+ Meer informatie

Ziekorger aan het oorlogsfront

Legerpredikant Hoffenan probeert de moed erin te houden

4 minuten leestijd

APELDOORN - „Straks kom ik om door een Iraakse kogel en wat dan? En als ik het wel overleef, waar moet ik dan heen nu mijn vrouw het met een ander houdt?" Met dit soort vragen wordt legerpredikant W. C. Hoffman dagelijks geconfronteerd. Amerikaanse soldaten komen bij Hoffman met hun angsten en zorgen. Het is de taak van de legerpredikant ze weg te nemen.

In de Saoedische woestijn zijn 550 Amerikaanse geestelijken werkzaam voor ongeveer 500.000 militairen. Met het oog op de islamitische gewoonten in Saoedi-Arabië moeten zij wat omzichtig te werk gaan. Volgens richtlijnen van het Pentagon mogen zij de christelijke symbolen niet openlijk tonen. Kerkdiensten mogen alleen op kleine schaal worden gehouden.

Hoffman heeft geen moeite met de restricties. „In het Westen is een kruis het symbool voor het christendom, maar hier in Saoedi-Arabië denkt men bij een kruis aan de kruistochten en daar heeft men minder plezierige herinneringen aan overgehouden. Ze zijn niet zozeer tegen ons christen-zijn. Het is veel meer dat oude angsten bij hen boven komen. Wel, zij zijn ons gastland en dan moeten we hun gevoelens op dit punt respecteren", zo merkt de legerpredikant op in een telefonisch interview.

Opmerkelijk detail: onder de Amerikaanse soldaten zijn ook joden. Voor hen zijn er rabbijnen naar Saoedi-Arabië gestuurd. Levert hun verschijning geen problemen op in het islamitische SaoediArabië? „Zolang ze zich aan de richtlijnen houden niet". Hoffman zelf is overigens een "southern baptist" en komt uit Amarillo, een plaats in de Amerikaanse staat Texas.

Morele bijstand

D£ officiële aanduiding voor een Amerikaanse legerpredikant in Saoedi-Arabië is: "moral support officer", wat zoveel betekent als officier voor het verlenen van morele bijstand. De naam heeft geen nadere uitleg nodig. Wordt Hoffmans hulp vaak ingeroepen? De zielenherder hoeft niet lang na te denken: „Ik arriveerde de I4e januari hier in Saoedi-Arabië. Kort daarop begon de oorlog en kregen we hier de Scud-aanvallen. Tijdens die dagen ben ik bijzonder druk geweest. De jongens waren bang. Ze zaten ineengedoken met het gasmasker op en wachtten op de dingen die kwamen. Sommigen kregen angstaanvallen en die jongens moet je dan als zielzorger zien op te vangen".

Wat zegt u op zulke ogenblikken? „Ik begrijp dat ze bang zijn en zeg dat ook. Ik laat ze hun angsten verwoorden en probeer voor hen open te staan. Zelf ben ik ervan overtuigd -en dat zeg ik ze ook- dat je veilig bent als je weet dat de Heere je op die plaats gebracht heeft. Dat stuk zekerheid, die vrede, tracht ik over te brengen op degenen die bang zijn".

Geen lafaards

De soldaten moeten het doen met deze ietwat 'magere boodschap. Verder doorvragen bij de legerpredikant levert min of meer een herhaling op van het vorige antwoord. „De angst kun je niet altijd wegnemen. Maar toch mag ik zien dat velen vrede hebben gevonden of met hun angsten hebben leren leven. De meesten denken: Laten we doorgaan en doen waarvoor we hier zijn gekomen. Aan het front beginnen ze het wachten beu te worden".

Kan de legerpredikant merken dat de Heere zijn werk zegent? „Ja, heel veel. Het is' geweldig". De informatiedienst van de baptisten in Amerika meldt dat sinds begin augustus „ongeveer 1200 militairen zich hebben bekeerd tot het christelijk geloof. Twaalf soldaten hebben zich in de woestijn laten dopen".

Legerpredikanten dragen geen wapens. Daarmee zijn ze de enige militairen binnen de Amerikaanse strijdkrachten die ongewapend rondlopen. Voor hun persoonlijke veiligheid wordt aan iedere zielzorger een bewapende lijfwacht toegevoegd. Maar dat zegt niet dat „we lafaards zijn". Een legerpredikant blijft bij het onderdeel waarbij hij is ingedeeld. Als die eenheid naar het front optrekt, gaat hij mee. Trekt de eenheid ten strijde, dan volgt hij. Bij de oorlog in Vietnam zijn niet voor niets dertien predikanten om het leven gekomen.

Telefoontjes

Het zijn niet alleen eeuwigheidsvragen, waar de soldaten aan het front mee worstelen. Ds. Hoffman: „In Vietnam en andere oorlogen had je de "Dear John"-brieven, die echtgenotes naar hun man aan het front stuurden en waarin ze schreven dat ze een ander hadden. Nu heb je de "Dear John"-telefoontjes. Zulk soort zaken zijn moeilijk te verwerken en ze komen toch vrij vaak voor: hier zo'n twee tot drie keer per week". Hoe vangt u zulk soort zaken op?

„In dit opzicht is morele bijstand van het thuisfront erg belangrijk. Die wordt ervaren door de pakketten die vanuit de Verenigde Staten naar Saoedi-Arabië worden gestuurd. Daar zit van alles in: koek, snoep, zoutjes enzovoorts. Op Valentijnsdag kregen we brieven van schoolkinderen en onderwijzers, die lieten weten dat ze achter ons staan. Dat zijn dingen die het moraal hoog houden". Maar wat doet u zelf in zulke gevallen, als soldaten weten dat ze bedrogen worden door hun echtgenotes?

„Ik probeer hier de onderlinge band te verstevigen door het vieren van verjaardagen en andere dingen. ledere woensdag of zaterdag is er een gezamenlijke bijeenkomst. Zo worden de soldaten dan op een luchthartige wijze afgeleid van de dood en de problemen thuis. Samen vieren we dan iets en dat geeft de militairen het gevoel dat ze deel uitmaken van een vriendenkring waar ze bij horen".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.