+ Meer informatie

De arbeid onder de keekjeugd

3 minuten leestijd

Op de najaarsclassis in 1971 te Utrecht deelde de kerkeraad van Noordeloos m het verslag bij de rondvraag naar artikel 41 der kerkorde mede, dat hij besloten had niet meer voor het jeugdsteuntonds te collecteren. Er waren toen afgevaardigden van andere gemeenten, die meenden, dat dit niet de juiste weg was. Noordeloos had moeten komen met een instructie, wanneer de kerkeraad meende, dat de arbeid voor de jeugd op een andere wijze moet geschieden.

De Kerkeraad van Noordeloos heeft deze wenk ter harte genomen en kwam op de voorjaarsclassis in 1972 met een instructie, die we hieronder laten volgen:

De Kerkeraad te Noordeloos,

constateert: „dat de inhoud van het christelijke gereformeerde jeugdblad „Tijdsein”, de bondsdagen en de schetsen van de jeugdwerkleider ernstige bedenkingen oproepen”,

spreekt uit: „dat — zeer tot haar leedwezen —, kortom heel de aanpak van ons jeugdwerk zodanig is, dat wij er geen vertrouwen meer in hebben, tenzij een radicale wijziging naar Schrift en Belijdenis plaats zal hebben, hetgeen zij van harte hoopt in biddend opzien tot de Heere”, verzoekt:

„dat de classis zich in gelijke zin zal uitspreken en deze instruktie doorzenden zal naar de P.S. en de G.S.”.

Er was een toelichting bij deze instructie, maar die kunnen we thans niet opnemen. Dat zou te veel ruimte vragen. Als er gelegenheid voor is, hopen we de toelichting later op te nemen.

Ter vergadering bleek, dat er nogal critiek op de instructie was. Er waren verschillende afgevaardigden, die het jeugdwerk en de wijze waarop dat plaats vond verdedigden. Er kwamen echter hoe langer hoe meer bezwaren naar voren. Gewezen werd op de verkeerde geest, waaruit alles opkwam. Een der afgevaardigden stelde het zo, dat de classis wel geroepen was, gezien de vele bezwaren tegen de wijze waarop het jeugdwerk beoefend werd, de instruktie aan te nemen en door te zenden naar de P.S.

De voorzitter van de classis stelde na de bespiekingen voor een commissie te benoemen, die een nader onderzoek zou moeten instellen bij de jeugd-deputaten en bij het bestuur van de bond. De instructie zou dan op de najaarsclassis nader in behandeling kunnen worden genomen.

Uit vrees, dat op deze wijze de instructie niet tot haar recht zou komen, was daar aanvankelijk van de kant van Noordeloos wel enig bezwaar tegen, maar toen duidelijk bleek, dat het er juist om ging meer gegevens te verzamelen om beter over de instructie te kunnen oordelen, besloot de classis met vrij algemene stemmen tot instelling van een commissie ad hoc. De leden werden benoemd: twee predikanten en twee ouderlingen. De commissie kreeg een nauwkeurige opdracht. Zij moet er voor zorgen, dat haar rapport tijdig vóór de najaarclassis aan de kerkeraden kan worden toegezonden.

Met belangstelling zien we naar het rapport uit.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.