+ Meer informatie

Voor de jeugd

8 minuten leestijd

Beste jongelui!

We hebben vijf artikelen geschreven over het „dominee worden”. Daar zou natuurlijk nog veel meer over te schrijven zijn. We hebben ook daarom helemaal niet de gedachte alle vragen, die er op dit terrein liggen, te hebben beantwoord. We zijn ook niet van mening, dat we over deze materie het laatste woord hebben gesproken. Doch we kunnen er hier voorlopig niet mee verder gaan. Er zijn nog zoveel andere dingen, die om aandacht vragen. En daar willen we dan nu ook aandacht aan geven.

Uit de korrespondentie bemerken we steeds, dat veel lezers, ook jonge lezers, verdriet, dat ons blad Bewaar het Pand, maar eens in de veertien dagen verschijnt. Men zou het gaarne elke week zien verschijnen. Nu, daar is de redaktie ook niet afkerig van. Maar het moet natuurlijk ook mogelijk zijn. En dat zou het b.v. worden als elke abonnee er nog één of meerdere abonnees zocht bij te krijgen. Velen geven het blad door aan anderen. En dat is natuurlijk prachtig. Het wordt zodoende door veel meer mensen gelezen dan er abonnees zijn. Maar het zou nog mooier wezen als al die mee-lezenden, die toch ook mee-levenden zijn, zelf abonnee werden. Voor de kosten behoeft men het vandaag echt niet te laten. Voor f7,- per jaar weet je alles. Het is haast niet te geloven, dat je in deze tijd voor zo weinig geld,- nog zo veel kunt krijgen. Velen betalen dan ook meer, zonder dat het hun gevraagd wordt. De administrateur neemt daar steeds dankbaar notitie van.

Ik dacht dat hier voor onze jonge vrienden en vriendinnen wel eens een taak kon liggen. Het is ook een nuttige vrije tijdsbesteding. Ik ben geen dichter, maar het volgende rijmpje is toch wel de overweging waard:


Bewaar het Pand!
Ga met deze krant,
Door het hele land,
En.... maak iedereen tot klant.


Afgesproken!

De laatste artikelen hadden bijzonder betrekking op jonge vrienden. Misschien hebben de vriendinnen wel gedacht: Voor ons is daar niet veel bij. Wij kunnen toch geen dominee worden. Neen, als je overeenkomstig Gods Woord wilt leven, dan is dat bijzondere ambt voor vrouwen/meisjes niet weggelegd. Dat wil echter niet zeggen, dat er op dit terrein voor meisjes niets is te doen. Zij behoren ook tot de gemeenten, die door mannelijke voorgangers bediend worden. En door wie ze nu in de prediking gediend worden, is voor hen ook van de grootste betekenis. Wanneer dat een dominee is met een vol hoofd en een leeg hart, dan zal hun ziel daar moeilijk wel bij kunnen varen. Want dan wordt hun de volle raad Gods tot hun zaligheid niet verkondigd. Men wordt dan met een „aangepraat geloof’, „de kou” ingestuurd.

We denken ten deze aan het volgende: We ontmoetten eens een jong meisje, dat van de wereld in de kerk was terecht gekomen. Ze had verkering met een kerkse jongen. Deze had het geloof, naar hij dacht. En dat meisje moest natuurlijk ook zo ver komen. Daarom ging ze naar de katechisatie, waar de dominee haar vertelde, elke week weer, dat ze geloven moest. Dat is natuurlijk op zichzelf een waarheid, waar niets op af te dingen valt. Doch hoe dat nu allemaal in z’n werk gaat en funktioneert dat is haar blijkbaar nooit verteld. Want ze bleef met de vraag zitten: Hoe moet dat nu eigenlijk? Ik vind geloven maar moeilijk. Je kunt toch zo maar niet geloven? En: Wat moet ik geloven? Deze en meer vragen vormden haar probleem. Ze dacht: Ik zal het eens aan mijn verloofde vragen. Want die was kerks..... en dus gelovig! Hij zou het wel weten. Zij kwam daarom met haar moeilijkheden, in een vertrouwelijk ogenblik, bij hem terecht.

Deze was er echter niet van gediend om over zulke zware onderwerpen te praten. Zijn antwoord op al haar vragen was daarom kort: Ach meid, geloof het nu maar!

En dat sloeg in. Ze vertelde mij, dat ze toen „het maar is gaan geloven” en daardoor tot rust gekomen was.

Ik ben echter bang, dat ze heden ten dage nog niet weet wat geloven is en wat ze nu eigenlijk gelooft.

