+ Meer informatie

Stremmingen en scheefgroei in de geloofsopvoeding

12 minuten leestijd

Terreinverkenning

Heeft Joh. Vuyk in het vorige nummer van Ambtelijk Contact vooral de positieve kan ten van de opvoeding in de ontwikkeling van het geloofsleven laten zien, dit keer wil len we ons speciaal tot de negatieve kanten richten. Wat kan er in de opvoeding en vor ming van het jonge leven allemaal fout gaan? Dit spitsen we dan weer nader toe op het opkweken en ontplooien van het dienen van de Here God bij kinderen en jongeren. Waardoor kunnen stremmingen en scheefgroei ontstaan in de godsdienstige opvoeding van onze jeugd, wat dan doorwerkt in soms heel hun verdere leven? Want de opvoeding kan inderdaad afbrekend werken ten aanzien van een gezonde uitwerking van het jonge geloofsleven!

Ook hier moet nog eens onderstreept worden, dat de Here, de God van het verbond, naar zijn Woord middellijk werkt. Natuurlijk kan Hij „met een kromme stok wel een rechte slag slaan” d.i. midden in een slechte opvoeding wat goeds werken voor Hem en zijn dienst, maar dat rechtvaardigt nergens die slechte opvoeding. Het ontslaat ons, ouders en opvoeders, nergens van onze verantwoordelijkheid om het zo goed mogelijk te doen!

Het zou natuurlijk boeiend zijn na te gaan, hoe de geloofsvorming geschiedt in de ver schillende opvoedingskaders of -velden, zoals op school, in de kring van de vriend(innet) jes en door de contacten met andere gezinnen en kinderen in de wijk en de straat - mis schien kan de redactie in aansluiting op deze artikelen daar ook nog eens over laten schrijven! - maar dit keer beperken we ons tot het gezin, „de bakermat van de opvoe ding en vorming” voor heel het jonge leven, zo ook het geloofsleven. Het gezin is wel de kleinste opvoedingseenheid, maar zeker niet de minst belangrijke. Integendeel. Wat thuis bij vader en moeder geleerd wordt òf niet geleerd, blijft zijn stempel drukken en zijn invloed uitoefenen op heel het verdere verloop van het leven.

Wat kan hier nu, aan dit van grote betekenis zijnde begin van de geloofsopvoeding, scheef groeien en scheef getrokken worden?

Hoe ontvangen we ons kind, onze kinderen?

Ik meen dat de grote christen-pedagoog J. Waterink eens gezegd heeft: De opvoeding begint niet pas als de baby in je armen of in je wieg ligt, maar al lang daarvoor, ook waar het het geloof, de verhouding tot God, aangaat! Dat is terecht. Het begint al op het moment, dat de ouders weten dat er nieuw leven op komst is. Eigenlijk moeten we al eerder inzetten, namelijk bij het aangaan van het huwelijk. Gebeurt dat in de vreze des Heren, omvangen door de liefde van Christus en in toewijding aan Hem? Hoe ont vangen en nemen man en vrouw elkaar? Hoe gaan ze met elkaar om en hoe bouwen ze hun huwelijksleven op? Hebben ze zich hier in verkering en verloving christelijk op voorbereid? Want dat alles bepaalt de manier, waarop zij het nieuwe leven begroeten en omringen. Is de verwekking van het nieuwe leven met liefde, gebed en geloof om ringd? Zijn - en hier komen de grote vraagtekens! - de meestal jonge ouders zich dit alles wel voldoende bewust? Zijn ze hier door hùn ouders, onderwijzers en predikanten als hun opvoeders in gezin, school en kerk wel op attent gemaakt? Zijn ze voor hun taak als ouders voldoende geïhstrueerd geworden?

