+ Meer informatie

Een op de zes tieners toont probleemgedrag

CBS: Kerkelijke scholier heeft minder moeilijkheden

3 minuten leestijd

Spijbelen, drugs- en alcoholgebruik en criminele activiteiten zijn voor middelbare scholen bekende problemen. Een op de zes leerlingen laat zich hiermee in. Bij kerkelijke jongeren doen zich minder problemen voor. Dit blijkt uit het Kwartaalschrift Onderwijsstatistieken van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

De scholier die zich alleen schuldig maakt aan het verzuimen van lessen, valt niet onder de groep met "probleemgedrag". Daarvoor moet hij minimaal nog een andere vorm van ongewenst gedrag op zijn naam hebben. Vier van de tien jongeren houden zich keurig aan alle regels. Evenveel dertien- tot zeventienjarigen gaan af en toe niet naar de les waar ze wel hadden moeten zijn, overtreden de wet of gebruiken alcohol of drugs.

Jongens en meisjes lopen met probleemgedrag bijna gelijk op. In de categorie die zich aan geen van de negatieve kenmerken schuldig maakt, komen meisjes wel beter uit de bus: de helft tegenover een derde. Jongens spijbelen namelijk meer dan meisjes. De leeftijd heeft de grootste invloed op het gedrag. Bij dertienjarigen zijn de problemen als een speld in de hooiberg. Vier jaar later valt een derde van de groep onder de "risicojongeren".

Positief

Lid zijn van een kerkgenootschap heeft volgens het CBS positieve invloed op het gedrag van jongeren. Van de scholieren die lid zijn van een kerk, valt 13 procent onder de categorie probleemgedrag. Bij anderen is dit 22 procent. Het CBS heeft niet direct onderzoek gedaan naar de achtergronden hiervan, maar kan wel twee verklaringen geven. ,,Deze jongeren hebben een extra band met de samenleving. Het kan een extra vorm van sociale controle zijn". Verder wijst het CBS op de normen, ,,zoals: gij zult niet stelen, die binnen die groeperingen meer nadruk krijgen en daardoor ook meer doordringen tot de jongeren".

Niet verbazingwekkend is de stelling dat risicoscholieren minder tevreden zijn dan hun klasgenoten. Ze voelen zich vaak ook minder gelukkig. Deze leerlingen liggen twee keer zo vaak overhoop met de ouders. Daar tegenover staat dat hun sociale contacten buiten de familie beter zijn.

Probleemjongeren brengen vaker dan hun leeftijdgenoten hun vrijetijd door in disco's, cafés en snackbars. ,,Dat is niet zo verwonderlijk", stelt het CBS, omdat de manier waarop de tijd wordt ingedeeld sterk afhankelijk is van de leeftijd.

Gescheiden

Uit het jongste Kwartaalschrift Onderwijsstatistieken blijkt ook dat kinderen van gescheiden ouders gemiddeld een lager onderwijsniveau hebben dan die uit een tweeoudergezin. Mannen die zijn opgegroeid bij hun vader of moeder zijn gemiddeld 11,6 jaar naar school of universiteit geweest. De jongens uit een tweeoudergezin genoten echter 12,3 jaar lang onderwijs. Voor vrouwen geldt ongeveer hetzelfde.

Het uit elkaar gaan van hun ouders grijpt diep in in het leven van de kinderen. Bij jongens heeft dit eerder dan bij meisjes tot gevolg dat ze op school slechter presteren. Een mogelijk oorzaak is volgens onderzoeker De Graaf een grotere gevoeligheid voor stress. Andere onderzoeken wijzen op de mogelijke nadelige effecten van de afwezigheid van de vader.

Van de mensen die nu tussen de 18 en 42 jaar zijn en in een eenoudergezin zijn opgegroeid, heeft 36 procent lager, 41 procent middelbaar en 23 hoger onderwijs gevolgd. Voor volwassenen uit tweeoudergezinnen liggen deze percentages op respectievelijk 29, 44 en 28.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.