+ Meer informatie

Denkers, dichters en geleerden in Boymans

Tentoonstelling over zestiende en zeventiende eeuw

5 minuten leestijd

Wie bang is voor een verregende of verwaaide vakantie kan in deze weinig zonnige dagen natuurlijk altijd een der musea, waaraan ons land zo rijk is, binnenlopen en daar genieten van de schat der eeuwen. Zo kan men zich desgewenst in het Rotterdamse Museum Boymans - Van Beuningen verlustigen in de tentoonstelling „Denkers, dichters en mannen van de wetenschap", die nog tot 22 september a.s. te zien is.

Deze expositie — in het prentenkabinet van het museum — bevat een hoeveelheid portretten e.d. uit het eigen bezit van dit museum van beroemde personen uit de zestiende en de zeventiende eeuw, onder wie de beroemde leerlingen van de Utrechtse theoloog Gisbertus Voetius, Anna Maria van Schurman, de latere aanhangster der Labadisten.

AMATEURS
De verzamelde denkers, dichters en geleerden bestrijken een breed terrein, maar de term „geleerde" moet men zeer ruim nemen, aldus de toelichting bij de tentoonstelling, want in de zestiende eeuw en nog geruime tijd daarna waren de grenzen tussen de „vakgebieden" niet scherp afgebakend, ook niet dïe tussen vakman en amateur, omdat de wetenschap nog niet verregaand was gespecialiseerd.
Amateurs, wier dagelijks werk op geheel ander terrein lag, deden belangrijke ontdekkingen: de Utrechtse arts Van Gessel was een historicus van naam en Constant!jn Huygens, in het dagelijks leven secretaris van drie Oranje-vorsten, natuurkundige, componist en dichter. Dat iemand dichtte was niet bijzonder, want het schrijven van Poëzie hoorde iedereen te beheersen en wel speciaal in het Latijn, dat de voertaal was van iemand met een goede opvoeding.
Door het zogeheten „burgerlijke" karakter van de samenleving in de Nederlanden kwamen hier kunstvormen tot bloei, die men ïn door koningen geregeerde landen niet aantreft. Daarom vindt men alleen in de Nederlanden portretten van bijvoorbeeld artsen en hoogleraren in de wiskunde en niet alleen die van vorsten of kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders.

THEOLOGEN
Theologen stonden wel in hoog aanzien, want speciaal na de stichting van de Leidse universiteit in 1575 ontvingen dezen daar  hun opleiding. Door de in andere delen van Europa heersende onrust door godsdienstoorlogen, zagen de Leidse curatoren kans geleerden van wereldnaam uit het buitenland aan te trekken zoals de bekende taalkundigen Lipsius, Scaliger en Heinsius. De beroemde plantkundige Clusius legde kruidentuin van de universiteit aan.
Het overstelpend aantal vluchtelingen uit Vlaanderen en Frankrijk dat zich in ons land vestigde had tot gevolg dat niet alleen de economie bloeide maar ook kunsten en wetenschappen.
Door hun opleiding te Leiden werden eenvoudige dorpsdpminees tot ware cultuurdragers in een tijd waarin het kerkelijk leven centraal stond. Het is dan ook niet ten onrechte dat de tentoonstelling is verlevendigd met enkele spotprenten op twisten tussen Remonstranten en Contra-Remonstranten en de bijeengeroepen synode van Dordrecht (1618-1619), omdat deze gebeurtenissen een grote invloed hebben gehad op de wetenschap.
ATTRIBUTEN

Iedere figuur is herkenbaar aan de afgebeelde attributen of tekens die bij zijn vak behoren; zo is de theoloog meestal afgebeeld voor een welgevulde boekenkast en met de bijbel op tafel; de sterrenkundige met een kijker, passer en armillairsfeer, een instrument dat de banen die de hemellichamen beschrijven, aangeeft. Ook uit de kleding kan het beroep worden afgelezen, zoals de toga bij rechtsgeleerden. Het begin van alle wetenschap is de school en daarom zijn ook prenten van schoolmeesters tentoongesteld. Het lager onderwijs stond in het algemeen op een laag peil en de meester kon dan ook alleen trots zijn op de fraaie produkten van zijn pen of de kwaliteit van zijn cijferboeken. Hij was meestal ook een voortreffelijk schoonschrijver. Met de veranderende mode en met de zich wijzigende kunststijlen veranderde ook de prent, de korte haardracht maakte plaats voor lang haar of pruiken en de onhandige molensteenkraag werd vervangen door een eenvoudige gesteven kraag. De theologen werden nu in plaats van in zwarte toga en kalot, blootshoofds en in kamerjapon afgebeeld.
VROUWEN 
komt men uiterst zelden tegen als geleerden. De Utrechtse Anna Maria van Schurman was een buitengewoon geleerde vrouw, maar werd meer als een curiositeit beschouwd, die bovendien nog haar eigen portretten graveerde, terwijl koningin Christina van Zweden, hier als godin van de wijsheid, Minerva, afgebeeld, de aandacht trok door haar ongewone manier van leven. Over het leven van deze avontuurlijke vrouw en dat van de geleerde mannen verschijnt een uitgebreide geïllustreerde catalogus. Deze kan men voor ƒ 10,50 aanschaffen. De toegang tot de expositie en de rest van het museum is gratis. De openingstijden zijn: van 10.00 tot 17.00 uur en op woensdagavond ook van half acht tot tien uur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.