+ Meer informatie

Directeur mevrouw Wilbrink neemt afscheid

"Ik probeerde de band tussen Terdege en de abonnees te verstevigen"

9 minuten leestijd

Op 26 november heeft Terdege afscheid genomen van mevrouw GA Wilbrink. De gevolgen van een ernstige ziekte noodzaakten de directeur haar taak neer te leggen. Wie haar kent weet dat ze haar werk altijd met plezier deed en steeds nieuwe activiteiten ontplooide. Terugblik op acht directiejaren en wat daaraan voorafging.

Onlangs kreeg ik nog een brief van iemand die schreef dat hij het zo gewaardeerd had dat ik altijd bij het afscheidsdiner van de Terdegereizen aanwezig was", ghmlacht mevrouw Wilbrink. „Ik gaf dan alle deelnemers een hand en maakte hier en daar een praatje. De dagtochten maakte ik helemaal mee, dan ging ik de hele bus door. Veel abonnees hebben mij zo leren kennen."
Deze reizen waren min of meer een vervolg op de pensionvakanties die Terdege in het verleden aanbood. „Bij de afscheidsdiners hoorde ik altijd dat er zo'n goede band was in de groep, er waren goede, geestelijke gesprekken geweest. Ik heb dat altijd erg fijn gevonden." Dagtochten en reizen waren een paar van de zaken die de directeur regelde. „We hebben zoveel georganiseerd", mijmert ze met een plakboek op schoot.

Slagerij
Het leven van Gerdina Aaltje begon op 16 oktober 1943 in Apeldoorn. „Ik ben een geboren en getogen Apeldoornse. Jaren lang hebben we aan de Deventerstraat gewoond, waar vader een slagerij had. Vanwege de bouw van een viaduct moesten we er weg, in '68. Toen heeft hij een slagerij in Lieren gekocht."
De jonge Ali stapte niet in de slagerij, maar vond werk bij de DRAI (draadwarenindustrie) in Apeldoorn, die displays voor winkels vervaardigt. „Ik kwam er binnen als jongste bediende en klom langzaam op. Ten slotte was ik secretaresse van de bedrijfsleider/inkoper. Hoewel ik het er erg naar mijn zin had, heb ik toch gesolliciteerd op een advertentie van het Reformatorisch Dagblad in een kerkblad; het RD zelf bestond toen nog niet. Het sprak me aan, iets in eigen gezindte. Op 5 december 1970 kwam ik op sollicitatiegesprek. Op de dag af tien jaar heb ik bij de DRAI gewerkt: Op 1 maart '71 trad ik in dienst van het RD als hoofd advertentieafdeling en secretaresse van de directeur, 't Was toen zo klein, dat was best te combineren. Op de advertentieafdeling zat verder nog één dame.
Diezelfde zomer werd ik ook benoemd als secretaresse van het bestuur. Tot die tijd was de heer Oosten secretaris, maar hij ging toen theologie studeren. Die bestuursvergaderingen duurden altijd lang, soms kwamen we pas om één uur of half twee 's nachts thuis. Dan zette mijn vriendin gauw even koffie." Die vriendin, Tiny van Weelden, was een jaar na mevrouw Wilbrink in dienst getreden en een halfjaar later besloten ze huisgenoten te worden. Nu delen ze al vele jaren hetzelfde huis.

Stichtingen

„In het begin waren er niet zo veel mensen in dienst. Die weinige mensen moesten met z'n allen heel veel doen, dus ik had een breed takenpakket. Daar genoot ik wel van. Geleidelijk groeide het RD, zowel de krant als het personeelsaantal. Ik kreeg het steeds drukker en moest daarom taken afstoten." Naast haar dagtaak kreeg de directiesecretaresse op den duur twee nevenfuncties. Het RD voerde een actie waaruit de stichting Schuilplaats ontstond. Vanaf het begin was mevrouw Wilbrink erbij betrokken, later kwam ze in het bestuur. In januari dit jaar moest ze vanwege haar gezondheidstoestand bedanken.
De stichting Shaare Zedek ontstond ook na een RD-actie voor onder andere het gelijknamige ziekenhuis. „De mensen bleven ook na de actie nog geld storten voor het ziekenhuis. Om die reden is toen die stichting opgericht. Ik zit nog steeds in het bestuur ervan. Het werk spreekt me aan; 't is goed om het joodse volk te helpen en ze zo tot jaloersheid te verwekken."

