+ Meer informatie

„Waar liefde woont": over levensheiliging in Efeze

Worsteling nodig tot juiste woord

5 minuten leestijd

KAMPEN — Onder de titel „Waar liefde woont" verscheen bij Kok, Kampen een boekje van drs. W. Verboom, Hervormd predikant te Waddinxveen. Het gaat volgens de ondertitel over de levensheiliging naar de Efeze-brief. En deze levensheiliging, zo schrijft drs. Verboom terecht, vloeit voort uit de liefde. Vandaar de titel.

Dat dit boekje niet alleen uitleg van een deel van de Efeze-brief bevat, is vanzelfsprekend. Want de inhoud van deze brief leent zich bijzonder goed om de gemeente van nu op haar heilige plichten te wijzen.

Aan de hand van een vijftiental teksten laat de schrijver zien, hoe de heiliging van het leven gestalte dient te krijgen. Hij begint met Ef. 3:17: „Opdat Christus door het geloof in uw harten wone en gij in de liefde geworteld en gegrond zijt". En de laatste teksten zijn uit Ef. 6 en handelen over de strijd, die gevoerd moet worden in de wapenrusting Gods en de noodzakelijkheid van het gebed hierbij.

Eenvoudig
Het boekje is eenvoudig en duidelijk geschreven en geeft een goede verklaring van de gekozen teksten. Het is een juiste zaak om op deze wijze een gedeelte van Gods Woord wat meer toegankelijk te maken voor de lezers. En tevens om de toepassing ervan in het hedendaagse gebeuren aan te geven.

Als voorbeeld wil ik graag een gedeelte laten volgen uit de verklaring van Paulus' waarschuwing: „dat U niemand verleide met ijdele woorden"(Ef. 5:6).

Onze tijd is een tijd vol verleiding. Onze tijd toont de trekken van de eindtijd, de tijd van de grote verleiding. Jezus sprak daar al over toen Hij zei: „Want er zullen valse Christussen en valse profeten opstaan en zullen grote tekenen en wonderheden doen, alzo dat ze, indien het mogelijk ware, ook de uitverkorenen zouden verleiden".......

En dan wijst schrijver op de verleiding door hen die de normen van Gods Woord voor huwelijk en dagelijks leven opzij willen zetten. Van hen die de zogenaaamde vrijheid propageren, die in wezen bandeloosheid is. Zo ook van degenen die Gods Woord trachten te verminken door begrippen als schuld en straf er uit te elimineren. Door de vrijheid zo voor te stellen dat abortus en vrije sex geoorloofde zaken zouden zijn. Door de kerk en wat de kerk leert als achterhaald te beschouwen enz. Een waarschuwend woord vooral aan de jeugd gaat ermee gepaard.

Dit voorbeeld zou met vele te vermeerderen zijn.

Toch vragen
Toch komen er al lezend enige vragen op. Juist in het overbrengen van de vermaningen van de apostel is het rechte zicht op de gemeente in het geding. En hiermee samenhangend: het adres van de vermaningen.

De brief aan de Efeziërs vormt uiteraard één geheel. In de eerste hoofdstukken wordt vooral Gods genade-handelen met de gemeente benadrukt. We kunnen zeggen: daar wordt geleerd hoe de Efeziërs rechtvaardig voor God zijn.

De schrijver zelf merkt hierover op: wat een wonder dat God dit heil aan mensen schenkt. Dat is nooit te begrijpen. Dat komt voort uit de verkiezende liefde van God voor verloren mensen. Dat alles heeft Paulus in het eerste deel van zijn brief geschreven. Dan gaat hij over tot het tweede deel. Dat begint bij hoofdstuk 4. Het is alsof Paulus dan tot zijn doel komt.

Het voorgaande was daarvoor nodig. Nu komt hij tot het eigenlijke doel nl. dat hij de gemeente van Efeze oproept tot nieuw leven in overeenstemming met het grote heil waarover hij eerst schreef (van mij, H-P.)

Ongenuanceerd
De vraag die zich nu voordoet is deze: is het juist deze opwekkingen, gericht tot de gemeente, die de verbondsgenade en verbondsbeloften in Christus bezit zo ongenuanceerd tot de gemeente van nu te richten? Laat ik dit met een voorbeeld duidelijk maken. In Ef. 4:1 wordt de gemeente opgeroepen te wandelen: „waardiglijk der roeping met welke geroepen zijt". Dr. Greydanus merkt in de korte verklaring op: „toen God zijn Evangelie U deed verkondigen en daarbij tevens U innerlijk door de krachtige werking Zijns Geestes deed horen en volgen, geloven en aannemen, U opwekkend uit de dood uwer zonden en overplantend in het koninkrijk van de Zoon Zijner liefde". Ook de verklaring van de schrijver komt hiermee overeen.

Op de volgende blz. (14) echter brengt schrijver deze roeping over op het roepen van God tot bekering. Maar het argument dat de inwendige roeping zich voltrekt in de uitwendige roeping kan toch geen grond zijn tussen beide een soort is-gelijkteken te plaatsen? Dat „sommigen" dit onderscheid (uiteraard geen scheiding) aanbrengen wordt mijns inziens te gemakkelijk terzijde gesteld. Laten we niet vergeten, dat Calvijn dit onderscheid sterk benadrukt in zijn Institutie III, 24,8.

Worstelen
Het zal altijd wel een worsteling blijven om in juiste bewoordingen de gemeente aan te spreken. Om hen die Gods genade nog missen en weerstaan, op hun verantwoordelijkheid te wijzen. En daarbij de aanbieding van Gods genade in Christus, de beloften van het Evangelie met bevel van geloof en bekering juist te verwoorden. Daar getuigt ook dit werkje van.

Een wat duidelijker doorklinken van de inhoud van de eerste hoofdstukken van de Efezebrief zou m.i. een evenwichtiger behandeling van de andere tot gevolg hebben gehad. Dat neemt echter niet weg dat er veel rijke lessen in te vinden zijn, die het lezen zullen belonen.

„Waar liefde woont", door drs. W. Verboom, uitgave Kok, Kampen, 1981, prijs fl. 12,90.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.