+ Meer informatie

De regeling van ons KERKELIJK LEVEN

3 minuten leestijd

(42)

({2) Art. 84 der D.K.O. luidt: „Geen Kerk zal over andere Kerken, geen Dienaar over andere Dienaren, geen Ouderling of Diaken over andere Ouderlingen of Diakenen enige heerschappij voeren."

Dit artikel is ontleend aan de Franse Kerkenorde, opgesteld door de eerste synode te Parijs in 1559 en stelde zich daarin tegenover de Roomse hiërarchie. Het convent te Wezel (1568) nam dit beginsel over nl. dat de ambtsdragers geen heerschappij mogen voeren over elkander en dat een classis en een synode niet mogen beschouwd worden als een soort hoger bestuur over de kerken. De Hollandse kerken hadden aanvankelijk nogal bezwaar tegen het samenkomen ener synode. Zij waren bevreesd, dat de plaatselijke vrijheid der kerken zou worden aangetast. Toen de eerste synode in 1571 te Embden samenkwam, nam zij het bovengenoemde artikel als eerste in haar acta op, om daarmee uit te spreken, dat het niet ging om heerschappij te voeren, maar om onderling verband te oefenen.

De synode te Dordrecht (1578) nam dit artikel over, doch plaatste het aan het eind als laatste artikel. Na een kleine wijziging op de synode te Middelburg is het blijven gelden tot nu toe.

Kennelijk is dit artikel opgenomen tegenover de hiërarchie van Rome en tegenover Rome om de zelfstandigheid der plaatselijke kerken en haar recht van reformatie te handhaven.

De noodzakelijkheid van reformatie werd door Rome nog wel erkend, mits zij uitging van Rome als moederkerk en van de paus als opperste bisschop; dus van boven af. De reformatoren zagen het gevaar. Indien dit zo zou blijven, dat de ene kerk over de andere kerk en de ene bisschop over de andere bisschop heerschappij voerde, zou hiermee de reformatie in beginsel veroordeeld zijn. De reformatoren toonden aan dat de hiërarchie in strijd was met Gods Woord en in de oude christelijke kerk niet bestond. Vandaar dat zij in dit artikel het beginsel der hiërarchie veroordeelden. Trigland schrijft in zijn: „Kerckelijcke Geschiedenissen", dat de synode het artikel „alzo gesteld heeft om de gruwelijke opperhoofdigheid van de roomse Paus" in de Gereformeerde kerken te mijden.

Mag dit artikel nu gebruikt worden om het gezag der meerdere vergaderingen te bestrijden? Er staat toch: „Geen kerk zal over andere kerken enige heerschappij voeren"? Voetius weerlegt dit door de opmerking, dat het artikel zich niet richt tegen de wettig gehouden synoden, maar tegen de Roomse hiërarchie. Het in dit artikel uitgesproken beginsel is, dat er gelijkheid zal zijn tussen de ambtsdragers in de kerkeraad. Doch deze ambtsdragers brengen gezamenlijk hun macht samen in de kerkeraad en onderwerpen zich vrijwillig aan de bindende besluiten van de kerkeraad.

Zo is het ook met de kerken. Elke plaatselijke kerk heeft haar eigen zelfstandigheid. Doch de kerken brengen vrijwillig haar gezag samen in classen en synoden en nemen daar gezamenlijk bindende besluiten, waaraan de plaatselijke kerken zich vrijwillig onderwerpen. Beroep op een meerdere vergadering blijft natuurlijk mogelijk, dus op classis of synode.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.