+ Meer informatie

Lees maar

3 minuten leestijd

Hij Die u roept, is getrouw; Hij zal het ook doen. 1 Thessalonicenzen 5:24

Als in de CGK een kandidaat tot predikant bevestigd wordt, gebeurt dat met handoplegging door de bevestiger, en meestal door meer predikanten. Het is de gewoonte dat elke handoplegger de pas bevestigde dominee een Bijbeltekst meegeeft. Tot de favoriete teksten behoort 1 Thessalonicenzen. 5:24.

Dat is begrijpelijk, want het lijkt alsof Paulus deze tekst speciaal voor deze gelegenheid heeft geschreven. God heeft immers de nieuwe dominee tot zijn dienstwerk geroepen? Dat moet een predikant zich goed blijven realiseren, zeker als het werk zwaar wordt. Maar bovendien moet hij niet vergeten dat God trouw is. Hij houdt zich aan zijn woord, zodat het werk in zijn kracht kan worden verricht. In vertrouwen op de Here mogen dominees, en andere ambtsdragers, in hun ambtswerk bezig zijn, in de overtuiging dat God het eigenlijke werk doet. Dit is een mooie toepassing, maar wel wat vrij.

Paulus schreef deze tekst namelijk niet voor (pas bevestigde) ambtsdragers, maar aan de hele gemeente. In 1 Thessalonicenzen 5:23-24 maakt de apostel erop attent dat hij een belangrijke reden heeft om deze brief aan hen te schrijven. Het gaat God om de heiliging van de gemeente. Bij de wederkomst van onze Here Jezus Christus, moet zijn gemeente onberispelijk zijn. Het hartelijke verlangen van de apostel is dat de God van de vrede hen geheel en al zal heiligen. Die heiliging is dus bovenal een geschenk van God. Dank zij de Here is zijn gemeente volmaakt. Dat onderstreept Paulus in 5:24.

De Here roept u. Als Paulus dat schrijft, heeft hij het niet over de roeping die bekering en geloof moet bewerkstelligen. Dat blijkt uit 1 Thessalonicenzen 4:7. Daar staat: God heeft ons geroepen in heiliging. Daarmee betrekt hij de roeping op een belangrijk aspect van de bekering. In diezelfde lijn laat de apostel in 1 Thessalonicenzen 2:12 horen dat gelovigen geroepen zijn waardig te wandelen voor God, die ons roept tot zijn Koninkrijk. Paulus herhaalt dat in 5:23, en voegt er in 24 aan toe, dat Hij die roept getrouw is en het ook doen zal.

Daarmee grijpt hij ook terug op hoofdstuk 1 waar hij de christenen in Thessalonica onder de aandacht brengt dat zij Gods roepstem hebben vernomen en het Woord van God hebben aangenomen. Daarom is het werkzaam in allen die geloven (2:13). Die werkzaamheid blijkt in de heiliging. Die blijkt bovenal in het werk van de getrouwe God, die zijn werk zal voltooien. Daarom blijft Hij al de zijnen roepen, totdat zijn Koninkrijk is gekomen. Dat Koninkrijk kunnen we alleen geheiligd binnengaan. Daar legt Paulus in deze verzen alle accent op. Maar in 5:24 beklemtoont hij dat zij die Gods roepstem vernemen alles van Hem mogen verwachten. Hij is trouw en maakt zijn werk af. Dat bevrijdt van de gedachte dat wij het zelf moeten maken. Het eigenlijke werk doet de Here. In dat vertrouwen mogen we gemeente van Christus zijn. En kunnen ambtsdragers doen waartoe God hen riep.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.