+ Meer informatie

Nog eens buurten

10 minuten leestijd

Al een paar keer hebben we in ons blad aandacht gevraagd voor onze ”buren”. Met de naam ”buren” werden toen de bladen aangeduid die een doelstelling hebben die grotendeels overeenkomst met die van ons ”Ambtelijk Contact”, een tijdschrift ”ten dienste van ouderlingen en diakenen”. Het leek de redactie gewenst zo nu en dan eens te signaleren wat er zo al bij deze ”buren” aan de orde is. Het is nu eenmaal kerkelijk een realiteit dat we ”buren” hebben. We kunnen onze ogen ervoor sluiten, doen alsof we ”alleen op de wereld” zijn, op een onbewoond eiland vertoeven - erg romantisch misschien en niet zonder zelfbevrediging en zelfrechtvaardiging - de realiteit is ànders. We hebben als kerken ”buren” die voorzover zijn van reformatorische stijl zijn, er ouderlingen en diakenen op na houden. Ook zij oefenen ”ambtelijk contact” met elkaar door middel van bladen die ”ten dienste” van hen worden uitgegeven. Zo heeft ons ”Ambtelijk Contact” een vijftal ”buren” nl. ”Het diakonaat” (contactblad voor de gereformeerde diaconale arbeid), ”Diakonia” (maandblad ten dienste van het diaconaat in de Nederlandse Hervormde Kerk), ”Ouderlingenblad” (maandblad voor ouderlingen en andere pastorale werkers in de gereformeerde kerken), ”Dienst” (uitgaande van het Comité voor de Centrale Diakonale Conferentie van de Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt) en ”Woord en Dienst” (veertiendaags orgaan voor het hervormde kerkewerk).

In het kader van het ”ten dienst van” wil de redactie U dienen met enige informatie over - gelijk gezegd - wat er zo al bij de ”buren” aan de orde kwam. Meer dan een signaleren kan het niet zijn. Het is niet de bedoeling een regelmatige rubriek op te zetten ”wat andere (buur)-bladen schrijven”. Hoe informatief zo’n rubriek ook kan zijn, het zou te veel van onze - schaarse - ruimte vragen. Daarom willen we min of meer signalerend eens kijken wat er verleden jaar bij de ”buren” passeerde. Door allerlei omstandigheden kan dit artikel pas nu opgenomen worden, nu het lopende jaar bijna voorbij is. We beginnen deze keer met de diaconale bladen. De Ned. Herv. Kerk en de Geref. Kerken kennen nl. speciale bladen voor de diakenen:

Diakonaat en Diakonia.

Wie zo’n hele jaargang achter elkaar leest, komt onder de indruk enerzijds van de bijna wereldwijde activiteit die in diaconaal opzicht wordt ontplooid maar zal anderzijds niet aan de indruk m.i. ontkomen dat een bepaalde eenzijdigheid niet te ontkennen valt. Zou die eenzijdigheid verband houden met het feit dat deze bladen zich specialiseren op het diaconaat? Dat betekent immers een zekere ambtelijke beperking, terwijl menig nummer er blijk van geeft dat het niet meevalt binnen de gestelde ”perken” te blijven. In dat merkwaardige samenspel van eenzijdigheid èn grensoverschijding zijn weliswaar de ouderlingen niet achter de horizon verdwenen (”We zouden veel meer samen kunnen doen” - Wat verwacht de diaken van de ouderling?), zelfs de kerkvoogden niet (”Samenwerking van kerkvoogden en diakenen” - de Vereniging van kerkvoordijen houdt er ook een maandblad op na; onze zèsde buur?), maar overigens lijkt de kerk voor wie alleen deze bladen zou lezen, een diaconaal bedrijf en nauwelijks iets anders.