Wordt er in onze gezinnen door de ouders met de jongelui over deze dingen gepraat, wanneer ze verkering krijgen en wanneer het huwelijk zich aankondigt? Ja, wordt hier niet alleen bij uitzondering een keer over gepraat, maar wordt het ook door ouders en ouderen vóórgeleefd! Is het van vader en moeder af te lezen, dat ze de Here Jezus lief hebben, met Hem alles bespreken en met Hem door het leven gaan en dat ze elkaar liefhebben over de breedte en diepte van hun leven?! Er wordt in onze gezinnen vaak over van alles en nog wat gepraat, maar rondom het dienen van God en het concreet beleven van het geloof - als dit geloof er nog is! - hangt menigmaal een hardnekkige stilte. Hoe zullen dan hun kinderen tot gezonde, evenwichtige en rijke geloofsontplooi ing kunnen komen om vandaaruit ook weer hùn kinderen in deze sfeer op te voeden? Soms denk je: waar moeten we beginnen om alles weer in het goede spoor te krijgen en om ouders weer bewust en positief aan het opvoeden te krijgen. Verschillende jonge vaders en moeders vertelden mij daartoe bereid te zijn, maar wie helpt hen daarin. Er bestaan hierover ook nog veel te weinig goede boeken. Ook de hele sfeer en tendens van de huidige maatschappij, met de laksheid die er heerst, is aan het tekort aan opvoe ding voor de opvoeders debet.

Is ons kind, het eerste of het zoveelste, niet welkom en niet van het begin af gedragen in biddende liefdehanden, dan bepaalt dat heel de verdere vorming. Hier kan het al fout gaan!

De eerste levensjaren

In het prille kinderleven wordt het fundament gelegd voor het vervolg. Gebeurt dat niet, doen ouders niets bewust aan opvoeding en vorming, laten ze „Gods water maar over Gods akker” stromen of is de opvoeding naar christelijke normen slecht, soms negatief, wat kan er dan voor goeds uit groeien?

Helemaal niet opvoeden, niet vormen van het kind en het jonge leven, in de zin van „laissez faire” heeft funeste gevolgen, zo de Here God het niet verhoedt in zijn erbar men. Het menselijk leven is nu eenmaal door onze Schepper zo gestructureerd, dat er wat van wordt door opvoeding en vorming. Nalatige ouders bezorgen dan ook hun kin d(eren) het meest erge wat hen kan overkomen. Het jonge leven vraagt om een duide lijke opvoedingsrelatie, het wil gevormd en gericht worden. Het kan niet buiten een door liefde gedragen normatieve vorming. Anders wordt de hele verdere ontplooiing gestremd. En dat geldt ook van het geloofsleven! Wanneer ouders wèl opvoeden, be wust en opzettelijk, dan is het van belang te weten, hóe je dat doet. Het voorbeeld ge ven heeft in heel de opvoedingssituatie een noodzakelijke en ongekende betekenis. Willen ouders dat hun kleinen de Here zullen dienen, dan wil God dat werken door het voorbeeld van de ouders. Als zij zelf niet in liefde en trouw, dagelijks en op hoogtijda gen, met de Here leven, hoe zullen ze dat aan hun kinderen weer doorgegeven krijgen als het mooiste van alles? Bij de doop van onze kleine beloven we toch voor God en voor zijn heilige gemeente, dat we hen zullen onderwijzen en hun een voorbeeld zullen geven van een christelijke levenswandel! Als onze kinderen dit niet van huis uit meekrij gen, waar moeten ze het dan ontvangen? Is het niet een zegen, als ze het bij eigen vader en moeder leren: God lief te hebben, met Jezus wandelen en in zijn dienst te gaan!

