+ Meer informatie

Verspreiding

4 minuten leestijd

De populatie heeft zich, na de sterke daling, die in 1970 begon, weer enigszins hersteld. In dat jaar kwam de telling van Faunabeheer op 10.564 nesten; het volgend jaar op 11.168. Voor 1975 werd het aantal op 12.000 broedparen geschat. In 1980 was het met ruim 8600 toegenomen tot 19.175. Het herstel gaat dus veel langzamer dan de achteruitgang destijds!

Vijftig jaar geleden huisden de meeste roeken in Zuid-Limburg en langs de grote rivieren en de Utrechtse Vecht. Op de Waddeneilanden, in Zeeland en in Noord-Holland boven het Noordzeekanaal kwamen ze niet of nauwelijks voor. Daarin is niet veel verandering gekomen. In de kuststreek zijn nog maar enkele kolonies.

Wie over de inventarisatie van de roek (Corvus frugilegus, L.) de juiste gegevens wil weten, kan de brochure daarover aanvragen bij de Directie Faunabeheer van het Ministerie van Landbouw en Visserij. Daarin staat van elke provincie een overzicht van de vindplaatsen en de aantallen nesten, genoteerd in de jaren 1970,1975 en 1980. 14. Heerlijk zeg, wat is het bier mooi. Ik kan alles heel goed zien. En wat is het hier bar stil. Ik hoor zelfs het ritselen van een blad. Oehoel Oehoel Oehoel Ik krimp in elkaar van de schrik. Is dat nou... Oehoet Oehoel Nou hoor ik het duidelijker. Wat het is? O nu zie ik het al, ik hoef helemaal niet bang te zijn boor. Zit me daar zo'n eigenwijze uil op een lage boomtak te roepen! Hou je toch koest, nare muizenvanger. Dacht je soms dat ik je niet zag? Ik zeg toch ook niks tegen jou! Net of je zo'n mooie stem hebtl Mis hoor, je krast maar zo'n beetje. Zeker om mij bang te maken, hè? Maar ik ben nog niet bang voor tien uilenl 65 „Als je echt van' me houdt dan doe je dat wel, als er een goeie toekomst van afhangt." „En als jij echt van mij houdt dan denk je niet alleen aan jezelf en aan je werk en aan veel geld verdienen en carrière maken. Is dat dan alles? Worden we daarmee gelukkig? Hoe fijn kan het hier niet worden en al zo gauw Bart... Het is zo'n mooi huisje voor ons... niet te groot beneden en boven juist zo mooi ruim. En het kost ons dan toch ook niet veel denk ik. Wil je vader het verhuren of moeten we het kopen?" „Dat weet ik niet, ik heb er niet naar gevraagd en het interesseert me ook niet." „Ik begrijp je niet... Vind je het dan niet lïjn om te weten dat we in september kunnen gaan trouwen... ik heb er nog nooit aan durven denken dat het al zo gauw zou kunnen... dat heeft haast niemand in deze tljd... En het is eigenlijk allemaal ideaal... Wie heeft zijn werk zo by z'n huis en... en... o het lijkt me allemaal zo mooi, Bart. Denk je daar dan nooit aan... en als we alles op ons gemak kunnen gaan inrichten... Ik vind het zo'n gezellig huisje en die kamertjes boven zijn zo knus. Jij kan er een studeerkamertje maken voorlopig en... en..." Nel aarzelt toch een beetje, want over intieme zaken hebben ze niet vaak gepraat. Bart ging steeds luchthartig op iets anders over. Nu laat ze zich gaan in haar dromen. „Sn... als we dan kinderen krijgen, Bart..." Doe me eens wat als je durfti Ha, nou vlieg Je weer weg. Nu ga Je zeker een ander bang maken met Je oehoe oehoel Weet je wat ik maar eens doen moest? Hier voorlopig maar bUjven en zien of ik dan aan de kost kan komen. Waarom zal ik nog verder gaan? De wereld is toch veel te groot om helemaal naar het eind er van te lopen. En de mensen zijn toch overal hetzelfde. Die gunnen niet één haas een rustig plekjel Nee hoor, niet meer verder. Stopt Ik ga eens wat rusten, morgen zal ik wel weer verder zien. Ik zal nu nog wat proberen te slapen. Het is hier best fijn. Plotseling valt er iets vlak naast me, verschrikt klJk ik op.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.