De horizon van dat bedrijf is trouwens wijd, zeer wijd, multinationaal zou je bijna zeggen. De projectenlijst van het gereformeerde werelddiaconaat vermeldt behalve Noord-Amerika alle werelddelen (met f 20,000,— ”steun voor gezinnen van zwarte Studenten” stond de Theol. School van Hammanskraal er ook op). Verder komt dan dat werelddiaconaat herhaaldelijk ter sprake o.a. in verband met de schending van mensenrechten, hulp aan vrouwen in ontwikkelingslanden, hulp voor waardigheid, gerechtigheid en hoop, bezig-zijn op agrarisch gebied, enz. enz. ”Hoofdlijnen” in dat diaconaat plus ”Werk-schema” voor een werelddiaconaat-zondag leiden tot een uiteenzetting ”Wat u kunt doen in het Wereld-Diakonaat”, met de gemeente van Vries als voorbeeld. Dat landen als Brazihë en Zuid-Afrika dan niet buiten schot blijven, wekt geen verwondering. Een extra nummer stelt ”Overonderontwikkeling” aan de orde, een uitgave van het ”Sekretariaat voor Ontwikkelingssamenwerking van de Gereformeerde Kerken in Nederland”. Het is verleidelijk op zo’n uitgave wat breder in te gaan, daar de hoofdtonen van ”Diakonaat” daarin wel heel sterk naar voren komen. Deze hoofdtonen zijn behoorlijk volgens hedendaagse mode gestemd. Dan gaat het over ”machtsstructuren”, ”nieuwe levensstijl”, ”ontmaskering van de kapitalistische ideologie” enz. enz. Het Evangelie schijnt alleen van betekenis te zijn als het ”vertaald” wordt in bepààlde politieke en sociale activiteiten. ’k Kan me niet onttrekken aan de indruk dat voor verschillende scribenten het marxisme hier bepàlend functioneert. Dat over het algemeen marxisten niet vies zijn van een portie dictatuur ondanks beweerd opkomen voor armen, ontrechten en verdrukten, dat zij wars van het ”groot kapitaal”, de ”multinationals” enz. - U kent het rijtje wel -, de ”kleine man” in bedrijf en zaken wat al te graag dwars zitten, dat zij de afkeer van de ”ondernemingsgewijze produktie” alleen maar laten evenaren door de verblinding voor de ”bureaucraten-gewijze produktie”, dat zij de gretige bemoeizucht met het sociale en economische leven wisselen met een aan normloosheid grenzende vrijheid als het gaat om ethische en culturele waarden, dàt verdwijnt praktisch achter veler horizon! Mogelijk worden opmerkingen als deze gerangschikt onder de etiketterende ”tegenstromen”, maar misschien zou overweging van deze kant van de zaak de geloofwaardigheid ten goed komen -afgedacht van de vraag natuurlijk of dit alles ten dienste van de ”diaconale arbeid” geacht kan worden.

Hiermee wil ik niet zeggen dat er overigens geen artikelen zijn die de diaconale arbeid kunnen dienen. Die zijn er gelukkig ook in de voorliggende jaargangen. ’k Wil een paar onderwerpen noemen: jongerendiaconaat in bejaardencentrum, éénoudergezinnen, overbelaste huisvrouwen, geestelijk gehandicapten (aparte katern), rechtspersoonlijkheid van de diaconieën, verhouding diaconie-bijstand, begeleiding van nieuwe diakenen. Het blad ”Diaconia” dat verschillende artikelsmet ”Het diakonaat” gemeenschappelijk heeft, voegt - iets minder eenzijdig - hieraan nog toe (waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen ”informatie” en ”opinie”): werkloosheid, probleemgezinnen, telefonische hulpdienst, verslaving, huisvestingsnood, stervensbegeleiding, opvang van vluchtelingen, kernbewapening, rassisme, prioriteiten voor een diaconie, diaconaal takenpakket enz. Ook dit blad heeft een wijde horizon: van Soest, Utrecht en de Achterhoek tot België, Israël (Nes Ammim), Suriname en — allicht — Zuid-Afrika. Er wordt veel, heel veel wetenswaardigs geboden in deze diaconale bladen.

Aan de ene kant treft de nauwelijks ingehouden vreugde bij vele schrijvers bezig te zijn in ”diaconale dienst” - hoe pleonastisch deze uitdrukking ook moge zijn. Anderzijds roept het voortdurend bewust gehouden besef van het gelijk aan z’n kant te hebben, tòch wel op de goede weg te zijn, vragen op naar het wèzen van die dienst. ”Verbeter de wereld, maar begin bij je zelf” - een oud gezegde, maar toch wel actueel! En de kèrk moet dan m.i. toch nog wel iets mèèr zeggen!

Ouderlingenblad.

Alleen de Geref. Kerken kennen een speciaal blad voor ”ouderlingen en andere pastorale werkers”, in 1977 al 54 jaar! Ook deze jaargang biedt uitstekende artikelen. Verschillende themanummers zijn verschenen: Het gebed, Geloofservaring en leeftijd, Tucht — omzien naar elkaar, Wat wordt er van de ouderling verwacht? Zo breed als we op de diaconale bladen zijn ingegaan, kan ’t niet ten aanzien van dit blad. De geest die in eerst genoemde bladen werd gesignaleerd, is niet helemaal afwezig, maar komt in elk geval niet zo sterk naar voren. Dat maakt het me iets gemakkelijker de verleiding te weerstaan breed te gaan citeren. Enkele artikelen die m’n aandacht trokken wil ik noemen: Geloven vragenderwijs (over het Credo), Zwijgen in en random het pastoraat, Onderlinge tucht (is: onderlinge liefde!!), Catechisanten als ”stagiaires”, Ingrijpende plaatselijke Meningsverschillen (verschijnsel van de pluraliteit), Praktijk-situatie in een één-ouder-gezin, Pastoraat aan zieken, Zorg aan ouders van verstandelijk gehandicapten, Eigen geaardheid en samenstelling der synode (synode als ”hoogste orgaan” in strijd met wezenlijke karakter van de kerken), Alkoholisten: zondaars of zieken? ”Je ziet hier nooit een dominee” (tijdsbesteding van predikanten). Ook de reeds genoemde themanummers bevatten menig artikel dat de moeite waard is, waarbij ook nog genoemd kan worden een nummer dat vooral over de jongeren gaat (studerende jongen, werkende jongeren enz.). Hier ligt waardevol materiaal opgetast, ook al is het mogelijk èn gewenst hier en daar vraagtekens te plaatsen. Ik denk aan het themanummer over de tucht waarin de spanningen rondom de autonomie van de mens, de ”zelfwettelijkheid” als het gaat om Gods Woord, de confessie, de kerkorde voelbaar zijn, al wordt het niet uitdrukkelijk onder woorden gebracht.