Verantwoordelijkheid
Toen Terdege in 1983 van start ging als zelfstandig familieblad, had de secretaresse van de RD-directeur daar zijdelings ook al mee te maken. Ze woonde natuurlijk de bestuursvergaderingen bij en was nauw betrokken bij abonneewerfacties. Ook denkt ze nog met genoegen terug aan de inkoop van cadeautjes voor de nieuwe abonnees. In later jaren reikte ze wel eens prijzen uit bij een abonneewerfactie.
Inmiddels was de Erdee-holding ontstaan, met als dochtermaatschappijen RD, Terdege en reclamebureau KRB. De heer Bokma was zowel directeur van de holding als van RD en Terdege. Omdat hij zelfstandigheid van de werkmaatschappijen voorstond, meende hij dat het goed zou zijn als het famiheblad een eigen directeur had, net als KRB. Het oog viel toen op mevrouw Wilbrink. „Ik moest daar goed over nadenken. Natuurlijk was ik blij met het vertrouwen dat men kennelijk in mij had, maar ik zag er ook wel tegenop. Ik heb er Gods leiding in mijn leven in gezien, daarom durfde ik toen toch ja te zeggen, 't Was een hele verandering en ik kreeg een hele verantwoordelijkheid. En het was een leuke uitdaging. Bij Terdege kwam ik weer in een klein team terecht en dat lag me wel. Ik vond Terdege een prachtig blad, en nuttig. Een alternatief voor televisie, en om veel rommel die op de bladenmarkt verschijnt buiten de deur te houden. Je kunt in de winkel haast niet meer naar de bladenhoek kijken, ook als je gewoon een tuinblad of zo zoekt. Terdege mag gezien worden. Je hoeft je er niet voor te schamen. Niet voor je familie, maar ook niet voor je onkerkelijke buurman. En dan hoop en bid je dat Terdege iets mag betekenen in Gods Koninkrijk." Zo kreeg Terdege in oktober '88, toen het zijn vijfjarig bestaan vierde, een eigen directeur. Die meteen heel wat opzette. In het voorjaar van '89 werd bijvoorbeeld voor het eerst, in navolging van het RD, een financiële lezersactie gevoerd. De opbrengst was voor de kersverse stichting Ontmoeting. Daarna volgde elk jaar zo'n actie. „Hoogtepunt was voor mij de actie die we hielden voor een kindertehuis in Dessie. Die heeft trouwens ook het meeste opgebracht. De actie liep via ZÖA en men nodigde mij uit om mee te werken aan de opening van het tehuis. Toen heb ik gezien hoeveel waarde zo'n actie heeft. We hebben een kamp bezocht, je zou er nachtmerries van krijgen. Een grote loods waar tientallen gezinnen woonden, met eigenlijk nauwelijks privacy. En in Addis Abeba sliepen de mensen op de trottoirs. In de open lucht. Aangrijpend, nog niet eens een kartonnen dak boven hun hoofd. Het is echt een levensgroot verschil voor die kinderen of je wel of geen actie voert. Nu kunnen ze naar school, krijgen ze een maaltijd en worden ze na school opgevangen in gastgezinnen."

