I invloed op de ziekte van de werknemer gehad. Alleen aan de werknemer zelf was het te wijten dat hij in de Ziektewet kwam.

De malus

Volgens de TAV is de werkgever een malus (boete) verschuldigd voor elke (ex-)werknemer die een AAW/WAO-uitkering geniet.

Dat geldt ook bij een verhoging van zo'n uitkering. De hoogte van de geldelijke bijdrage bedraagt maximaal het jaarloon van de arbeidsongeschikt geworden werknemer, doch Is tot een nader te bepalen tijdstip vastgesteld op maximaal een half jaarloon. De hoogte van de geldelijke bijdrage verschilt per bedrijfstak, afhankelijk van het arbeidsongeschiktheidsrisico in de bedrijfstak. In bedrijfstakken met een hoog risico om arbeidsongeschikt te worden wordteen lage bijdrage geheven, in bedrijfstakken met een laag risico om arbeidsongeschikt te worden wordt een hoge bijdrage geheven. De werkgever is per jaar maximaal 5% van de totale loonsom aan malus verschuldigd.

De malus hoeft niet te worden betaald, wanneer de werkgever de betrokken gedeeltelijk arbeidsongeschikte werknemer in dienst houdt en passende arbeid laat verrichten. Omdat de malus pas een jaar na toekenning of verhoging van de AAW/ WAO-uitkering verschuldigd wordt, heeft de werkgever ruim de gelegenheid passend werk voor de betrokkene te vinden. Stelt de werkgever na het betalen van de malus zijn werknemer alsnog in de gelegenheid passende arbeid te verrichten dan kan de malus op verzoek van de werkgever worden gerestitueerd.

De malus is dus verschuldigd voor elke werknemer die op de eerste dag van arbeidsongeschiktheid in dienst van de werkgever is of was. Dat wordt niet anders als het dienstverband daarna is verbroken (bijvoorbeeld bij een arbeidsovereenkomst van tijdelijke aard).

De bonus

De werkgever krijgt een gelde­ lijke bijdrage (bonus) als hij een (gedeeltelijk) arbeidsongeschikte voor tenminste een jaar in dienst neemt. De bonus moet uiterlijk binnen 2 maanden na het indiensttreden van de werknemer worden aangevraagd bij de Bedrijfsvereniging. Aanvragen voordat de werknemer in dienst treedt mag ook.

De hoogte van de bonus is vastgesteld op de helft van het loon over het eerste jaar van de dienstbetrekking. De bonus wordt bij wijze van voorschot betaald binnen een maand nadat de werkgever bericht heeft ontvangen dat de bonus is toegekend; hij wordt dus als voorschot uitbetaald.

Versoepeling malusregeling

De malusklap kwam hard aan en het duurde geruime tijd voordat werkgevers zich realiseerden wat de gevolgen waren. De kritiek barstte los. Dat heeft inmiddels geleid tot een door de Tweede Kamer aangenomen wetsvoorstel ter versoepeling van de malusregeling. Als de Eerste Kamer het wetsvoorstel eveneens goedkeurt, zal de versoepeling van de malusregeling ingaan met terugwerkende kracht tot 1 maart 1992. De behandeling in de Eerste Kamer zal naar verwachting nog dit najaar plaatsvinden.

Het aangepaste wetsvoorstel houdt in dat voor werknemers die in het eerste jaar dat ze in dienst zijn ziek worden en in de WAO belanden, géén malus meer verschuldigd is. Wordt de werknemer in het tweede jaar ziek, dan moet de werkgever een halve malus betalen. Gaat het hier om een eerder (gedeeltelijk) arbeidsongeschikte die in dienst is genomen, dan is de werkgever een kwart malus verschuldigd.

Pas wanneer een werknemer na een dienstverband van 2 jaar ziek wordt en in de WAO terechtkomt, moet de volledige malus worden betaald, en in het geval van een eerder (gedeeltelijk) arbeidsongeschikte een halve malus.

Werkgevers hoeven per jaar nooit meer dan 3% van de totale loonsom aan malussen te betalen. Dat was, zoals uit het voorgaande is gebleken, 5%.

Met deze versoepelingen is gedeeltelijk tegemoet gekomen aan de bezwaren van ondernemers tegen de malusregeling. Eén van die bezwaren blijft echter recht overeind: namelijk dat de werkgever ook met de malusregeling te maken krijgt wanneer de oorzaak niet is te herleiden tot de arbeid van de betrokken werknemer.

Er zijn Bedrijfsverenigingen die nu al vooruitlopen op de komende versoepeling. Dit houdt in, dat men de malusgevallen tegen het licht houdt van de nieuwe regeling. Ondernemers die op grond van de versoepeling in aanmerking denken te komen voor (gedeeltelijke) teruggave van betaalde malussen, dienen op dit punt actie te ondernemen.

Mr. J.C. Dorrepaal, advocaat en procureur Kantoor Wille-Donker te Alphen a/d Rijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.