Dienst.

Een blad voor ouderlingen èn diakenen! Ook uitgegeven door een conferentiecomité. Vermeld dient nog te worden dat het 6de nummer van de 24ste jaargang als brochure werd uitgegeven: ”Handreiking aan de diaken”, waarin grondig en principieel als in de vrijgemaakte kring gebruikelijk, gehandeld wordt over ”Het diakonaat in de Heilige Schrift”, ”De geschiedenis van het diakonaat”, ”Hulp voor de helpers” en ”Het nieuwe formulier voor de bevestiging van diakenen”. Vergelijking met de reeds genoemde specifiek diaconale bladen doet ontdekken dat het klimaat waarin deze ”handreiking” wordt verleend weihaast diametraal verschilt van dat van die bladen. Hìer geen woord over ”werelddiaconaat” c.a. Dáár geen enkele moeite met ”staatshulp” (A.B.W. etc.). Dat de ambtsdragers van ”Diakonaat” en ”Dienst” zo’n veertig jaar geleden nog samen in één kerkgemeenschap hun diaconaat en dienst vervulden, lijkt haast onvoorstelbaar! Toch telt het comité dat ”Dienst” uitgeeft, zonder blikken of blozen de reeks conferenties door (in 1977 werd de 85ste gehouden, d.w.z. niet zoals een argeloos lezer zou denken, sinds de ”Vrijmaking”, maar sinds 1887) als was er niets gebeurd! Artikelen in de jaargang-1977 die de moeite waard zijn hier te vermelden, zijn de volgende: ”De ambtsdrager en het groeiend maatschappelijk werk”, ”Ambtelijke arbeid en maatschappelijk werk” (interne discussie: de maatschappelijk werker is de ”caricatuur-ambtsdrager van de wereld” tegenover ”die de gaven en schatten van Christus uitreiken als hulp aan de in maatschappelijke nood verkerenden” — !!!), ”Zielszorg aan bejaarden”, ”De ambtelijke bearbeiding van de gehandicapten”, ”De echtscheiding in het beleid van de kerkeraad en het pastoraat”, ”Huisbezoek in de praktijk” (alle kerkewerk is ten principale dienst, dienst en nog eens dienst - ”twee aan twee” op bezoek, één is mogelijk ”tussen de officiële huisbezoeken door” terwille van de vertrouwelijkheid, maar ”het getuigenis van twee is krachtiger”), ”Tucht over doopleden”, ”Ambt en evangelisatie”, ”Preeklezen en leespreken” (leesbaarheid houdt verband met opleiding, geloofsovertuiging, maar ook met bladspiegel, lettertype, woordkeus enz. — aan toe te voegen zou zijn: doordacht gebruik van lééstekens), ”Ik geloof in de wederopstanding des vleses”.

Woord & Dienst,

Het meest frequent verschonende blad in onze ”buurt”, alleen een beetje verder weg, omdat ’t geen specifiek ambtsdragersblad is, al wil het wel allereerst kerkeraadsleden dienen.

Er zouden vele, vele lezenswaardige artikelen genoemd kunnen worden. Het naarvorenhalen van het ene artikel kan tekortdoen betekenen jegens het andere — dat geldt trouwens ook onze andere ”buren”! Maar bij een overvloed als in ”Woord & Dienst” wordt geboden, versterkt zich het gevaar van het subjectieve bij de keus van de te noemen artikelen, die variëren van ”In memoriam” en synode verslagen tot themanummers als ”Openbare Belijdenis” en ”Briefwisseling over sexualiteit” en een rubriek ”Stagnatie in de oecumene?” naast één over ”Ethische vragen” (o.a. over belastingontduiking) en over ”Zomaar een gemeente” (de zendingskerk in Ermelo, over Almere-Haven, Ede enz.). Het ”klimaat” van dit blad is overigens nogal wisselvailig, van zwaar- tot lichtbewolkt, overwegend echter naar het laatste!

Zo hebben we weer eens ”gebuurt”. ’t Kostte wel tijd — dat is ”buurten” waarschijnlijk eigen. Maar ’t was wel boeiend en leerzaam. ’k Hoop dat ik van die laatste ervaring U iets heb doorgegeven!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.