Als we als ouders nooit of bij hoge uitzondering, alléén als het moet, met onze kleinen en met de groter wordende kinderen over de Here God praten en er ook zelf niet uit leven, dan doen de kinderen dat ook niet en krijg je een zwijgend geslacht, waaruit je stemmen hoort die zeggen: Wij praten daar nooit over! of: Ik kan dat zo moeilijk on der woorden brengen! en de geloofsontplooiing stagneert. Het vrezen van de Here moet bij ouders en in het gezin geïntegreerd zijn. Er zijn jongeren, die mij zeggen: Ik wou dat vader en moeder met mij ook eens over de Here en het geloof spraken, maar ze hebben dat eigenlijk nog nooit gedaan. Ik noem dat een gesloten opvoedingssituatie inzake het geloofsleven. Vaak komen ouders te laat tot de ontdekking van de gevolgen ervan en zijn dan niet in staat er op eigen kracht verandering in aan te brengen. Maar het heeft zijn remmende invloed al gedaan bij hun kinderen!

Als ouders verder alleen maar afstandelijk - bijna zou ik zeggen: objectief - over de Here onze God en de zaken van Jezus Christus spreken, wat geven ze dan aan hun klei nen mee? Kweken ze daarmee niet het besef, dat God er wel ergens is, maar als een ver re God, een God van beschouwingen, doch wat heeft die met je concrete leven van alle dag te maken? Het gaat echter niet om een God van filosofen, maar om de levende God, de God van Abraham, Izak en Jacob, om de God van mensen van vlees en bloed, tot wie je gaan mag, heel vertrouwelijk, met al je zorgen, vragen, verdriet, angst en zon de. Dàt moeten ouders hun kinderen duidelijk meegeven in de opvoeding.

Als door ouders alleen maar negatief over geloof, christen zijn en kerkelijk leven wordt gepraat, werkt dat door onder de kinderen. Wat voor indruk geeft hun dat? Wat een tweeslachtigheid ook. Er deugt niets van God en zijn gemeente en toch blijven vader en moeder tot Hem bidden en naar de kerk gaan! De negativiteit is het slechtste opvoe dingskader, dat maar te bedenken valt.

Van belang is ook te zien wat voor beeld de ouders van God en Jezus en de Heilige Geest hebben en wat ze aan hun kinderen de eerste levensjaren meegeven. Het is vaak een vertekend en eenzijdig beeld. Als ouders de Here God alleen maar zien als „de lieve Heer”, die geen mens kwaad doet en die alles wel goed vindt òf als de gevreesde Straf rechter, die de knoet al opgeheven houdt, wekt dit bij de kinderen een onbijbelse voor stelling van de Here God. Zo’n voorstelling graaft zich meestal zo diep in in het prille zieleleven, dat het er bijna niet meer uitgaat en de kinderen er later nog onder gebukt gaan. Hoe belangrijk is het toch, dat ouders zelf vanuit de Bijbel God kennen zoals Hij zich daarin geopenbaard heeft en dat zij door een bijbels evenwichtige prediking daarin gevormd worden om dit ook weer aan hun nageslacht door te geven. Als er in de gezin nen wel het één en ander over God gezegd wordt, maar niet over de Here Jezus en over de Heilige Geest of omgekeerd, dan doorbreekt dit de evenwichtigheid van de goede christelijke opvoeding en geloofsvorming. Het kind moet onuitwisbaar in zich meekrij gen het besef: Ik mag naar de Here God toe, Hem mijn leven geven, want Hij is de barmhartige Vader die mij serieus neemt, ook in mijn falen en zondigen. Ik mag de Here Jezus liefhebben omdat Hij zijn grote liefde heeft bewezen in zijn offer aan het kruis tot verzoening van mijn zonden en vernieuwing van mijn leven. Ik mag de Heilige Geest hartelijk en zonder vrees liefhebben, omdat Hij mij al meer zal vormen tot de fijne dienst van Koning Jezus!

Waar de noties van veiligheid, geborgenheid en echtheid in het gezinsleven ontbreken, waar het het omgaan met God betreft, daar ontstaat scheefgroei in het prille geloofs leven der kinderen. Geloof èn christen zijn zijn bij de kinderen ook onafscheidelijk aan elkaar verbonden. Ze vormen voor hen een eenheid. Praten over geloof, over God èn handelen als ongelovige, niet vertrouwelijk omgaan met deze God in het dagelijks le ven, brengt bij kinderen verwarring en schept afstand.

