+ Meer informatie

MILDE REGEN?

3 minuten leestijd

In ganzenpas loopt het gekostumeerde rijtje ambtsbroeders de kerkzaal uit. De kerkdienst is afgelopen. De deur van de kerkenraadskamer gaat achter hen dicht. De broeders staan rondom de vergadertafel en de predikant die zojuist is voorgegaan, kijkt hen verwachtingsvol aan. Hij heeft Gods Woord ‘overdacht en gebracht’. Een hele bevalling soms. Ook een mooi werk. Maar bovendien, net als de andere bezoekers in de dienst: de broeders hebben allemaal het Woord ook zelf mogen ontvangen. Eén Naam, twee wegen, drie stukken. Dat wordt nooit oude kost. Gods Woord kan wel eens een enkele keer taaie kost zijn, maar vaker is het voedsel dat zó van het oor naar het hart gaat: een liefdeswoord van de grote Bruidegom! Trouwens, de broeders ouderlingen en diakenen zaten daar ook als ambtsdragers te luisteren. Met toezicht op de predikant en opzicht over heel die kudde, in al haar verscheidenheid. Zal het Woord voor hen ‘op maat’ geweest zijn? Begrijpelijk dat het soms even stil is, er is veel te bedenken en te verwerken.

Gelukkig schraapt een van de ambtsbroeders de keel en neemt het woord. ‘Nou, het is weer gestopt met regenen, geloof ik…’

Ja, als dat de enige (droge) reactie is, is het inderdaad gestopt met regenen. Kennelijk heeft de predikant Gods Woord niet helder doorgegeven en is Gods Geest niet ‘neergeregend’. Of is die andere ambtsbroeder onder de preek geweest als een mens die met de paraplu op onder de douche gaat…?

Hoe dan ook, laat het een goed gebruik zijn na iedere dienst na te praten over de inhoud ervan. Persoonlijk-geestelijk, vanuit ambtelijk opzicht over prediking en gemeente, ook heel praktisch als hoorder. Dat vraagt nauwelijks praktische organisatie, maar het vraagt des te meer van onszelf als ambtsdragers:

• Inzicht in Gods Woord: verworteld zijn in de Schriften om voor anderen tot toets-steen van de waarheid (die breder is dan eigen stokpaardjes) te kunnen zijn;

• Kennis van en hart voor alle gemeenteleden: wie zijn ze? Waar zijn ze in het dagelijks leven en in het geestelijke leven? Wat hebben ze nodig?

• Liefde voor de Heere: ervaring in het geestelijk leven kan voor de predikant een bevestigende of soms opscherpende ‘weerklank van de bergen’ vormen.

• Wijsheid van Gods Geest: om tijd, plaats en juiste woorden te weten:

a) als dingen in dankbare zin mogen worden opgemerkt (fijn om te horen!) zonder een mens te verheerlijken

b) als dingen in corrigerende zin op milde wijze naar voren gebracht zouden moeten worden. De dienaar is net na de dienst kwetsbaar (maar niet onbenaderbaar). Soms zijn er passender momenten gewenst (en dan bedoel ik niet het consistoriegebed) voor een moment van verdieping. Maar in het geheel niet reflecteren, of iemand in stilte afrekenen zonder de betrokkene een eerlijke reactie te laten horen, is ook niet de Koninklijke weg! Daar wordt toch niemand beter van?

Nu zijn een droge opmerking over het weer of een zure regen van kritiek als enige reactie op de preek weliswaar verbijsterende verschijnselen, maar (naar mijn beperkte waarneming) gelukkig ook zeer zeldzaam. Veel vaker ontstaan goede geestelijke gesprekken die opbouwend zijn. Dan wordt de Heere in de kerkenraadskamer opnieuw grootgemaakt! Dan krijgt de voorganger soms kostbaar graan toegeworpen om op te pikken voor eigen bediening en leven. Dan valt er licht over Gods gemeente en zegen in het hart. Laat het, als zulke dingen gebeuren, buiten maar droog worden. Dan druppelt er bínnen in elk geval een milde en vruchtbare regen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.