Cursussen
Een andere activiteit die mevrouw Wilbrink ontplooide waren creatieve cursussen. „Ik kwam op dat idee doordat iemand mij zei dat ze best naar zo'n cursus zou willen, maar ze zag ertegenop om dan tussen allerlei mensen te zitten die 'nergens aan doen'. Toen dacht ik: Dat zou wel iets voor Terdege zijn. Daar rolde toen de aquarelcursus uit van Aly Schutte-Borneman. Het sloeg echt aan, lekker onder ons. Daarna zijn er cursussen zijdeschilderen en doosjes maken georganiseerd. Ik lunchte 's middags met de cursisten en ging af en toe even kijken naar de vorderingen." Veel lezers zullen zich ook de fietstochten van Terdege herinneren. „De eerste, ter gelegenheid van het tienjarig bestaan, werd op 4 september '93 gehouden en trok ruim tweeduizend fietsers. De deelnemers vonden het zo'n succes dat ze later geregeld informeerden of er nog eens een tocht kwam. Die werd afgelopen voorjaar gehouden, nu met meer dan drieduizend aanmeldingen.

Verder verzorgden we het uitgeven van de stripboeken van de heer Boer en van cd's. De eerste cd, Quatre-Mains, vloeide voort uit de jubileumconcerten bij het vijfjarig bestaan. Daarna zijn er jaarlijks concerten voor abonnees gehouden. Wat was daar veel belangstelling voor! De kerken waren soms te klein. Van die concerten verschenen ook weer cd's." Bestelservice en spaaracties ontsproten eveneens aan het brein van de actieve directeur; hetzelfde geldt voor de verjaardagskalender en de jaarlijkse Terdege-kalender. „Ik organiseerde al die dingen om de band tussen Terdege en de abonnees te verstevigen. Het is natuurlijk belangrijk om nieuwe abonnees te werven, want hoe meer er zijn, hoe meer we voor de abonnees kunnen doen. Maar een hechte band tussen abonnee en blad is niet minder belangrijk. Ik heb ervan genoten om al die dingen te doen."

"Iets dubieus"
En toen brak de zomer van '94 aan. Mevrouw Wilbrink kreeg een oproep voor een bevolkingsonderzoek naar borstkanker, „'t Was de eerste keer. Ik dacht, dat kan geen kwaad, laat ik maar meedoen. Ik voelde me goed. Maar terwijl ik op kantoor zat, kreeg ik een telefoontje dat er "iets dubieus" was gevonden. Nou, dan draait je wereld 180 graden om. Ik werd geopereerd en het bleek kwaadaardig te zijn. Daarom moesten de lymfeklieren operatief verwijderd worden. Die bleken gelukkig niet aangetast. Voor de zekerheid moest ik ook nog bestraald worden. Dat heeft me al met al heel wat van m'n gezondheid gekost. Ik heb geprobeerd om een paar uur per week te werken, maar dat ging niet: Het was onbevredigend voor mij en voor het bedrijf Het is echt een functie van alles of niets.

In oktober vorig jaar ben ik, mede op advies van de bedrijfsarts, helemaal gestopt met werken. Ik heb nog steeds erg veel last van vermoeidheid. Bestralingen, operaties, in die tijd overleed ook heel onverwacht een zus van me - je moet het allemaal verwerken, ook psychisch. Heel veel ex-kankerpatiënten hebben last van moeheid.
Als ik het over een heel lange periode bekijk, kan ik wel zeggen dat ik wat vooruit ben gegaan, maar de echte doorbraak is nog niet gekomen. Daar hoop ik wel op en ik bid erom. Dat je je weer fit voelt, om dienstbaar te zijn. Je hebt heel andere gedachten over de toekomst, niemand denkt hieraan, maar nu ervaar ik: De mens wikt maar God beschikt. Gelukkig zijn er momenten dat ik mag volgen."

Afscheid
Begin maart dit jaar werd nog op feestelijke wijze haar 25-jarig dienstverband bij RD/Terdege gevierd, maar eind november heeft ze definitief afscheid moeten nemen van het werk. „Ik heb altijd met veel plezier gewerkt; het gaat me echt aan het hart dat ik nu afscheid moet nemen. Want voor de vut heb ik de leeftijd nog niet." „En de fut niet", vult haar vriendin aan.
„Maar hopelijk kan ik in de toekomst nog wel wat vrijwilligerswerk gaan doen." Terdege blijft ze in elk geval belangstellend volgen. Hoe kan het anders, voor iemand die zich zo heeft ingezet voor het blad. „Ik hoop van harte dat het goed mag gaan met Terdege."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.