Bij het groter worden

Het is goed als ouders de grotere kinderen bij het dienen van de Here God daad-werk elijk betrekken. Door „doen” leren ze vooral. Het bewerkt openheid, als ze al gauw ook de Bijbel aan tafel mogen lezen. Als ze om beurte hardop mogen bidden. Dat geeft ruimte voor gesprek en voor eigen ontwikkeling en inzet van gegeven gaven. Zo werkt het dienen van God naar twee kanten, want ouders merken zo wat er in hun kinderen omgaat èn kunnen zelfs van hun kleinen nog heel wat leren omtrent de vertrouwelijk heid in het omgaan met de Here enz. Waar dit niet gebeurt, ontbreekt er wel het een en ander. Dat is niet tot bevordering van de ontwikkeling van het geestelijk leven bij onze kinderen. Niet alleen de verhouding tot de Here God, maar ook tot elkaar is in geding. Ook hier is het weer: hoe leven ouders dat aan hun kinderen vóór! Hoe is bij hen het liefhebben van elkaar en hoe dienen zij op concrete wijze de naasten! Dat zien kinde ren. Dat voelen ze aan. Dat zet een stempel op hun handelwijze!

Wat denkt u: als het tussen vader en moeder niet goed zit, dan kan dit een kinderziel levenslang fnuiken. Ouders zijn voor de kinderen ook de vensters voor het omgaan met zichzelf, eigen lichamelijkheid en met de ander(en). Het bepaalt hun beleven van het ontstaan van liefde, het ontdekken van sexualiteit en dienst aan de vriend of vriendin. Wat wordt er een egocentrisch leven aangekweekt in vele gezinnen, waar alles draait om „ik”. Hoe kom ik aan mijn trekken en laat ik de ander daar dienstbaar aan zijn! Hoeveel wordt de plaats en de functie van de sexualiteit scheefgetrokken door de ouders - zij hebben het ook niet beter geleerd of meegekregen! - en dat wordt ook weer in een nieuwe generatie gestopt. Ook het totaal niet bijbrengen van bijbels norm besef en het geloof in de zegen van het zich houden aan de regels van de Here God, mist zijn uitwerking niet. Wat doen we in onze gezinnen aan bijbelse gewetensvorming? Het hoort bij de geloofsopvoeding. Ik laat dan nog buiten beschouwing de sexuele ver wording tot incest toe in gezinnen! De gevolgen werken door tot op hoge leeftijd toe.

Tenslotte

Ik heb de indruk dat er nog veel meer te zeggen zou zijn. Maar het artikel mag niet te lang worden. Ik heb het vermoeden dat er nog andere remmende factoren op te speu ren zouden zijn, maar ik heb het bij de bovenstaande inzet gelaten.

Het is in een negatieve setting geschreven. Dat hangt met het onderwerp samen. De be doeling was om ons attent te maken op de gevaren die hier levensgroot en veelvuldig dreigen.

Te meer hebben we een biddend leven nodig. Samen als ouders en opvoeders zullen we dicht bij onze Heiland moeten blijven om zelf al meer gevormd te worden door Hem tot een evenwichtige ontplooiing van het geloof om zo anderen, in de eerste plaats on ze eigen kinderen, op verantwoorde wijze te vormen.

Er is voor een evenwichtige opvoeding veel wijsheid nodig. De Here weet dat en Hij gaf zijn belofte: Indien iemand van u in wijsheid te kort schiet, dan bidde hij God daarom, die aan allen geeft, eenvoudigweg en zonder verwijt; en zij zal hem gegeven worden (Jac. 1 : 5).

Daar mogen we het mee doen!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.