En zo zijn er helaas maar al te veel, die geloven zonder dat ze er enig begrip van hebben wat dit nu eigenlijk inhoudt. Ze hebben nooit God leren kennen zoals Hij Zich in Zijn Woord geopenbaard heeft. Ze hebben ook nooit geleerd, dat ze voor God niet kunnen bestaan, vanwege hun eigen zondig bestaan. Hun totale verdorvenheid is hun een gans onbekende zaak.

O zeker, dat staat nog wel in de belijdenis. Men leert dat ook nog wel uit het hoofd. Men zegt het zelfs dapper op, doch zonder de minste indruk, van wat men zegt.

Als men het dan gaat verklaren, dan komt helaas dikwijls openbaar, dat men daar niets van hebben moet. Want dat de mens „niet helemaal deugt” dat stemt men nog wel toe. Maar dat hij voor God „helemaal niet deugt”, vindt men te erg. Misschien zijn er onder jullie die dit wat ingewikkeld gezegd vinden. Ik zou zeggen: Lees het dan nog maar eens goed over en denk er ernstig bij na. De eerste uitdrukking, dat de mens „niet helemaal deugt”, wil zeggen, dat hij niet volmaakt is. Hij heeft zijn fouten. Natuurlijk! Die hebben we allemaal. Men spreekt ten deze ook maar graag in het algemeen. Op het persoonlijke is men ook niet zo gesteld. Maar om nu te zeggen dat de mens „helemaal niet deugt”, dat hij gans verdorven is, „ganselijk onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad”, dat is te erg. Een mens moet je niet zo laag wegzetten. Het is om hem alle moed te doen verliezen. Hij kan zelf heus nog wel wat. En men doet ook nog heel wat. Men gaat dan allerhande dingen opnoemen. Men bidt en dankt. Men leest Gods Woord en gaat naar de kerk. Liefst maar één keer natuurlijk en dan moet het nog niet te lang duren ook. Een uur is lang zat. „Onze dominee zegt het zelf’. Je moet van die „hele lange zondag” voor jezelf toch ook nog wat overhouden. Je kunt toch niet de hele dag in de kerk zitten. Je kunt in de natuur toch ook God wel dienen, vooral als het mooi weer is. Je mag er dan best op uit trekken. We hebben een fijne vereniging. We gaan wel eens weekenden weg. We slapen dan gezamenlijk, jongens en meisjes door elkaar, in een schuur op een boerderij. We gaan ’s morgens naar de kerk. ’s Middags doen we spelletjes. Voetballen en zo, en ’s avonds hebben we samenkomst. O zo gezellig! Laat in de avond gaan we dan naar huis, met de trein desnoods. Waarom niet? Dat ding rijdt toch! Enz.

Over „doen” gesproken. We doen nog veel meer. We werken voor de bazar. We geven aan Biafra. Vloeken doen we niet. Drinken ook niet. We sparen postzegels voor de zending. En.....

En ik zeg maar, dominee, als je al die dingen doet, dan heb je dat niet van jezelf. Dan ben je echt wel een gelovige. Dan mag je heus wel geloven dat het met je in orde komt. We zijn tenslotte toch geen heidenen ook. We zijn nette....... gereformeerde jonge mensen (die puntjes moeten jullie zelf maar invullen). Neen dominee, dat een mens „helemaal niet deugt”, neemt u het mij niet kwalijk, dat ik het zeg, maar dat ben ik echt niet met u eens. Zo wordt er geredeneerd. Zo maak ik het mee op het brede terrein van het kerkelijke leven. Men praat zichzelf het geloof aan. En men komt nooit tot de ontdekking van het geheim, dat een zondaar „alleen uit genade” zalig wordt. De farizeër uit de gelijkenis bracht het er nog beter af dan al degenen die op bovengenoemde wijze redeneren. Want die deed heel veel dingen niet „naar de wet”, die er vandaag best mee door kunnen.

Dit alles is mede een gevolg van de prediking. En daarom ligt er ten opzichte van a.s. dominees een taak, ook voor de meisjes, n.l. om te bidden of God Zijn kerk wil zegenen met zodanige voorgangers, die hem eerlijk behandelen, naar het Woord van God.

Degenen, die het eerlijk om God te doen is, willen ook niet anders dan eerlijk behandeld worden. Die voelen ook wel aan, hoeveel waardevols, voor het uiterlijke leven, er in het bovengenoemde nog mag schuilgaan, dat men zo God niet ontmoeten kan.

Daar moet echt iets anders voor gekend worden.

Ik hoop, beste vrienden, dat jullie hart daarnaar uitziet.

Doch mijn blad is weer vol. Tot de volgende keer.

Hartelijke groeten van jullie aller vriend

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.