+ Meer informatie

„VAD" vol vaagheden

4 minuten leestijd

DEN HAAG —Van alle kanten komen reacties los op de gisteren gepresenteerde regeling op de vermogensaanwasdeling. De werknemersbonden zijn redelijk tevreden, evenals de progressieve partijen. Minder te spreken zijn de werkgevers en de VVD.

Met instemming neemt de FNV kennis van het voornemen de VAD met terugwerkende kracht tot 1975 in werking te doen treden. De relatie die in het ontwerp wordt gelegd tussen de arbeidsproduktiviteit en de arbeidskosten enerzijds en het werknemersaandeel in de overwinst anderzijds past echter allerminst in de opvattingen van de FNV.

Het besluit om het beheer van het landelijk fonds, waaraan de VAD-opbrengst moet worden overgedragen, in handen te leggen van vertegenwoordigers van de vakbeweging is in overeenstemming met het standpunt van de FNV. Dat geldt ook voor de vorm waarin overdracht van vermogensaanwas plaats vindt. Voor zover dit geschiedt in aandelen. Dit opent de mogelijkheid dat de werknemers gebruik maken van de aan deze aandelen verbonden zeggenschapsrechten.

Het CNV acht het van het grootste belang voor het overleg over het te voeren arbeidsvoorwaardenbeleid dat nu voldaan is aan de toezegging van het kabinet om te komen met een wetsontwerp over de VAD.

In een voorlopig commentaar zegt. het CNV dat het Wetsontwerp op een aantal belangrijke punten overeenstemt met de CNV-standpunten. Met name geldt dat voor de verdeling van de overwinst tussen de werknemers per bedrijf en alle werknemers. Het CNV betreurt het echter dat het collectieve deel van de overwinst niet leidt tot individuele bezitsvorming, zoals wel gebeurt met het deel dat de werknemers in het eigen bedrijf ontvangen. Het CNV heeft bezwaren tegen het blokkeren van de opbrengst van het werknemersdeel. Gelet op de grote verschillen in winstpositie tussen de bedrijven onderling lijkt een maximering van de rechten der werknemers in eigen bedrijf noodzakelijk waarbij uiteraard het gedeelte dat boven dat maximum uitkomt ten goede moet komen van alle werknemers.

Collectivistisch

Het Nederlands Christelijk werkgeversverbond (NCW) stelt vast, dat het wetsvoorstel vermogensaanwasdeling ingrijpend afwijkt van het werkgeversplan voor een overwinstdeling per onderneming. De VAD heeft een collectivistische opzet en doet weinig aan persoonlijke bezitsvorming van het eigen personeel in bedrijven, aldus het NCW.

In het licht van de toch al ongunstige economische vooruitzichten tot 1980 zal een jaarlijks toenemende heffing op de overwinst stellig ontmoedigend werken op de investeringslust van de bedrijven.-De bestrijding van de werkloosheid eist echter juist het aanwakkeren van bedrijfsinvesteringen, zo zegt het NCW.

De organisatie, vindt het volstrekt onaanvaardbaar dat de VAD met terugwerkende kracht over 1975 wordt ingevoerd. Op deze wijze wordt aan winsten die volgens de geldende wettelijke regelingen al zijn toegedeeld, achteraf een andere bestemming afgedwongen, aldus het NCW.

Vad vol vaagheden

Het Verbond van Nederlandse ondernemingen heeft dinsdagavond in een persbericht gezegd dat het voorstander is van individuele winstdelingsregeling per onderneming. De nu voorliggende regeling met haar collectivistisch karakter wijst het VNO af. De regeling omvat verder op essentiële punten onduidelijkheden, waarmede de regering kennelijk geen raad weet, die bij nadere wetten of Algemene maatregelen van bestuur geregeld moeten worden.

Hierdoor wordt een en ander naar de mening van het VNO „een vad vol vaagheden". Het VNO betreurt, dat nu ten derde male binnen korte tijd door de regering over belangrijke onderwerpen mededelingen naar buiten gebracht worden, zonder dat een wetsontwerp voorhanden is. Wat de .overwinst nu eigenlijk is, laat het  persbericht ons in het onzekere terwijl kennelijk de uitkeringen aan de werknemers ten onrechte nog steeds niet aftrekbaar zijn voor de vennootschapsbelasting. Het feit, dat de vermogensaanwasdeling met terugwerkende kracht ingevoerd zal worden, is een voorbeeld van wetgeven, dat onder alle omstandigheden verwerpelijk is.

Partijen

Alhoewel de PvdA-kamerfractie het wetsontwerp inzake de vermogensaanwas deling met instemming begroet vindt zij de hoogte van het percentage, dat loopt van tien procent in '75 tot achttien procent (event. 20) in 1979 aan de lage kant. Weliswaar kan dit percentage na 1979 verder oplopen maar dat zal dan nader bij wet moeten worden geregeld, aldus een fracliecommentaar.

De VVD-fractie is van plan over de gevolgde procedure bij de bekendmaking van de voorstellen inzake de vermogensaanwasdeling vragen aan de minister-president te stellen.

 De fractie keurt namelijk het moment van publikatie ten sterKste af. Deze valt samen met de verzending van het ontwerp naar de Raad van State om advies. Deze gang van zaken is volkomen in strijd met de juiste staatsrechtelijke verhoudingen. De Raad van State wordt erdoor onder druk gezet in zijn onafhankelijke adviserende functie, terwijl de gekozen procedure op zijn winst onhoffelijk is jegens het staatshoofd, dat immers de indiening van een wetsontwerp in zijn definitieve vorm moet goedkeuren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.