+ Meer informatie

Wederdopers in Münster: godsrijk Sion hield geen twee jaar stand

In ijzeren kooien stierf een godsdienstwaan

4 minuten leestijd

Wederdopers: zachtaardige volgelingen van een ex-pastoor, Menno Simons? Mensen, die de krijgshandel niet meer willen Ieren, de eed weigeren een stil en gerust leven in godzaligheld en eerbaarheid willen leven? Wederdopers: dolgedraaide en volslagen geestdrijvers, die met eigen hand een zeer aards rijk willen en met veelwijverij; de dictatuur van een aan grootheidswaan lijdende jongeman, die één zijner vrouwen wegens ongehoorzaamheid op slag het hoofd afhakt?

Het waren de Wederdopers, die radicalen die door Calvijn fel werden bestreden, en die in Munster na een kort experiment in bloed en tranen ten onder gingen nadat ze zelf voor zoveel leed hadden gezorgd. Was het massale waanzin, die hen dreef? We kennen in de kerkgeschiedenis meer van zulke op het oog zo onverwachte uitbarstingen. Niet alle zijn ze gewelddadig, want sommige réveil-bewegingen van Middeleeuwen tot Moderne Tijd vertonen juist, een geestelijke omwenteling; niet een die met het wereldlijk zwaard wordt bewerkstelligd.

Martelaars?
In Munster sta en loop ik op en rond de plaatsen, waar althans het „experiment" van de revolutionaire reformateurs onder ,,koning" Jan Beukelszoon van Leiden een even gewelddadig einde nam als het was begonnen. Tot een kijkspel voor het volk, dat in een eeuw van ketterverbrandingen en heksenprocessen dol was op dit soort ruw vermaak, hingen de drie voornaamste Wederdopers, doodgemarteld en rechtop gezet, in ijzeren kooien aan de toren van de stads- en marktkerk van St. Lambertus. Het waren de scherprechter Bernd Knipperdolling, de ,,rijkskanselier" Bernhard Krechting en de koning zelf. Jan van Leiden, die nog maar 27 jaar oud was.

Hing hier, naar Walter Nigg, de tragiek en triomf van het geweten? Of hing hier alleen een uiting van ,,massawaan" met zeer aardse bedoelingen? Anders gezegd: waren Jan, Bernd en Bernhard evengoed martelaars om hun geloof, zoals de eerste slachtoffers in het Gereformeerd belijden: Hendrik Voes, Jan van Essen, Jan de Bakker, of zoals de r.k. martelaren van Gorkum die ook niet veel méér gedaan hadden dan dat ze rooms gebleven waren?

Of dienen we deze leiders der Dopers te zien als een stelletje zeer ongoddelijke en op macht beluste niemand ontziende lieden? Waren zij ten leste nu slachtoffer of waren ze terecht gevonniste dader? Om die vraag draait onze beoordeling en ik erken meteen, dat een tamelijk oppervlakkige kennismaking met deze Munsterse historie niet toereikend is voor een alzijdig afgewogen oordeel.

Dat kan ook niet, want als je staat in de Calvijnse traditie der Hervorming ben je uiteraard bevooroordeeld jegens deze afschuwelijke uitwas. De despotische machtswellust en het brute optreden van Jan van Leiden jegens andersgelovigen wijzen we zonder meer af. Zijn veelwijvig ,,experiment" komt ons meer vleselijk dan geestelijk voor, en zo is er méér te noemen. Kortom: de uiterlijke verschijning van dit nieuwe Godsrijk Sion in Münster kan niet op onze sympathie rekenen.

Maar wat anders is het als we de vraag stellen, of Beukelszoon en die anderen hierbij zich werkelijk geroepen en gedreven wisten op grond van ernstige bestudering der Schriften, ongeacht het feit dat wij hun uitleg als verkeerd van de hand wijzen. Want kijk, als die ,,roeping" van Godswege er in hun eigen ogen werkelijk was, dan dienen we hun daden toch in dat licht te zien. Daardoor worden misdaden nog geen goede werken, maar dan hebben ook deze dwaalgeesten recht op een eerlijke behandeling.

Ik ben geneigd deze gewelddadige Dopers in elk geval het voordeel van de twijfel te geven; was Jan van Leiden toch misschien minder een brute machtswellusting en toch meer vervuld van het „God wil het" dan zijn tegenstanders bij Rome èn de Reformatie toen konden zien? Ik hoop het, maar geloof het niet.

Jan de Profeet
Maar laten we even zien, hoe de Dopersen in Münster verzeilden. De beweging stamt uit Zwitserland; Melchior Hoffmann uit Zwabenland bracht haar naar Nederrijn en de Nederlanden. Het aanvankelijk vreedzame Doperdom kwam ook in Munster, bij kapelaan Rothmann en lakenhandelaar Knipperdolling. Meer revolutionair-gewelddadig werd na 1533 de beweging in Münster mede door bakkersgezel Jan Matthijsen uit Haarlem, die als profeet de wederstrevigen met wapengeweld tot de "ware leer" wilde brengen.

De landheer, bisschop Franz von Waldeck kon er niet veel tegen beginnen. Begin 1534 kwam de partij der dwepers zelfs aan de macht in de stad. Ze verjoegen andersdenkenden met de leuze ,,heruth gy gotlosen. Got wil ein-

vervolg op pag. 4

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.