+ Meer informatie

Sportaccommodaties krijgen subsidie

SGP stond alleen achter Gedeputeerden

4 minuten leestijd

„Eerst zullen wij de financiële consequenties nader uitwerken en deze in een latere vergadering aan u voorleggen", aldus commissaris mr. W. J. Geertsema, voorzitter van de gisteren gehouden vergadering van Provinciale staten van Gelderland. Hij zag zich genoodzaakt tot deze uitspraak, omdat met vrijwel algemene stemmen de motie-Beeker werd aangenomen. Deze motie houdt een voorstel in tot subsidiëring van de bouw van sportzalen en sporthallen, waarmee in totaal 20 miljoen gulden is gemoeid.

In hun. advies hadden GS toepassing van de motie beslist afgeraden. GS meenden dat subsidiëring van dergelijke vaak piaatselijke voorzieningen niet op de weg van de provinciale overheid ligt.

Dat de SGP zich als enige fractie samen met GS tegen de motie keerde was wel een bijzondere gebeurtenis. Deze ongebruikelijke eenstemmigheid veroorzaakte dan ook wel enige hilariteit. Ook de heer G. van Loo (CHU) stemde tegen de motie.

Reeds in de subsidienota van december 1973 had de SGP haar standpunt duidelijk uiteengezet. Men stelde daarin als eerste levensbehoefte: samenleving — werken — wonen. „Subsidies welke worden gegeven voor het mogelijk maken van sport en voorstellingen van toneel en films moeten worden opgeheven. Op de enorme bijdragen van massa-recreatie moet drastisch worden bezuinigd".

WATERBEHEERSING

De kwestie rond het voorstel tot provinciale subsidie in de kosten van de verbeteringswerken van de waterbeheersing in het Winterswijkse bekengebied dreigde een heet hangijzer te worden. De kosten zijn op ruim elf miljoen gulden geschat. Over deze kwestie is al vele malen gesproken, terwijl men een lawine van papier en toelichtingen heeft geproduceerd. Het kernpunt ligt in.de afweging van de ^belangen van landbouw en milieu tegenover elkaar en de kosten en baten van de verbeteringswerken.

Ir. J. Achterstraat lichtte namens de gecombineerde KVP, AR en CHU-fracties in een aan duidelijkheid niets te wensen overlatend betoog zijn standpunt toe. In de uitspraak: „Alleen bij aanwezigheid van een welvarende maar niet verpauperde landbouw kan men verwachten dat het landschap juist in stand wordt gehouden", trachtte hij het juiste verband met milieu te leggen. „De grondgebonden produktie domineert. Dit is uit landschappelijke overweging belangrijk". 
Men pleegde ruim voldoende overleg met betrokkenen vla allerlei inspraakactlviteiten. Liefst acht alternatieve plannen zijn In overweging geweest. „Uitstel is onverantwoord in verband met de landbouwbelangen". De heer H. Frens (SGP) kon zich met deze gedachten verenigen.

MOTIE

Een afwachtende houding werd ingenomen door de fracties van de PvdA en D'66. De motie-De Wit, om de subsidiëring min of meer afhankelijk te stellen van nog te verkrijgen gegevens — hij meende dat er een ernstig tekort aan duidelijke informatie en exacte cijfers zou zijn gegeven van de kosten en baten van de plannen — werd verworpen. Zorg heerste ook dat .een eventuele latere verklaring tot nationaal landschapspark in het gedrang zou komen. Met 42 tegen 15 stemmen werd echter besloten tot subsidiëring.

VEER OCHTEN

Een niet onbelangrijke discussie werd gehouden over de gevolgen van de opheffing van het veer Ochten-Druten. GS stelden voor het veer uiterlijk per 1 april 1975 op te heffen en een bijdrage van maximaal 90 procent te verlenen in de wachtgeldkosten voor het personeel. Opheffing heeft plaats in verband met het medio 1974 gereedkomen van de brug over de Waal bij Tiel en de begin 1976 klaar verwachte brug bij Ewijk.

Dat deze wachtgeldregeling tot 1993 zou kunnen voortduren en vier en een half miljoen gulden kan kosten wilden de staten niet slikken. Een opmerking als: „De principiële verantwoordelijkheid ligt bij de gemeente Tlel", (Frens SGP) was maatgevend voor de gezindheid. „De mensen moeten, terug in actieve dienst", aldus ir. J. Baas (VVD). 
Bovendien was men in het algemeen niet gelukkig met een directe opheffing. „Kijk eerst maar eens hoe het .gaat met de brug" en: „Doe concrete uitspraken over een voetveer", waren veel gehoorde woorden. De suggestie om het veerpersoneel o.a. als tolgaarder in te zetten bij de ene brug, zou nader worden overwogen.

De wachtgeldregeling zal nu tot één januari 19.78 van kracht zijn en daarna zal men de situatie opnieuw bekijken. Dat de meerderheid niets voelde voor een binding op langere termijn kwam tot uitdrukking in het amendement-Baas. De PvdA stemde tegen.

Door het mooie weer kunnen de kinderen nu-al buiten spelen. Zij ^weten dit buitenkansje in deze bijzonder zachte, winter wel te waarderen. Hun moeders overigens ook wel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.