+ Meer informatie

Christen-Turken politiek niet bijster interessant

Een analyse van de verkiezingsprogramma's

4 minuten leestijd

AMSTERDAM — In hoeverre zijn de 25 politieke partijen die aan de verkiezingen meedoen begaan met het lot van de in ons land verblijvende vluchtelingen in het algemeen en de Turkse christenen in het bijzonder?

Prof. dr. J. van Putten, hoogleraar politicologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam (waar ruim honderd Syrisch-orthodoxe en Armeense christenen zijn „ondergedoken") spitte alle verkiezingsprogramma's door en lichtte zijn bevindingen gisteren tijdens een korte lezing toe.

Van Putten concludeerde (wat overigens niet nieuw is) dat de meeste fracties zich ten, aanzien van deze problematiek, niet bijster geïnteresseerd tonen, waarbij dan in z'n algemeenheid gezegd kan worden: hoe linkser, hoe vluchteling-vriehdelijker.

Slechts twee partijen noemden de Turkse christenen in hun verkiezingsprogramma bij name: de EVP en de RPF. Laatstgenoemde stelt zich op het standpunt dat het „ten achter stellen van de christelijke minderheden aan de orde moet worden gesteld in de Raad van Europa en dat de herbergzaamheid ten aanzien van de vluchtelingen in het algemeen niet mag worden veronachtzaamd". „Te vrijblijvend" beoordeelde Van Putten deze formulering.

Weinigzeggend zijn volgens hem in dezen ook de VVD (die „een zo ruimhartig mogelijk toelatingsbeleid voorstaat binnen de mogelijkheden van uitvoerbaarheid") en de nieuwe partij Realisten'81. Deze wil voor politieke en ander vluchtelingen onze traditie als veilige thuishaven hooghouden. „Met die veilige thuishaven is het in het verleden overigens wel tegengevallen. Dat ondervonden bijvoorbeeld de joden die hier aan het eind van de jaren '30 niet welkom waren en de zogeheten „spijtoptanten" uit het voormalig Nederlands-Indië". Weinig waardering ook voor de SGP die schrijft „dat de vreemdelingen in onze poorten niet mogen worden achtergesteld en recht hebben op een gelijkwaardige behandeling".

Het CDA bepleit een mild toelatingsbeleid ten aanzien van vluchtelingen die in hun eigen land worden gediscrimineerd. „Maar dat was niet te merken aan het beleid van (CDA-)staatssecretaris mevr. Haars. Zo zie je maar", aldus prof. Van Putten, „het papier is geduldig".

D'66 stelt zich zeer vriendelijk op: „Het vluchtelingenbeleid dient te voldoen aan duidelijke criteria". Dat is niet te realiseren; er zijn geen strakke regels op te stellen voor een hele groep, met veel gevallen die een individuele behandeling vereisen.

Volgens DS-70 moet er asielrecht ger geven worden aan vluchtelingen die afkomstig zijn uit landen waar gehandeld wordt in strijd met de rechten van de mens.

Niet terugsturen

Hoe meer naar links, hoe beter het wordt, stelde prof. Van Putten, die zijn politieke voorkeur bepaald niet onder stoelen of banken stak, voldaan vast. „De PvdA wil toelating voor alle vluchtelingen die wegens ras, geloof enz. worden vervolgd en eist (en dàt is heel belangrijk!) dat vluchtelingen in geen geval worden teruggestuurd naar het land van herkomst. Ook van de PPR mag geen enke'e vluchteling het land worden uitgezet."

Tot zijn grote verbazing kon prof. Van Putten ook het GPV een compliment geven. Deze partij staat op het standpunt dat Nederland zich het lot moet aantrekken van de vele christenen die overal ter wereld worden vervolgd. Gepleit wordt voor contacten met regeringen van andere landen, samenwerking niet levensbeschouwelijke organisaties die zich met de opvang van ontheemden bezig houden en kortere beroepsprocedures.

Getroffen

Overigens hebben de 120 Turkse christenen die zich sinds een maand in de kerkzaal van de VU ophouden het er, uiterlijk gezien althans, zo slecht nog niet. Natuurlijk, het is bepaald geen lolletje wanneer je je, uit angst het land te zullen worden uitgezet, ergens schuil moet houden, maar het maakt toch wel enig verschil of je, zoals vele tientallen lotgenoten, in een bijgebouwtje van een kerk zit of in de ruime, gezellig ingerichte kerkzaal van de Vrije Universiteit, waar je, vanaf het aangrenzende dak, ook nog eens van het uitzicht over Amsterdam kan genieten.

Vrijwilligers — vooral vanuit de universitaire gemeenschap maar ook daarbuiten — offeren heel wat uurtjes van hun vrije tijd op om het de Turkse christenen naar de zin te maken. Zo is er een lerares Nederlands die de „onderduikers" inwijdt in de geheimen van onze taal. En daarmee wordt de mensen niet alleen een stukje kennis bijgebracht, door de gesprekken ontvangen ze ook morele steun en die kunnen ze best gebruiken.

Want hun situatie is nog allerminst rooskleurig. ,,Deze actie is eigenlijk het laatste wat we kunnen doen", aldus Sabo Celik, woordvoerder van de groep en zelf student sociologie aan de VU. Hij had enkele weken geleden een gesprek met premier Van Agt toen deze een bezoek aan de universiteit bracht. Aan de ene kant vindt Sabo zo'n bezoek heel positief. „Daaraan, en aan de foto waarop de premier te zien is in gezelschap van een paar Turkse christenen, kan men zien dat onze acties niet tegen de regering gericht zijn. Anderzijds leverde het ogenschijnlijk sympathieke gebaar van de minister-president weinig op".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.