+ Meer informatie

Prinses Ashraf Pahlevi blijft vechten tegen gezag Khomeini

5 minuten leestijd

Prinses Ashraf Pahlevi, tweelingzus van wijlen de sjah van Iran, heeft zich allesbehalve neergelegd bij een definitieve nederlaag van de Iraanse monarchie. In tegendeel, zij is ervan overtuigd dat haar ballingschap slechts een tijdelijk karakter zal dragen. De 61-jarige prinses ondersteunt dan ook actief het verzet van Iraniërs in ballingschap tegen het bewind van de ayatollah Khomeini.

Geen goed woord heeft zij over voor huidige Iraanse machthebbers: „de digste en reactionairste regering van de geschiedenis" oordeelt ze. Welke staat van politieke dienst heeft prinses Ashraf Pahlevi eigenlijk? In ieder geval geen geringe! Eens confereerde zij in opdracht van haar broer met grote staatslieden als Stalin en president Truman van de V.S. Jarenlang bekleedde zij het ambt van voorzitter van de commisie voor de mensenrechten van de V.N. In 1977 ontkwam zij ternauwernood aan een moordaanslag, terwijl in 1979 één van haar zonen te Parijs werd vermoord. Diens stoffelijk overschot werd gebalsemd te New York om „na de bevrijding" bijgezet te kunnen worden in het vaderland. Kortom, de familie van wijlen de sjah kan Iran niet vergein dus opgeven: Daar komt nog bij dat de tegenwoordig zowel in Parijs als in New York verblijvende prinses haar achtergelaten privé-vermogen in Iran is geschat op een waarde van 300 miljoen dollar!

Niet totaal onverwacht
De val van haar broer is voor prinses Ashraf niet totaal onverwacht gekomen. Al vanaf 1974 had haar broer met binnen- en buitenlandse aanvallen te kampen. De prinses meent zelfs een verband te kunnen leggen tussen de verhoging van de olieprijzen en de campagne tegen het bewind van de sjah. Voor de anti-campagne zou het Westen medeverantwoordelijk zijn. Heeft haar broer echter niet al te veel zijn land willen moderniseren? Neen, meent de Iraanse prinses, dat is Japan toch ook gelukt op het eind van de 19e en aan het begin van de 20ste eeuw. De industrialisatiepolitiek van haar broer was een goede, nuttige tbekomstpolitiek. Met een ahiemen van de olievoorraad en een tekort aan water en bebouwbaar land moest Iran bij een groeiende bevolking wel snel gaan industrialiseren.

"Ik ben geen dictator"

Heeft prinses Ashraf kunnen voorzien dat juist een militante islamitische beweging haar broer ten val kon brengen? Het antwoord luidt ontkennend. Voorts is de prinses van mening dat de islamitische republiek van ,,meneer Khomeini" niets van doen heeft „met de ware godsdienst". Zij zegt: „De ware Islam berust niet op haat en wraak en niet op misdaden en volkerenmoord".

Trouwens, de sjah heeft zijn zuster verteld dat de gebeurtenissen als een lawine op hem afgekomen waren. Alleen grootscheeps bloedvergieten had de sjah kunnen redden en dat wilde hij juist niet, zo verzekert nu prinses Ashraf. Steeds weer benadrukte dè sjah tegenover zijn zus: „Ik ben geen dictator. Ik wil mijn troon op mijn zoon laten overgaan, zonder dat er bloed aan mijn handen kleeft".

Men kan haar broer er niet van beschuldigen dat hij zijn onderdanen niet mee heeft laten profiteren van de olieïnkomsten, stelt de prinses. Daar was wel degelijk sprake van door'middel van wegenaanleg, scholenbouw en de oprichting van universiteiten en ziekenhuizen. Je kan toch niet dagelijks onder de mensen dollars gaan verdelen, zo verdedigt zich prinses Ashraf. Bovendien, zo verzekert zij, waren de boeren en arbeiders niet gekant tegen mijn broer.

Wat heeft de val van de sjah nu voor haar land betekend? Het antwoord van de Iraanse prinses is simpel: chaos en anarchie. En door deze huidige situatie leeft het Iraanse volk onder een dictatuur in angst en vrees. Altijd heeft zij het beste met haar broer voor gehad. Zij zei hem steeds de waarheid. Toen de sjah onder zeer moeilijke omstandigheden in 1941 zjn regering aanving heeft zijn zuster hem trouw ter zijde gestaan. Kortom, aan haar heeft het niet gelegen! Aan haar broer dan? Ook niet. Prinses Ashraf verwerpt het denkbeeld volkomen dat zij als vorstin Iran beter had geleid dan haar broer: „Hij had alle kwaliteiten van een monarch. Ik niet". Wel heeft de prinses haar broer erop gewezen meer te letten op zijn prestige in zijn land. Deze raad sloeg de sjah in de wind omdat hij er al te zeer van overtuigd was gewoon zijn plicht te doen en daarmee basta. Het kon de sjah niet deren wat de kranten over hem schreven. Als enige kritische noot t.a.v. het beleid van haar broer merkt de prinses op: ,,Hij was misschien te zeer overtuigd van dat wat hij presteerde".

Nooit zal prinses Ashraf het de voormalige president van de V.S., Jimmy Carter, vergeven dat hij haar broer in diens strijd om het behoud van de macht in Iran niet heeft geholpen. Carter had de Iraanse revolutie kunnen voorkomen, stelt de zuster van de sjah onomwonden. Maar die man heeft een falend buitenlands beleid gevoerd. Carter, zo luidt het scherpe verwijt van prinses Ashraf, had alleen maar oog voor de Israëlisch-Egyptische toenadering.

Lelijk bedrogen

Neen, Carter heeft in de ogen van de Iraanse prinses de Pahlevi-dynastie lelijk bedrogen. Niet voor niets, zo beweert de prinses, heeft haar broer meerdere keren tegen haar gezegd dat hij zich afvroeg of al zijn tegenstanders niet door de V.S. werden gemanipuleerd. Nog verder met haar beschuldigingen aan het adres van de vroegere Amerikaanse president gaat prinses Ashraf met de wel erg boute bewering dat haar broer nog in leven zou zijn wanneer Jimmy Carter maar positief gereageerd zou hebben op haar brieven om medische hulp voor haar broer. Prinses Ashraf heeft goede hoop op een herstel van de monarchie in haar vaderland. Volgens haar opinie beginnen steeds meer Iraniërs terug te verlangen naar de Pahlevi-dynastie. Portretten van wijlen de sjah schijnen al weer in het Iraanse stadsbeeld op te duiken.

Symbool van eenheid

De door Khomeini en de zijnen veroorzaakte anarchie kan alleen maar de restauratie van de monarchie in Iran begunstigen. Bovendien is de Pahlevidynastie altijd voor Iran het symbool van de nationale eenheid geweest. In ieder geval bereidt de zoon van de sjah zich voor op zijn staatstaak in Iran. Hij is vastbesloten naar zijn vaderland terug te keren. Hoe men ook denken moge over het waarheidsgehalte van de meningen van de Iraanse prinses, één ding is duidelijk: de Pahlevi-dynastie voelt zich zeker niet definitief verslagen en prinses Ashraf is daar een duidelijk voorbeeld van.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.