+ Meer informatie

COLUMN: EEN ZEE VAN EEUWIGE VERGETELHEID

3 minuten leestijd

Op zoek naar vergetelheid

Nog niet zolang geleden zat ik onder het gehoor van een collega-predikant. Ook deze keer bleek dot een leerzame ervaring. Ergens in de preek werd aan de gemeente als troost voorgehouden dat de Schrift getuigt dat God alle zonden wil werpen in een zee van eeuwige vergetelheid. Die woorden haakten in mijn hart. Ik voelde goed wat ermee bedoeld werd en ik werd er ook wel door bemoedigd. Toch moest ik tot mijn schande bekennen, dat ik niet wist waar die woorden in de Bijbel te vinden waren. De schaamte werd nog verdiept toen ik mij de pastorale gesprekken te binnen bracht waarin gemeenteleden de zee van eeuwige vergetelheid noemden.

Kortom: mijn interesse was gewekt. Ik wist me ook nog te herinneren dat de zee van eeuwige vergetelheid vooral ter sprake kwam als het ging over vergeven en/of vergeten. Als ambtsdrager kom je die vraag wel tegen: als je echt wilt vergeven, vergeet je dan ook wat de ander je heeft aangedaan? Moeten wij als mensen niet een voorbeeld nemen aan God, die onze zonden werpt in de zee van eeuwige vergetelheid? Zou dat in persoonlijke en in kerkelijke verhoudingen niet heilzaam werken ?

Wie schetst mijn teleurstelling toen ik achter mijn computer dookl Feilloos gaf het zoekprogramma aan, dat het woord “vergetelheid” in de NBG-51 vertaling slechts op twee plaatsen voorkomt: Job 11:6 en Ps. 88:12; in de Statenvertaling slechts eenmaal: Ps. 88:13. Maar geen zee van vergetelheid. Mijn geachte collega en mijn gemeenteleden troostten zich met een tekst die niet in de bijbel stond. Toch is het zo ‘n bekende uitdrukking dat die vast wel ergens te rug te vinden moest zijn. Enig speurwerk leverde mij niets op dan alleen het Liedboek, gezang 29 vers 7 (slot): O genadige God, mijn zonden / zijn voor U verleden tijd; / Gij wierp ze in de ondoorgron-

de/diepten der vergetelheid. Deze dichtregels zijn een weergave van Jesaja 38:17. Echter bij Jesaja is in dit verband noch van een zee noch van vergetelheid iets terug te vinden. Uiteindelijk heb ik de zee van eeuwige vergetelheid niet kunnen vinden.

Achter zich werpen

Jesaja 38 spreekt wel over het vergeven van de zonden door God. Het beeld is echter niet een zee van vergeten. Vergeven is hier: achter de rug werpen. Die twee beeiden zijn verschalend. Vergeten kan wel betekenen: opzettelijk er niet meer aan denken. Toch klinkt er voor mij ook in mee: je kunt het je niet meer herinneren, het is je ontglipt, je weet het niet meer. Achter de rug werpen gaat verder. Het is heel bewust vastpakken en wegwerpen. Het is wel degelijk weten waar het over gaat, maar dat niet voor de borst of in de weg taten zitten. Integendeel, het wordt voorgoed achter de rug geworpen. Dit beeld drukt veel beter uit dat vergeven vraagt om erkenning van wat gebeurd is en om het nieuw leren hanteren van wat pijn heeft veroorzaakt. Achterde rug werpen kan veel moeite kosten. En toch … onze God vergeeft!

Het achter de rug werpen van alle zonden door God heeft in Jesaja 38 alles te maken met de hernieuwde ruimte voor het leven dat Hizkia ontvangt uit Gods hand.

Onze tijd vraagt dat we in onze persoonlijke en kerkelijke verhoudingen niet hopen op de mogelijkheid van het vergeten wat ons moeite geeft. We zullen het anders en beter moeten leren hanteren. Laten we doen zoals de HERE het ons leert: achter de rug werpen om het leven vóór ons de ruimte te geven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.