+ Meer informatie

Oprichting EEG

3 minuten leestijd

In 1957 werd met de ondertekening van het Verdrag van Rome de Europese Economische Gemeenschap (EEG) opgericht, met het doel een gemeenschappelijke markt tot stand te brengen. Die markt zou kunnen worden verwezenlijkt wanneer de lidstaten op bepaalde gebieden hun nationale zeggenschap of soevereiniteit overdroegen aan de EEG. De beslissing daartoe is voor de Europese eenwording van zeer groot belang geweest. Vanaf het moment dat de ontwikkeling naar Europese eenwording goed op gang kwam, heeft de EEG optimaal gebruik gemaakt van die zeggenschap.

De oprichting van de EEG betekende voor sommigen alleen eèn uitbreiding van de bestaande samenwerking op economisch gebied. Op de afzonderlijke markten van de verschillende lidstaten zouden alle produkten vrij vervoerd en aangeboden mogen worden. Dat er maatregelen zouden worden genomen die de belemmeringen in het handelsverkeer zouden wegnemen en dat de douaneheffingen zouden verdwijnen, werd met algemene instemming ontvangen. Voor ondernemers ontstond er zodoende een thuismarkt waarop de produkten tegen concurrerende prijzen konden worden aangeboden. In hun visie zou de consument er alleen maar voordeel van hebben.

De Europese Gemeenschap krijgt steeds meer greep op ons onderwijs. Wordt de vrijheid van onderwijs daardoor ingeperkte Foto RD genoemd de uitwisselingsprogramma's tussen de universiteiten en de programma's voor het hoger beroepsonderwijs. Zo is sinds 4 januari van dit jaar de wederzijdse erkenning van diploma's voor het hoger beroepsonderwijs van kracht. Voor het middelbaar beroepsonderwijs wordt nog aan een dergelijke regeling gewerkt. het Hof om advies te vragen. Op deze manier wordt bevorderd dat het EEGrecht overal binnen de EEG op dezelfde wijze wordt toegepast.

De Onderwijsraad heeft in zijn advies van 5 december 1990 minister Ritzen van onderwijs voorgehouden uiterst voorzichtig te zijn met het opnemen van een onderwijsparagraaf in het Verdrag. Zou daartoe moeten worden besloten, dan dient duidelijk aangegeven te worden voor welke onderwerpen de EEG een coördinerende functie vervult en over welke bevoegdheden zij ter zake beschikt. De Onderwijsraad vindt een eventuele overdracht van bevoegdheden alleen gerechtvaardigd als op nationaal niveau geen goede regeling is te treffen. Volgens de Onderwijsraad Ts een formulering a la artikel 128 van het Verdrag veel te ruim. De praktijk heeft dat intussen uitgewezen.

Verder is de Onderwijsraad van oordeel dat grondrechten als de vrijheid van onderwijs en het beginsel van de financiële gelijkstelling tussen openbaar en bijzonder onderwijs in het Verdrag moeten worden opgenomen. Voorkomen moet worden dat het Hof met zijn uitspraken de vrijheid van onderwijs in ons land nog verder aantast. EEG behoort, en wat niet. Onder die voorwaarden zijn ze bereid bevoegdheden aan de EEG over te dragen.

De keus voor het al dan niet opnemen van een onderwijsparagraaf in het EEG-Verdrag wordt mede bepaald door de visie die men heeft op het streven naar politieke eenwording van Europa.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.